Categorie archief: Tsjechië

Tsjechië – recepten uit de keuken van Tsjechië – gerechten uit Tsjechië – de Tsjechische keuken

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Katův šleh
Beulszweep

Dit is typisch zo’n gerechtje dat wordt geserveerd in café‘s en het soort eenvoudige eetgelegenheden waar het vloeibare prevaleert boven het vaste. Pittig gekruide reepjes varkensvlees, razendsnel op hoog vuur gebakken samen met uien en knapperige reepjes paprika in een sausje van augurken, worcestersaus en ketchup. Het wordt dan gewoonlijk opgediend met brood, maar als je het thuis maakt zou je er ook pasta of rijst bij kunnen geven. Een eenvoudig, snel te maken gerecht wat je maakt voor een habbekrats maar dat desalniettemin uitstekend smaakt.

Enneuh… waar de naam vandaan komt? Waarschijnlijk is het de aanblik die dit gerecht biedt dat misschien lijkt op wat er van het slachtoffer over is als de beul… nou ja… geen details, maar de Tsjechische keuken kent meer gerechtjes met dit soort lollige namen, zoals drenkelingen, doodskisten, Moravische mussen, oren uit Štramberk en wat dies meer zij.

Beulszweep

We hebben nodig:
500 gr. varkensvlees (b.v. hamlappen)
100 gr. augurken
3 tenen knoflook
1 gele paprika
1 of 2 Spaanse pepertjes
1 grote ui
worcestersaus
ketchup
peper en zout
olie

Het vlees snij je in niet al te dunne repen. De uien snipper je, de augurken snij je in schijfjes en de paprika in reepjes. De pepertjes ontdoe je van de zaadlijsten en snij je in heel dunne reepjes.

Verhit een paar el. olie in een pan en bak daarin op hoog vuur het vlees al omscheppend rondom bruin. Na een minuut of vijf gaan er uien, reepjes paprika en pepertjes bij. Rasp er de tenen knoflook boven op een fijne rasp. Bak het nog eens vijf minuten onder regelmatig omscheppen tot het vlees gaar is. Doe er tot slot de augurken, een scheut worcestersaus en een paar royale scheuten ketchup bij. Warm het allemaal even goed door en zet het op tafel met b.v. wat lekker knapperig brood.

 

Beulszweep
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Rakvičky
Doodskistjes

Rakvičky zijn langwerpige gebakjes, een beetje te vergelijken met éclairs, maar dan rechthoekig. Ze lijken op doodskisten en dat is ook de letterlijke vertaling van de naam: doodskistjes. Tsjechische humor zullen we maar zeggen. Normaal gesproken worden ze bedekt met een dikke dot slagroom, soms worden ze ook nog eens gevuld met walnoten, jam of honing. Vers fruit zoals aardbeien of abrikozen, dat past er ook uitstekend bij.

Rakvičky maak je met een deeg van eierdooiers, suiker en een beetje bloem in speciaal daarvoor gemaakte, rechthoekige vormpjes van zo’n 11 x 3 cm. en 1½ cm. diep. Op internet te koop voor een habbekrats, maar daarvoor moet je wel op .cz of .sk zijn. Geen nood: met ieder ander vormpje, rechthoekig, vierkant of rond gaat het net zo goed, zolang ze maar niet te diep zijn. Of het dan nog doodskistjes mogen heten, dat is punt twee.

En dan hebben we altijd nog plan B: zonder vormpjes, maar simpelweg op een stuk bakpapier de oven in. Dan zien ze er misschien niet zo netjes uit, maar ze smaken er niet minder om.

Doodskistjes

We hebben nodig:
300 gr. poedersuiker
5 eierdooiers
1 tl. natriumbicarbonaat (dubbelkoolzure soda of baking soda)
3 el. bloem
boter

Begin de avond van tevoren. Klop de 5 eierdooiers stijf met de helft van de poedersuiker en een theelepel natriumbicarbonaat. Daar ben je zeker 20 minuten mee bezig, dus even doorzetten. Zet het afgedekt in de koelkast.

De volgende dag meng je de rest van de suiker met de bloem. Dat gaat bij de geklopte dooiers. Kneed er met je handen een glad deeg van. Bestuif een werkblad met wat bloem. Rol het deeg uit tot een lap van 3mm. dikte. Daaruit snij je met een mesje repen van 8 x 1½ cm. Die doe je in met boter ingevette rakvičky-vormpjes. Geen vormpjes? Bekleed dan een bakplaat met bakpapier. Daar leg je de reepjes deeg op. Schuif ze in een op 180°C. voorverwarmde oven. Na 5 minuten verlaag je de temperatuur naar 160°C. Laat ze bakken tot ze heel lichtjes bruin kleuren. Let op: zeker de eerste 5 minuten de deur van de oven beslist niet open doen, want dan zakken je doodskistjes in.

Laat ze afkoelen, haal ze daarna pas uit de vormpjes en druk ze met je vinger van boven in (ze zijn hol). Vul de ruimte met flink veel slagroom. Je kunt de slagroom er ook gewoon overheen spuiten. Leg er evt. nog een paar halve aardbeien of ander fruit op.

 

Doodskistjes
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Smažený sýr
Gebakken kaas

Tsjechischer dan Tsjechisch is het, deze smažený sýr oftewel gebakken kaas. Het is een caloriebom van de allerhoogste slagkracht die graag wordt gegeten tijdens of na het café-bezoek, maar ook als lunchgerecht zeer populair is. Zo populair zelfs dat ze er een koosnaampje voor hebben: smazak. Geen zichzelf respecterend Tsjechisch eethuis of het staat er op de kaart. Je eet het met aardappelpuree, tartaarsaus en een paar augurken. Frieten en een frisse salade, dat mag natuurlijk ook.

Gebakken kaas

jonge kaas
1 ei
1 el. melk
2 el. bloem
paneermeel
frituurvet

De procedure is uiterst eenvoudig: je snijd een plak kaas af van -laten we zeggen- 8 x 10 cm. en zo’n 1½ cm. dik.

Het ei klop je los met de melk. Meng er geleidelijk de bloem door tot je een dik beslag hebt, iets dikker dan dat voor pannenkoeken. Daar haal je de kaas door en vervolgens door het paneermeel. Herhaal dat een keer, want de paneerkoek moet goed gesloten zijn, anders loopt al je kaas straks door de olie heen.

Verhit een laagje van minstens 1 cm. olie in een koekenpan. Zorg dat het echt heet is (test met een stukje brood: dat moet meteen bruin kleuren), leg er de kaas in en bak hem aan beide kanten goudbruin. Laat even uitlekken op keukenpapier en serveer meteen, met een partje citroen, aardappelpuree of frietjes en een paar augurken. Tartaarsaus is er lekker bij.

 

Gebakken kaas
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Cerný kuba
“risotto” van gort en paddenstoelen

Op kerstavond, de laatste dag van wat in vroeger tijden de vastenperiode vóór Kerstmis was, verschijnt al sinds mensenheugenis in heel Centraal-Europa een karper op tafel, want vlees is op vastendagen -uiteraard- uit den boze. In de Tsjechische Republiek is dat niet anders, maar in Bohemen hebben ze nog een ander vleesloos gerechtje voor op kerstavond: cerný kuba, oftewel zwarte kuba. Deze brij -of, smakelijker uitgedrukt, “risotto”- van gort en paddenstoelen werd vooral in vroeger tijden nog veel gegeten, maar is tegenwoordig een beetje in onbruik geraakt. Dat zal wellicht te maken hebben met de gelukkige omstandigheid dat zo ongeveer iedere familie zich vandaag de dag wel een malse, vette karper kan veroorloven. In de dagen van weleer was een kerstavond zonder dit gerechtje echter ondenkbaar.

Het eten van een brij van granen op feestdagen is een oud Slavisch gebruik. Het gaat terug op voorchristelijke tijden, toen een gerecht van ongebroken graan in de godsdienstige rituelen van de Slavische volkeren een belangrijke plaats innam. Het werd gegeten bij feesten en rituelen die te maken hadden met dood en wedergeboorte, waarbij het graan -het zaad met haar kiemkracht- symbool stond voor de hernieuwing van het leven. Overblijfselen van dat gebruik zijn nog te vinden in veel Slavische landen, bijvoorbeeld in Servië, waar op hoogtijdagen het eten van een zoete graanbrij, koljivo, nog steeds in ere wordt gehouden. Deze cerný kuba, juist omdat ze op kerstavond werd gegeten, zou ook zomaar eens haar oorsprong gehad kunnen hebben in dat oude Slavische rituele gerecht.

Voor dit vegetarische gerechtje gebruik je gort. Dat is gepelde gerst. Het velletje (kaf) rond de korrel is namelijk onverteerbaar voor ons, daarom moeten granen altijd gepeld worden. In plaats van gort kun je evt. ook boekweit gebruiken. Dat is vanwege de nootachtige smaak misschien nog wel lekkerder. De gort wordt eerst gekookt, daarna met uien en paddenstoelen nog eens gebakken in de oven. Het resultaat is -of zou moeten zijn- een vrij stevige, min of meer samenhangende massa. Het woord risotto is daarom eigenlijk niet zo’n beste vertaling, maar als er iemand suggesties heeft voor een betere, dan houden we ons aanbevolen.

Zwarte kuba

we hebben nodig:
7½ dl. water
300 gr. gort (of boekweit)
60 gr. boter*
30 gr. gedroogde paddenstoelen**
3 tenen knoflook
1 ui
majoraan
peper en zout
gemalen karwij

*vaak wordt in recepten ook varkensreuzel of ganzenvet voorgeschreven, soms wordt er zelfs varkensvlees toegevoegd, maar het is niet erg waarschijnlijk dat dat oorspronkelijk op een vastendag als kerstavond gegeten werd.
**Eind december is er in de bossen geen paddenstoel meer te vinden. Maak je dit gerecht wat vroeger in het jaar, dan neem je beter verse wilde paddenstoelen.

Deze zwarte kuba maak je zo:
Week de gedroogde paddenstoelen in wat lauw water. Spoel de gort schoon onder water en laat ze goed uitlekken.

Snipper de ui en bak ze in wat vet tot ze glazig is. Doe er de gort bij en laat het even al omscheppend roosteren. Doe er dan het water bij, breng het aan de kook, kruid het met een snuf zout en laat de gort met een deksel op de pan koken tot het zacht is.

De geweekte paddenstoelen zeef je, spoel je nog eens af en roer je dan door de gort. Rasp er de knoflook boven en kruid het met majoraan, karwij en peper en zout. Vet een ovenschaal in. Schep daar de hele handel in over en schuif het in een op 180°C. voorverwarmde oven. Laat het een half uurtje bakken.

Leg voor het serveren wat dunne plakjes boter op de kuba, dan wordt het gerecht nog wat smeuïger en smakelijker.

Vrolijk Kerstfeest! – Veselé Vánoce!

 

Zwarte kuba
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Sladké kremrole
Zoete roomhoorns

Deze roomhoorns zijn een geliefde lekkernij in Tsjechië. Ze worden gemaakt door repen deeg rond metalen of glazen buisjes te wikkelen, ongeveer zo groot als een huis-tuin-en-keuken-knakworstje, die vervolgens worden gebakken in de oven. Inderdaad: precies als trdelník, maar dan een heel stuk kleiner. De rolletjes worden gevuld met een romige vulling van opgeklopt eiwit en suiker en bestrooid met poedersuiker. Voor dit recept gebruiken we 4 eieren: de dooiers voor het deeg en de eiwitten voor de vulling.

Zoete roomhoorns

voor het deeg van deze roomhoorns hebben we nodig:
1 eierdooier
1 dl. crème fraîche
350 gr. bloem
250 gr. boter
3 eierdooiers
boter om de buisjes in te vetten

en voor de vulling:
200 gr. suiker
4 eiwitten

Zeef de bloem boven een kom. De boter haal je recht uit de koelkast en rasp je boven de bloem. Meng het met de eierdooier, de azijn en het ijswater. Kneed er een deeg van, dek het af met folie en zet het twee uur in de koelkast.

Na de twee uur rol je het deeg uit op een werkblad tot een dunne lap. Snij het in repen van 2 cm. breed. De buizen vet je in met boter. Wikkel er de repen deeg rond, maar zo dat ze elkaar net een klein stukje overlappen. Klop de resterende 3 eierdooiers los met een heel klein scheutje water. Daarmee bestrijk je het deeg. Leg de rollen op een met bakpapier beklede plaat en bak ze in een op 180ºC. voorverwarmde oven in 15 tot 20 minuten gaar en goudbruin. Laat ze helemaal afkoelen en haal ze van de buisjes.

Voor de vulling klop je de eiwitten stijf in een kom. Zet die kom in een grotere pan met water op het vuur. Houd het water tegen de kook aan, maar pas op dat het niet kookt. Klop er dan beetje voor beetje de suiker door tot je een stevige, romige massa hebt. Koel het snel in een bak met ijswater. Wacht tot het spul helemaal is afgekoeld voor je er de buisjes mee vult. Voor het serveren bestrooi je de roomhoorntjes lichtjes met poedersuiker.

 

Zoete roomhoorns
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Pečené vepřové koleno
Gebraden varkensknie, a.k.a. Schweinshaxe, a.k.a. Eisbein

Een varkensknie, daar bedoelen we het stuk been tussen het knie- en het spronggewricht mee: bot, vlees, vet, huid met alles erop en eraan. In Nederland wordt het ook “hips” genoemd, maar we kennen het natuurlijk allemaal als het Duitse “Eisbein” of “Haxe”.

Wie van de twee nu eigenlijk het eerst op het idee kwam om een gebraden varkensknie op tafel te zetten: de Bohemers met hun vepřové koleno of de Beieren met hun Schweinshaxe? We zullen het wel nooit weten. Wat we wel weten is dat je dit heerlijks wegspoelt met bier, en bier brouwen kunnen ze, aan beide zijden van de grens. Natuurlijk vinden de Tsjechen dat zij het beste bier ter wereld brouwen, net als de Duisters dat van hún bier vinden. Wij gaan hierover niet in discussie, dus met welk bier er gespoeld moet worden zoekt u maar mooi zelf uit. Ondertussen eet je je vepřové koleno met knedlíky en zuurkool of, in het geval je het een Schweinshaxe of Eisbein wil noemen, met aardappelen en zuurkool. Brood, dat mag ook.

Wil het vlees zo zacht en mals worden dat het zo ongeveer van het bot af valt, dan moet het lang en langzaam garen. Hoe langer hoe beter, dus op een lage oventemperatuur. In de laatste fase wordt de temperatuur flink verhoogd zodat we toch die fraaie, goudbruine, knapperige korst krijgen. Sommige recepten vinden dat je het vlees eerst gaar moet koken. Het risico dat het op een taaie bedoening uitloopt wordt dan weliswaar beperkt, maar daar staat dan weer tegenover dat het vlees door het koken beduidend aan smaak verliest. In dit Tsjechische recept gaat het Eisbein eerst een nacht in de marinade, zodat de smaken van de kruiden goed door het vlees kunnen trekken. de volgende dag gaat het de oven in, urenlang op een lage temperatuur, waarbij het vet smeltend door het vlees trekt, en pas het laatste half uur mag het in een flike hitte nog eventjes een mooi kleurtje krijgen.

Vepřové koleno

Per persoon neem je 1 varkensknie

en verder:

1 bol (8 – 10 tenen) knoflook
8 el. mosterd
zout en peper
2 tl. gemalen karwij
1 tl. zoet paprikapoeder

2 uien
6 pimentkorrels
3 – 4 laurierbladeren
1 snuf majoraan
½ l. zwart bier
brood om te binden

Om te beginnen snij je met een scherp mes in de huid van de knie diagonaal een ruitpatroon. Vul de inkepingen met een mengsel van mosterd, zout, peper, gemalen karwij, paprikapoeder en geraspte knoflook. Leg het vlees in een bakblik, zet het in de koelkast en laat het minstens een paar uur, maar veel beter nog een hele nacht marineren.

Verwarm de oven voor op 120°C.

Haal je varkensknie uit de koelkast en leg het in een braadslee. Strooi er de fijn gesnipperde uien, de pimentkorrels, de laurierbladeren en wat majoraan over en giet er het bier overheen. Nu gaat het de oven in, 3 uur lang. Ga ondertussen rustig iets anders doen.

Na de drie uur leg je het vlees op een rooster boven een bakblik of iets waar het braadvocht in opgevangen wordt. Laat het nu nog eens een uur braden, maar bedruip het vlees nu ieder kwartier met het braadvocht.

Na het uur verhoog je de temperatuur naar 220°C. Braad het vlees in een half uur mooi goudbruin, waarbij je het geregeld met het braadvocht bedruipt.

Zet de deur van de oven nu open en verlaag de temperatuur naar 50°C. Het bakblik haal je eruit. Als de oven wat is afgekoeld doe je de deur dicht. Het vlees kan zo rusten zonder dat het al te veel afkoelt.

Zet het bakblik op het gasfornuis. Doe er een scheut water bij en roer daarmee de aanbaksels los. Zeef het vocht boven een steelpannetje. Meng er wat verkruimeld brood door om de saus te binden. Eventueel met een blender fijn maken.

Serveer de varkensknie met knedlíky en zuurkool of -als je wat minder hongerig bent- met een paar sneden stevig brood of topinky, geraspte mierikswortel en wat tafelzuur zoals augurken en pepertjes. In beide gevallen spoel je het zaakje weg met een ferme pot bier. Dat helpt om het vet af te breken, aldus een veelgehoord excuus.

 

Vepřové koleno
download dit recept

Tsjechische recepten       Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Černé duše
Zwarte ziel

Ook in Tsjechië wordt Sinterklaas, Svatý Mikuláš, gevierd, zij het op een iets andere manier dan bij ons. De Goedheiligman gaat hier niet te paard en vergezeld van zijn trouwe Pietermanknecht, maar met de benenwagen en in het gezelschap van een engel en een duivel. De ene wit en de andere zwart, dat spreekt voor zich. Die duivel heeft (en dat kennen we dan weer wel) een grote jute zak bij zich waar de stoute kindertjes in verdwijnen. Want stoute kindertjes, die hebben zwarte zieltjes. De brave kindertjes, die kríjgen zwarte zieltjes: koekjes vol met bruine suiker en chocolade.

Zwarte zieltjes

Voor een hele schaal vol zwarte zieltjes hebben we nodig:
250 gr. bloem
250 gr. basterdsuiker
125 gr. fijngehakte chocolade
50 gr. boter
3 eieren
1 tl. gemalen kruidnagel
1 tl. fijn geraspte citroenschil

Laat de boter smelten en meng het met alle andere ingrediënten. Rol het op een met wat bloem bestoven werkblad uit tot een dunne lap en snij of steek er driehoeken, cirkels, sterren of andere vormen uit.
Verwarm de oven voor op 180°C. Leg de koekjes op een met bakpapier beklede plaat en schuif ze in de oven. Lekker laten bakken tot ze mooi bruin zijn en de hele keuken geurt naar het heerlijk avondje.

Zwarte zieltjes

 

Zwarte zieltjes
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Černohorský rezeň
Montenegrijnse schnitzel

Nee. In Montenegro hebben ze er nog nooit van gehoord, en ook voor het overige heeft deze schnitzel niets met het fraaie staatje aan de Adriatische Zee van doen. Een Montenegrijnse schnitzel is volgens de Tsjechen een schnitzel van varkensvlees die in een jasje van aardappelbeslag wordt gefrituurd en wordt geserveerd met een grote berg geraspte kaas erop. Misschien dat die berg kaas op de goudbruine homp vlees bij de bedenker van dit fraais associaties heeft opgeroepen met zwarte bergen (Černá Hora/Montenegro betekent “zwarte berg”), maar dat is een wilde gok. Lekker, dat is het wel. Deze schnitzel wordt gewoonlijk geserveerd óf met frietjes en tartaarsaus, óf met aardappelpuree en een paar augurken.

Schnitzel in aardappelbeslag

4 grote varkensschnitzels
zout en peper
1 dl. melk
120 gr. bloem
2 middelgrote aardappelen
2 eieren
2 tenen knoflook
majoraan
olie
geraspte kaas

Eerst maken we het beslag. Klop de eieren los met de melk en meng er de bloem door. Kruid het met geraspte knoflook, zout en peper en een snuf majoraan. Schil de aardappelen, rasp ze fijn en meng ze door het beslag. Laat het afgedekt een half uurtje rusten.

Klop de schnitzels een beetje uit en kruid ze met zout en peper. Haal ze lichtjes door de bloem en daarna door het beslag. Bak ze aan beide zijden goudbruin in een flinke laag gloeiend hete olie. Een flinke laag, zeker 1 cm., anders koelt de olie te veel af en wordt het een vettige, kleffe bedoening. De schnitzels moeten een beetje heen en weer kunnen wiegen in de olie.

Leg de schnitzels op borden en strooi er een ruimhartige hand geraspte kaas over. Serveer de Montenegrijnse schnitzels met frietjes en een tartaarsaus, of met aardappelpuree en wat tafelzuur.

 

Montenegrijnse schnitzel
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Houbové škvarky
Kaantjes van paddenstoelen

Echt vegetarisch is het niet, maar het is ook geen vlees. Deze paddenstoelen worden gebakken niet mèt, maar àls kaantjes: in de reuzel, gekruid met karwij. Dit uiterst eenvoudige recept staat of valt met de kwaliteit van de ingrediënten. Goede reuzel, niet ranzig maar vers, en verse wilde paddenstoelen. De meest geëigende soorten voor dit recept zijn honingzwam, parasolzwam en russola, maar een mixje uit de winkel met wat meer gangbare soorten zoals oesterzwammen, cantharellen, eekhoorntjesbrood en (kastanje)champignons, dat kan natuurlijk ook.

Kaantjes van paddenstoelen

500 gr. wilde paddenstoelen (zie boven)
100 gr. reuzel
karwijzaadjes
zwarte peper
zout

Maak de paddenstoelen schoon en snij ze in stukjes van ongeveer 1 x 1 cm. Laat de reuzel smelten in een pan. Daar gaan de stukjes paddenstoel in. Kruid ze met karwijzaad en vers gemalen zwarte peper. Bak ze onder af en toe omscheppen tot ze gaar zijn en hun vocht hebben verloren. De baktijd is uiteraard volkomen afhankelijk van de gebruikte soort.

Als de paddenstoelen gaar zijn bestrooi je ze met zout. Zet ze meteen op tafel met een paar sneden vers, knapperig brood. Die paddenstoelen, die smeer je met reuzel en al in een dikke laag op je brood.

Hemels, dat is het.

Als je de paddenstoelen wilt bewaren doe je ze in potten terwijl ze nog warm zijn. Bedek het oppervlak met een laag gesmolten reuzel, sluit de pot goed en laat het afkoelen. Zo kun je ze een hele tijd bewaren. Als je ze weer nodig hebt warm je ze snel (maar goed) door. Je zult nauwelijks merken dat ze niet vers zijn!

 

Kaantjes van paddenstoelen
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Rýže se žampiony
Rijst met champignons

Een lichte vegetarische maaltijd is het, deze “risotto” met champignons. Het is snel klaar, kan eigenlijk niet mislukken, kost drie keer niks en het mooiste is: het smaakt ook nog eens meer dan uitstekend. In Tsjechië en Slowakije kom je het vaak tegen op de middagkaart van eenvoudige eetgelegenheden.

Rijst met champignons

1 ui
2 tenen knoflook
4 el. olie
2 kopjes (2 dl.) rijst
4 dl. sterke kippenbouillon (of water en een blokje)
gemalen karwij
peterselie
250 gr. champignons

Snipper de ui en bak hem zachtjes in de helft van de olie tot hij glazig wordt. Ondertussen snij je de knoflook in dunne plakjes. Die mogen nog twee minuutjes zachtjes meebakken. Doe nu de rijst erbij samen met een snuf gemalen karwijzaad en wat gehakte peterselie. Zet het vuur wat hoger en laat het een minuutje meedoen. Giet er dan de kippenbouillon bij en breng het aan de kook. Leg de deksel op de pan, zet de pan nu op het kleinste gaspitje op de aller- allerlaagste stand, liefst op zo’n plaatje, en laat de rijst in 20 minuten gaar worden. Niet in roeren; niet in knoeien; niet in modderen; gewoon met rust laten.

Ondertussen maak je de champignons schoon en snij je ze in plakjes. Die bak je in de rest van de olie tot ze hun vocht helemaal verloren hebben. Als de 20 minuten voorbij zijn zet je het vuur onder de rijst uit. Meng er de gebakken champignons onder en laat het afgedekt nog een paar minuten staan. Voor het serveren eventueel bestrooien met geraspte kaas.

 

Rijst met champignons
download dit recept