Tagarchief: brood

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Ďábelské topinky
Duivels brood

Dikke sneden gefrituurd donkerbruin brood, dat zijn topinky. Het basisrecept is simpel: een stevige snee brood wordt aan beide kanten goudbruin gebakken in een laag hete olie of reuzel. Terwijl je het laat uitlekken op een stuk keukenpapier pel je een of twee tenen knoflook en snij je ze doormidden. Daarmee wrijf je het gebakken brood grondig in. Klaar en smullen maar.
Topinky dienen als bijgerecht bij de al even fameuze tatarák of simpelweg ter assistentie bij het bierdrinken, in dat laatste geval al dan niet belegd met zaken als gebakken champignons, eieren, geroosterd knoflook, zuurkool, pittige worst en wat dies meer zij.
Deze duivelse topinka is een van de meest populaire variaties. De naam zegt het al: heet is het, met vurige Spaanse pepertjes in een saus van tomaten, paprika, rundergehakt en kaas.

Duivels brood

Ďábelské topinky 2 el. olijfolie
Ďábelské topinky 1 ui
Ďábelské topinky 2 – 3 rode Spaanse pepers
Ďábelské topinky 1 rode paprika
Ďábelské topinky 300 gr. rundergehakt
Ďábelské topinky 1 blik tomaten
Ďábelské topinky 1 tl. vegeta
Ďábelské topinky 8 dikke sneden stevig bruin brood
Ďábelské topinky 5 tenen knoflook
Ďábelské topinky 200 gr. Emmenthaler (of een andere harde kaas)
Ďábelské topinky olie om te frituren

Snipper de ui. Haal de zaadlijsten uit de pepertjes en snij ze in dunne reepjes. Doe zo ook met de paprika. Bak de ui samen met de pepertjes en de paprika in 2 – 3 el. olijfolie tot ze glazig wordt. Dan gaat het gehakt erbij, plus de theelepel vegeta (of instant-bouillon). Rul het met een houten lepel tot het mooi goudbruin kleurt. Roer er dan het blik tomaten door. Maak de tomaten met de lepel klein tegen de rand van de pan. Laat het met een deksel schuin op de pan een half uurtje zachtjes pruttelen, tot de olie zich van de tomatensaus scheidt. Rasp er een teen knoflook boven en zet het vuur uit.

Bak de sneden bruin brood in een laagje hete olie aan beide kanten goudbruin. Wrijf ze in met gehalveerde tenen knoflook en kruid ze met een beetje zout. Schep op iedere boterham een flinke lepel van het vleesmengsel en bestrooi het rijkelijk met geraspte kaas.

 


download dit recept

Bosnische recepten      Gerechten uit de keuken van Bosnië en Herzegovina

 

Bosanska popara
Bosnische popara

Popara is waarschijnlijk een van oorsprong Turks gerecht dat ook populair is in alle delen van het voormalige Ottomaanse Rijk Bulgarije, Griekenland, Macedonië, Servië en Bosnië. Oud brood wordt niet weggegooid, maar geweekt (“poparivale” betekent “weken”) in heet water, melk of thee, en dan wordt het opnieuw een paar minuutjes gebakken zodat het brood weer zacht wordt. Vaak is het resultaat een soort pap, zoet, met suiker, of anders hartig, met feta, kajmak en/of gesmolten vet. Soms, zoals in dit recept, mogen de stukken brood wat steviger blijven.

popara

½ kg (oud) brood (stevig brood met een dikke korst, want het is niet de bedoeling dat het broodpap wordt)
2 dl warm water
2 el. kruidenmix

(Verschillende kruiden naar smaak, zoals tijm, peterselie, rozemarijn, karwij, majoraan e.d., of anders neem je een blokje kruidenbouillon of vegeta)

1 el. olie
1 dl. reuzel of boter
2 uien
½ kg zure room of kajmak

Verwarm de oven voor op 180ºC.

Als je vers brood neemt, snij het dan in schijven en daarna in blokjes van 5×5 cm. Spreid ze uit op een bakplaat en zet ze een paar minuten in een op 180C. voorverwarmde oven om te drogen. Als je oud brood hebt is dit niet nodig.

Roer de kruiden en de olie door het warme water en giet het over de stukjes brood op de plaat. Laat het weer 2-3 min. bakken in de oven.

Giet dan de hete reuzel over het brood en zet het opnieuw terug in de oven, nu voor 6-7 minuten.

Hak ondertussen de uien fijn. Schep ze over het hete brood. Daarover gaat de zure room of de kajmak.

Meteen aanvallen!

 

Popara
download dit recept

Bosnische recepten      Gerechten uit de keuken van Bosnië en Herzegovina

 

Prijesnac
Maïsbrood met kaas

Uit welk van de streken van het voormalige Joegoslavië deze prijesnac nu eigenlijk stamt laten we in het midden. Bosnië en Herzegovina; Servië; Montenegro; Kroatië; het gerechtje is overal even populair. Geen wonder ook. Het is een uiterst simpel recept voor een uiterst smakelijk en luchtig baksel van maïsmeel, eieren en kaas. Misschien niet goed voor de lijn, met al die kaas en olie, maar wel verdraaid lekker. Bijvoorbeeld voor de lunch, met -nu we toch bezig zijn- een ferme kwak zure room erop. Misschien nog een frisse salade erbij?

Voor deze prijesnac hebben we nodig:
300 gr. fijn maïsmeel
1 dl. olie
3 dl. melk
300 gr. geraspte kaas
1 snufje zout
3 eieren
1 zakje droge gist

Het recept is kinderlijk eenvoudig. Neem een grote kom, doe er alle ingrediënten in en meng het eens flink door elkaar. Giet het spul in een lichtjes ingevette bakvorm of ovenschaal en schuif het in een op 200ºC. voorverwarmde oven.

Om en nabij de twintig minuten later zou je prijesnac mooi goudbruin moeten zijn. Is het nog niet zo ver, dan wacht je nog een paar minuten. Snij het baksel in stukken en eet het warm, met een smakelijke kwak zure room of een lepel stevige yoghurt.

 

Prijesnac
download dit recept

Bosnische recepten      Gerechten uit de keuken van Bosnië en Herzegovina

 

Potkriza
Gekookt rundvlees met brood

Deze traditionele Bosnische potkriza is op het eerste gezicht een beetje een eigenaardig gerecht. Een stuk rundvlees wordt gekookt tot het uit elkaar valt, het vlees wordt uitgesmeerd over dunne sneden brood, overgoten met runderbouillon en ten slotte nog eens gebakken in de oven.

Eigenlijk klinkt dat als een oeroud recept, uit de tijd dat we in Europa nog nooit van aardappelen hadden gehoord (die immers uit Amerika komen) en brood het basisvoedsel was. Misschien is het zelfs een overblijfsel van het middeleeuwse gebruik om een dikke plak brood te gebruiken bij wijze van bord? Wie zal het zeggen…
Het recept resulteert in ieder geval in een verrassend lekker bordje troostvoedsel.

Het brood voor onze potkriza bakken we zelf. Daarvoor hebben we nodig:
750 gr. bloem
1 tl. bakpoeder
4 dl. koud water
2 afgestreken tl. zout
olie

Voor het vlees:
500 gr. rundvlees
3 grote uien
2 laurierbladeren
1 klein bosje peterselie
zout (en evt. peper)
2 tl. paprikapoeder
olie

Begin met het vlees, want dat heeft de meeste tijd nodig. Bak de gesnipperde uien in wat olie glazig. Haal de pan van het vuur en strooi het paprikapoeder eroverheen. Zet het terug op het fornuis en giet er meteen water bij. Niet te veel: het vlees moet zo meteen net onder staan, dat is voldoende. Breng het opnieuw aan de kook. Nu gaat het vlees erbij, samen met de peterselie, laurier, zout en evt. wat peper. Leg het deksel schuin op de pan, zet het vuur laag en laat het heel rustigjes pruttelen tot het vlees zo zacht is dat het uit elkaar valt.

Voor het brood zeef je de bloem boven een kom. Meng het met het bakpoeder, het zout en het water. Kneed het tot een glad deeg, maak er een halve bal van en zet het in een met olie ingevet bakblik. Prik het hier en daar in met een vork en laat het bij kamertemperatuur 20 minuten rusten.

Ondertussen verwarm je de oven voor op 220ºC.

Bestrijk het oppervlak van het deeg met wat olie en schuif het brood in de voorverwarmde oven. Bak het in 30 – 35 minuten gaar.

Besproei het brood met water (b.v. uit een plantenspuit), wikkel het in een schone doek en laat het afkoelen.

Wanneer het brood is afgekoeld snij je het in zo dun mogelijke schijven. Leg ze in een braadslee. Verdeel er het gekookte vlees en de uien over, giet er net zoveel bouillon (het kookvocht van het vlees!) over dat het brood juist bedekt is en bak het in de oven op 250ºC. nog eens 10 – 15 minuten.

Zet de potkriza heet op tafel.

 

Potkriza
download dit recept

Bosnische recepten      Gerechten uit de keuken van Bosnië en Herzegovina

 

Domaće lepine
Huisgemaakte lepinje

Lepine, ook bekend als lepinje, lepinja of somuni, is het ronde, platte brood dat traditioneel wordt gegeten met ćevapi, rauwe uien, yoghurt en ajvar.

Bosnische lepinje

300 gr. witte bloem
½ zakje droge gist
1 tl suiker
1 tl. zout
2½ kopje lauwe melk
½ tl. bakpoeder

Meng de helft van de bloem, de suiker en het halve zakje gist met de lauwe melk. Laat het zeker een half uur rijzen.

Doe er de rest van de bloem door samen met het zout en het bakpoeder en begin te kneden. Laat het deeg van de ene in de andere hand vallen, en vouw daarbij de buitenkant steeds naar binnen. Als het deeg te droog is/wordt mag er een beetje water bij. Als het een mooi glad deeg geworden is leg je het in een kom, dek het af met een doek en laat je het op een warme, tochtvrije plaats rijzen tot het in volume verdubbeld is. Dat duurt ongeveer een uur.

Kneed het deeg opnieuw en laat het nog eens een uur rijzen.

Verdeel het in vijf of zes gelijke stukken en vorm er ballen van. Bestrooi ze lichtjes met bloem en laat ze 10 minuutjes staan.

Vlak de ballen met je handen of een deegroller af tot 1½ cm. dikte. Leg ze op een met bloem bestoven bakplaat en laat ze nog eens 20 minuten rijzen.

Ondertussen verwarm je de oven voor op 210ºC.

Maak met een scherp mes een licht kruispatroon in de broodjes en zet ze in de oven. Laat ze 5-7 minuten bakken, tot ze kleur krijgen. Verlaag de temperatuur tot 150ºC. en laat ze 10 minuten verder gaan. Wikkel ze in een schone keukendoek om de korst zacht te maken.

Lepinje smaakt het beste als ze vers gemaakt zijn, tot een paar uur na het bakken. Als je ze wilt bewaren kun je dat het beste in de vriezer doen.

 

Bosnische lepinje
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Crenvurşti în aluat
Roemeense worstenbroodjes

Volgens de geraadpleegde woordenboeken mag “crenvurşti” vertaald worden als o.a.: “worst”, “Prague sausage”, “saussice”, “krenwürstchen”, “kremwürstchen”, “Bratwurst”, “Wiener”, “Frankfurter”, “hot dog” en “weeny”, en daar zijn we gestopt met zoeken want dit is een fatsoenlijke site.

“Kren” is het Oostenrijkse woord voor het Duitse “Meerrettich”: mierikswortel, en op het eerste gezicht zou je dus denken dat het Roemeense “crenvurşti” daarvan is afgeleid: krenworst, worst dus waar mierikswortel in zit.

Dus niet.

Het woord “crenvurşti” is afgeleid van het Oostenrijkse Krainer Wurst, wat eigenlijk dan weer een specialiteit is uit Slovenië: Kranjska klobasa. Lekkere worst hoor, daar niet van, maar dat is dan weer niet wat de Roemenen bedoelen als ze het hebben over “crenvurşti”. Met “crenvurşti” bedoelen ze die kleine gerookte worstjes van fijngemalen vlees in het dunne darmvelletje dat “knak” zegt als je ze doorbijt, en die de rest van de wereld kent als “Weense worstjes”.

Roemeense worstenbroodjes

Behalve in Wenen.

In Wenen kennen ze wel Wiener worst, maar dat is dan weer een grote pikante snijworst van rund- en varkensvlees, spek en pekel. De worstjes die wij bedoelen, die noemen ze in Oostenrijk Frankfurters, wat ze in Duitsland dan weer niet correct vinden, want in Frankfurters zit officiëel alleen varkensvlees, terwijl in wat de Duitsers “Wiener Würstel” noemen ook rundvlees zit.

Zucht.

Hoe het ook zij, we weten nu in ieder geval wat voor worst we moeten hebben. Maar wacht nog even met boodschappen doen! Nu we van de harde feiten op de hoogte zijn is het tijd voor een ernstige waarschuwing.

De worstjes die je voor een paar centen in de supermarkt koopt, vacuüm verpakt in plastic, ingeblikt of in glazen potjes, zijn meestal gemaakt van kippenseparatorvlees. Dat zijn de restjes vlees die uit de uitgebeende karkassen van kippen zijn geperst. En ongeacht of ze nu Wiener, Frankfurter, bockworst of knakworst op het etiket hebben gezet: in vrijwel alle gevallen zijn ze eenvoudigweg niet te eten.

We kopen dus de goede, echte, onvervalste Weense worstjes, bij voorkeur niet bij de super maar bij een serieuze slager, en gaan er dan snel mee terug naar Roemenië, want we zouden met al dat gedoe nog bijna vergeten dat we Roemeense worstenbroodjes gingen maken. Dat is vergeleken met de worstjes kopen eigenlijk heel eenvoudig: we maken een simpel deeg van bloem, gist en boter, verpakken daar de worstjes in en bakken ze bruin in de oven. Een kind kan de was doen. Succes gegarandeerd op ieder feestje, en niet alleen bij kinderen. Lekker met mosterd of mierikswortel, maar ketchup mag ook.

Roemeense worstenbroodjes

Voor onze Roemeense worstenbroodjes hebben we nodig:
250 gr. bloem
½ pakje droge gist
1 tl. zout
½ tl. suiker
1½ dl. warm water
30 gr. boter
6 Weense worstjes
1 ei
evt.: maan-, sesam- of karwijzaadjes om de broodjes mee te bestrooien

Zeef de bloem boven een kom. Maak een kuiltje in het midden en doe er de gist, het zout en de suiker in. Giet er een beetje warm water bij en roer tot de gist is opgelost. Smelt de boter en roer die door de bloem. Voeg geleidelijk het warme water toe en kneed tot het een deeg wordt. Laat het een half uurtje afgedekt rusten op een warme plaats.

Strooi bloem uit op een werkblad en rol het deeg daarop uit tot een lap. Snij er rechthoeken van, iets langer dan een worst en ruim 2x zo breed. Daar wikkel je de worsten in. Zorg dat het deeg goed sluit en strijk het glad en dicht met vochtige vingers.

Sommigen vinden dat je de worstjes eerst moet ontvellen. Ik vind het onzin, maar als je dat wil doen, breng dan een pannetje water aan de kook met daarin wat zuiveringszout (natriumbicarbonaat). Daar leg je de worstjes twee minuutjes in. Dan gaan de velletjes er gemakkelijk af.

Leg de worstenbroodjes op een bakplaat die je bekleed hebt met bakpapier. Bestrijk de bovenkant met losgeklopt ei en bestrooi ze evt. met maanzaad, karwijzaad of sesamzaadjes. Schuif ze in een matig warme oven en bak ze in 30 minuten goudbruin.

Zet de worstenbroodjes op tafel met mierikswortel of mosterd. Allebei, dat mag ook.

 

Roemeense worstenbroodjes
download dit recept

Sloveense recepten      Gerechten uit de keuken van Slovenië

 

Mlinci

Mlinci worden gewoonlijk gegeten als bijgerecht bij gebraden gevogelte zoals eend of gans. Mlinci worden gemaakt van een deeg van bloem en eieren, dat net als pasta heel dun wordt uitgerold, maar dan niet wordt gekookt, maar in de oven wordt gebakken. Die gebakken, kurkdroge plakken worden in stukken gebroken en dan in heet water geweekt, waarna ze knapperig worden gebakken in olie of in het braadvet van de vogel waarmee ze worden opgediend.

300 gr. bloem
3 eieren
zout
2 el. olie

Zeef de bloem in een kom. Meng ze met de eieren en een snuf zout. Vorm een bal van het deeg. Die leg je op een met bloem bestoven werkblad en dan ga je aan ’t kneden. Tien minuten lang, met minder nemen we geen genoegen. Als je uitgekneed bent laat je het deeg een kwartiertje rusten. Ondertussen verwarm je de oven voor op 180ºC.

Verdeel het deeg nu in 3 stukken en rol elk stuk uit tot een lap van 2 mm. dun. Leg de deeglap op een bakplaat en schuif hem in de oven. Bak tot het mooi goudgeel kleurt.

De gebakken deeglap snij of breek je in stukjes. Doe die stukken in een kom en giet er kokend water overheen. Dek de kom af en laat de mlinci zacht worden.

In een koekenpan verhit je 2 el. olie of nog veel beter: het braadvet van een gans of een eend. Laat de mlinci uitlekken en bak ze in het hete vet onder goed roeren bruin en knapperig.

 


download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Kaisersemmel
Kaiserbroodje

Kaisersemmel, Handsemmel of Kaiserbrötchen, zo heet deze Weense specialiteit. Al eeuwenlang wordt dit broodje in Wenen gebakken. Het bewijs daarvoor is te zien op een schilderij uit de tijd van keizerin Maria Theresia, waar aan een rijk gedekte dis, te midden van sjiek geklede hovelingen, naast de gouden bordjes van de K.u.K. familie een heus kaiserbroodje ligt te pronken.

Kaisersemmel

Hoftafel in de grote Antecamera van de Hofburg te Wenen. Detail van een schilderij
uit 1760 van hofschilder Martin van Meytens, nu te zien in paleis Schönbrunn.

Waar de kaiserbroodjes precies hun naam vandaan hebben is onduidelijk. Het ene verhaal beweert dat de naam afkomstig is van de zoon van Maria Theresia, keizer Jozef II, die eens een delegatie van bakkers ontving die om een vrije prijsbepaling van hun broodjes kwamen vragen. De keizer was zo onder de indruk van het vakmanschap van de rekwestranten dat hij hun verzoek inwilligde. Sindsdien heten de broodjes kaiserbroodje. Een andere mogelijkheid is dat de naam afkomstig is uit de tijd van keizer Franz-Josef I, waarin alles wat van hoge kwaliteit was aangeduid werd met het voorvoegsel “kaiser-“.

Hoe het ook zij, het kaiserbroodje heeft het geschopt tot het hoogst officiële “Register der Traditionellen Lebensmittel” van het Oostenrijkse ministerie van land- en bosbouw, milieu en visserij.

Kaiserbrötchen

Het kost een beetje tijd, oefening en aandacht, maar met het recept hieronder is de kans groot dat je een mandje kaiserbroodjes bakt waar Maria Theresia graag haar tanden in zou hebben gezet.

Ingrediënten voor 6 kaiserbroodjes:
kaisersemmel 500 gr. bloem
kaisersemmel 1 pakje droge gist
kaisersemmel 1 vingergreep suiker
kaisersemmel 1 tl. zout
kaisersemmel 3 el. lauw water
kaisersemmel 1,2 dl. melk
kaisersemmel 3 dl. water
kaisersemmel 100 gr. boter
kaisersemmel 80 gr. aardappelmeel
kaisersemmel 80 gr. roggemeel

Zeef de bloem boven een kom. Stomp er met je vuist een kuiltje in. Daarin gaan de gist en de suiker, en 3 el. lauw water. Laat het een kwartiertje staan. Meng intussen de melk met het water en de boter. Warm het op tot lauwwarm. Doe het zout langs de rand bij de bloem. Doe ook de melk-water-boter erbij. Kneed er m.b.v. een mixer of keukenmachine een deeg van. Kneed het grondig: zeker 15 minuten. Laat het deeg 30 minuten rusten op een warme, tochtvrije plaats.

Kneed het deeg nu nog eens door en verdeel het in stukken van zo’n 70 gr. Bestuif een werkplank met wat bloem en vorm bollen van de stukken deeg. Bestuif de deegbollen met het aardappelmeel en het roggemeel en laat ze nog eens 25 min. afgedekt rusten.

De bollen druk je nu plat op een bestoven werkvlak, maar niet te plat. Leg de duim van je linkerhand in het midden. Die blijft daar. Vouw nu met je wijsvinger steeds een stuk van het deeg over je duim naar binnen. Zet het vast met je rechterhand. Zo doe je dat vijf keer; de laatste keer druk je de deegpunt vast op de plaats waar je duim heeft gezeten. Zo wordt je broodje een kaiserbroodje met de beroemde vijfpuntige ster-vorm.

Bestrijk een bakblik lichtjes met boter. Leg daar de kaiserbroodjes omgekeerd op. 25 minuten moeten ze nog rusten. Draai ze daarna om, besproei ze met water (met een plantenspuit) en bak ze in een op 220ºC. voorverwarmde oven goudbruin.

 


download dit recept

Slowaakse recepten      Gerechten uit de keuken van Slowakije

 

Cesnaková polievka v bochníku
Knoflooksoep in brood

Het is voor de liefhebbers, deze romige Slowaakse knoflooksoep met een forse dosis van het krachtig riekende maar o zo gezonde gewas. Opgediend in een uitgeholde bol brood ziet deze nederige, volkse soep eruit als een gerecht een koning waardig. Maar als je hem gewoon uit een bord eet met een stukje brood erbij is hij ook lekker, hoor!

Knoflooksoep in brood

Voor deze knoflooksoep in brood hebben we nodig:
Knoflooksoep in brood 1 hele bol knoflook
Knoflooksoep in brood 2 el. plantaardige olie
Knoflooksoep in brood 2 el. bloem
Knoflooksoep in brood ½ liter warme melk
Knoflooksoep in brood 1 l. water of bouillon
Knoflooksoep in brood peper en zout
Knoflooksoep in brood vegeta
Knoflooksoep in brood wat klontjes koude boter of een beetje dikke room
Knoflooksoep in brood voor de liefhebbers: wat harde geraspte kaas
Knoflooksoep in brood per persoon 1 grote harde bol, wit of bruin

Haal de tenen van de bol knoflook, pel ze en rasp ze boven een pan met twee lepels olie. Zet het dan op het gas en laat het een paar minuutjes zachtjes bakken. De knoflook mag niet bruin worden, want dan wordt hij bitter en is de lol er wel vanaf. Strooi er dus ruim voor die tijd de bloem overheen, en laat het nog een minuutje al roerend meebakken tot de bloem al het vet heeft opgenomen. Dan doe je er de melk bij, steeds met kleine scheutjes tot alles door de bloem is opgenomen. Als de melk op is ga je verder met de bouillon (of het water). Wacht met vocht toevoegen tot de soep weer kookt. Kruid het ten slotte met peper en zout en met vegeta. Roer er voor een zijdezachte textuur wat koude klontjes boter of dikke room (of allebei) doorheen.

Serveer de soep in uitgeholde broden, evt. bestrooid met kaas.
En voor de zekerheid toch maar diepe borden gebruiken, he? 😉

 
Knoflooksoep in brood
download dit recept

Slowaakse recepten     Gerechten uit de keuken van Slowakije

 

Sýta chlebová polievka
Gevulde broodsoep

Broodsoep is een populair gerechtje in Centraal-Europa. een uiterst simpel recept van runderbouillon die wordt gebonden met brood. Soms worden er nog een paar eieren boven gebroken en dat is het eigenlijk wel. Eeuwenoud is het al. Beethoven was bijvoorbeeld dol op deze soep.
In dit Slowaakse recept gaat het er een heel stuk uitgebreider aan toe. Deze broodsoep wordt rijkelijk gevuld met worst, bonen en groenten, en verrijkt met een flinke dot room. Een stevig soepje voor gure dagen.

gevulde broodsoep

Voor deze broodsoep uit Slowakije hebben we nodig:
broodsoep 2 hamworsten

Hamworst (šunková klobása) is een sappige, magere worst met een kruidige smaak. Als je het goede spul hebt zit er geen sojameel of andere vleesvervangende prullen in. Je slager heeft misschien geen echte “šunková klobása”, maar beslist wel een lekker alternatief.

broodsoep boter
broodsoep 1 lente-ui
broodsoep 1 wortel
broodsoep 100 gr. knolselder
broodsoep 1 bosje peterselie
broodsoep een paar sneden (oud) bruin brood
broodsoep 1 blikje kidneybonen
broodsoep 2 blokjes bouillon
broodsoep 1 kleine prei
broodsoep 2 teentjes knoflook
broodsoep 2 el. zure room
broodsoep een snuf majoraan
broodsoep zout en peper

Snij de worsten in dunne plakjes. Maak de groenten schoon en snij alles fijn: de ui en de wortel in schijfjes en de selder in blokjes. Snij de prei in lucifertjes. Snij ook het brood in kleine blokjes.

Bak de worst in wat boter aan. Doe er dan de lente-ui bij en laat even meebakken. Dan gaan de stukjes wortel, de selder en de peterselie erbij. Laat het allemaal 5 minuutjes sudderen. Als het dreigt te verbranden doe je er een heel klein beetje water bij.

Doe er nu het vocht van het blikje bonen bij en een litertje water. De bouillonblokjes en de blokjes brood kunnen er ook in. Breng het aan de kook en laat het een kwartiertje pruttelen.

Nu gaan de reepjes prei erbij en de knoflooktenen uit de knijper, plus de zure room. Doe er de bonen en de majoraan bij en breng het opnieuw aan de kook. Nog even afproeven op peper en zout en je kunt aan tafel.

 


download dit recept