Alle berichten van admin

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Květákový puding
Bloemkoolpudding

Deze bloemkoolpudding is een recept uit lang vervlogen tijden. Het komt al voor in Tsjechische kookboeken van dik honderd jaar geleden. Toen werd het gemaakt in zo’n ouderwetse fraai gevormde puddingvorm. Die hebben we niet, dus nemen we gewoon een cakeblik. De bloemkool wordt gekookt, gemengd met eieren en kaas en gegaard in een waterbad. Bloemkoolpudding wordt in dikke plakken gesneden en opgediend met gekookte aardappelen en een flinke lepel gesmolten boter.

Bloemkoolpudding

Voor deze Tsjechische bloemkoolpudding hebben we nodig:
1 bloemkool
1½ dl. melk
2 eieren
zout en peper
nootmuskaat
2 – 3 el. geraspte kaas (Parmezaanse of een andere, oude kaas)
paneermeel
boter

Bloemkoolpudding
Maak de bloemkool schoon en kook hem gaar in gezouten water. Goed afgieten, terug in de pan doen en fijnstampen. Meng er een klont boter door en laat het onder steeds omscheppen 10 minuten op een laag vuurtje wat uitdampen. Laat de bloemkool afkoelen.

Bloemkoolpudding
Verwarm de oven voor op 180ºC.

Bloemkoolpudding
Klop de melk los met de eieren en een snuf zout. Meng het samen met de kaas, wat nootmuskaat en wat vers gemalen peper door de afgekoelde bloemkool.

Bloemkoolpudding
Vet een cakeblik in met boter en bestrooi het met paneermeel. Hou het even ondersteboven om het overtollige paneermeel kwijt te raken. Doe er de bloemkoolmassa in en zet het in een bakblik. Giet water in het bakblik, tot ongeveer de helft van de cakevorm. Zet het in de voorverwarmde oven en bak het in drie kwartier gaar.

Bloemkoolpudding
Stort de bloemkoolpudding op een schaal en snij hem in plakken. Dien op met gekookte aardappelen, alles overgoten met gesmolten boter. Om het allemaal een beetje fleuriger te maken mag er best een frisse salade bij, en over de aardappelen misschien nog wat gehakte peterselie.

 

Bloemkoolpudding
download dit recept

Slowaakse recepten      Gerechten uit de keuken van Slowakije

 

Veľkonočná hrudka
Eierkaas voor Pasen

Veľkonočná syrek, zo wordt het ook wel genoemd, dit traditionele gerechtje voor op de Paastafel. Ook in buurlanden Polen en Oekraïne hebben ze hun versie van deze hrudka. Volgens de voorschriften van de R.K. Kerk wordt er tijdens de vastenperiode namelijk niet alleen geen vlees gegeten, maar ook geen eieren. Daar trekken de kippen zich natuurlijk weinig van aan, dus als brave Katholiek zit je na die veertig dagen met een behoorlijke berg eieren te kijken. Dit is een mooie manier om er wat leuks mee te doen.

Het maken van deze eierkaas is uiterst simpel, een beetje vergelijkbaar met het maken van roerei. De melk en de eieren worden al roerend verwarmd, de eieren stollen en er ontstaat een dikke brij. Die laat je uitlekken in een kaasdoek en voilà: je hebt hrudka/syrek/eierkaas. Snij de Veľkonočná hrudka in plakken en zet het op de feestelijke Paastafel, samen met schijfjes worst, plakken ham, een salade van rode bieten en mierikswortel, beschilderde eieren, brood…

we hebben nodig:
1 liter melk
10 stuks eieren
½ tl. zout
zwarte peper

Doe de melk in een pan met een dikke bodem. Doe er het zout bij en breek er de eieren boven. Klop ze los met een garde. Zet de pan op een matig vuurtje en verwarm het mengsel onder voortdurend roeren. Vergeet daarbij niet de bodem van de pan, anders brand het aan. Als het wat dikker begint te worden maal je er de zwarte peper boven. Het mag best pittig zijn, maar als er kinderen mee eten doe je beter wat rustig aan met die pepermolen. Blijf roeren tot het een dikke, korrelige brij is geworden.

Leg nu een kaasdoek in een vergiet en doe de massa er in. Bind het kaasdoek dicht, druk er het wat vocht uit en laat het zo afkoelen. Bewaar de eierkaas tot gebruik in de koelkast.

Eierkaas voor Pasen

Veľkonočná hrudka so šunkou
Eierkaas met ham

Op het simpele basisidee van deze Veľkonočná hrudka kan natuurlijk eindeloos gevarieerd worden, en dat gebeurt dan ook. Zo zijn er versies met bijvoorbeeld spinazie, paprika, kruiden of ham in omloop, maar ook zoete hrudka’s met vanille en flink wat suiker. Als voorbeeld doen we er eentje met ham en bieslook.

we nemen ook nu weer:
1 liter melk
10 eieren
½ tl. zout
zwarte peper

en dan ook nog:
½ tl. suiker
1 tl. vegeta
bieslook
100 gr. gerookte ham

We doen eigenlijk hetzelfde als in het basisrecept: neem een pan met een dikke bodem, doe er de melk, vegeta, zout en eieren in. Klop het allemaal los, doe er dan de in kleine stukjes gesneden ham bij en zet het op het vuur. Roeren en nog eens roeren tot het spul gaat verdikken. Peper en bieslook erbij en verder roeren tot de massa dik is. Zeven in kaasdoek in een vergiet, het vocht er uit drukken en bewaren in de koelkast.

 

Eierkaas voor Pasen
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Donauwellen
Donauwellen

Een heerlijk taartje dat alles in zich verenigt wat een gebakje goed en lekker maakt: een luchtige bodem in twee kleuren, waarvan de cacao smakelijk contrasteert met de zure kersen die erover verdeeld worden; daarop een zijdezachte vanillecrème en dan ook nog eens een laag van zalige chocoglazuur. Dat glazuur, daarin wordt met een vork een golvend patroon getrokken, als de golven van de Schöne blaue Donau. Vandaar dus de naam van het taartje: Donauwellen.

Donauwellen

voor het deeg:
250 gr. boter
250 gr. suiker
1 zakje vanillesuiker
6 eieren
350 gr. bloem
1 zakje bakpoeder
2 el. cacao

1 pot (720 gr.) zure kersen (Sauerkirschen/morellen), zonder pit, uitgelekt

voor de crème:
1 zakje vanillepudding
½ l. melk
100 gr. suiker
250 gr. boter
1 citroen

en voor het glazuur:
100 gr. pure chocolade
100 gr. melkchocolade
50 gr. boter

Verwarm de oven voor op 180ºC.

Roer de boter tot schuim en meng er beetje bij beetje de suiker, vanillesuiker en de eieren onder. Meng de bloem met het bakpoeder. Zeef het er boven en meng het er door. Verdeel het deeg in tweeën. Een deel meng je met het cacaopoeder. Bekleed een bakplaat met bakpapier. Smeer erhet vanilledeeg over. Daarover komt het cacaodeeg, en daarover verdeel je de kersen.

Zet de bakplaat in het midden van de oven en bak het in ongeveer 30 minuten gaar. Laat het helemaal afkoelen.

Voor de crème roer je het puddingpoeder glad met 3 el. melk en de suiker. Breng de rest van de melk in een pannetje aan de kook. Roer er de puddingmassa in en kook het onder steeds roeren op. Neem het van het vuur en laat het afkoelen, maar roer het regelmatig om anders krijgen we van die vieze vellen. Tussen het roeren door klop je de boter schuimig. Roer er het sap van de citroen door plus de fijngesneden schilletjes van de helft van de citroen. Meng er nu de pudding lepel voor lepel door, en blijf roeren. Verdeel de crème gelijkmatig over het gebak en zet het in de koelkast.

Breek de chocolade in kleine stukjes en smelt het samen met de boter au bain-marie. Verdeel de chocomassa over het gebak en trek er met een vork mooie “Donau-golven” doorheen.

 

Donauwellen
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Krensuppe
Mierikswortelsoep

Voor deze romige en pittige vegetarische soep hebben we een stuk verse mierikswortel nodig. Rasp die wortel pas op het laatste moment, want de scherpe smaak vervliegt snel.

Mierikswortelsoep

50 gr. boter
2 el. bloem
½ l. groentebouillon
2½ dl. melk
1¼ dl. zure room
2 el. witte wijn
citroensap
zout
een stuk verse mierikswortel
1¼ dl. slagroom

1 lente-ui
2 sneetjes donker brood

Mierikswortelsoep

Eerst maken we de croûtons. Snij het brood in dobbelsteentjes, bak het in de helft van de boter goudbruin en leg het apart.

Mierikswortelsoep

Smelt de rest van de boter in de pan, doe er dan de bloem bij en schep het goed om, zodat de bloem al het vet opneemt. Giet er nu beetje bij beetje de bouillon en de melk bij, onder steeds roeren. Laat het even opkoken en zet het vuur dan uit.

Mierikswortelsoep

Meng de zure room met de staafmixer door de soep en breng ze op smaak met witte wijn, citroensap en zout.

Mierikswortelsoep

Pak nu je mierikswortel en rasp hem op een fijne rasp boven de soep. Doe er net zoveel bij tot het scherp genoeg is naar je smaak.

Mierikswortelsoep

Klop de slagroom stijf. De helft gaat door de soep. Het lente-uitje snij je in dunne ringetjes.

Mierikswortelsoep

Schep de soep op borden, leg er een dot slagroom op en garneer met de croûtons, nog wat geraspte mierikswortel en de lente-uitjes.

 

Mierikswortelsoep
download dit recept

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Rigó Jancsi
Rigó Jancsi

Een hartstochtelijk liefdesverhaal dat destijds de wereld in haar ban hield maar nu volkomen vergeten is, was de inspiratie die leidde tot de creatie van de Rigó Jancsi, een geglazuurd chocoladetaartje met een romige vulling.

Rigó Jancsi (1858–1927), was een primás; de soloviolist en leider van een zigeunerorkest, die speelde in een van de duurste restaurants van Parijs toen de Belgische Prins van Caraman-Chimay daar samen met zijn jeugdige echtgenote, de Amerikaanse miljonairsdochter en societyfiguur Clara Ward, kwam dineren. De vonken tussen de oogverblindende Princesse de Chimay en de vurige zigeunerprimás moeten over de tafels hebben gevlogen, want het duurde niet lang of er ontstond iets moois. De affaire kwam al snel aan het licht en het verliefde paartje ging ervandoor richting Hongarije. De familie in de States was geshockeerd, de prins furieus, en een echtscheiding liet dan ook niet lang op zich wachten. Nog voor er een jaar verstreken was kon de gewezen prinses met haar Jancsi in het huwelijksbootje stappen. De boulevardpers smulde er met volle teugen van.

Rigó Jancsi

Clara, voor wie de geldkoffers van zowel de prins als die van de familie nu gesloten waren, begon noodgedwongen een carrière in het theater. Haar voornaamste talenten waren mooi en beroemd zijn, en dus poseerde ze -overigens nog steeds als “Princesse de Chimay”- op de bühne van de wat meer lichtvoetige theaters in Parijs, gekleed in niet veel meer dan een vleeskleurige bodystocking. Zelf noemde ze haar voorstellingen “poses plastiques”, maar of het hier om een kunstvorm ging of om een platte vleesvertoning, daarover waren de meningen verdeeld. Kunstenaars als Henri de Toulouse-Lautrec en Marcel Proust waren verrukt, maar anderen hadden er minder geduld mee. De Duitse Keizer Wilhelm II bijvoorbeeld vond haar photografieën zò verontrustend dat hij de verspreiding en vertoning ervan verbood. Veel hielp het niet, want de postkaarten waarop Clara -al dan niet met Jancsi- stond afgebeeld waren ook in Duitsland niet aan te slepen. De poses plastiques leverden in ieder geval ruim voldoende op voor een vorstelijke levensstijl. De roddelpers sprak van astronomische bedragen die het paar er per jaar doorheen zou jagen.

Rigó Jancsi

Lang heeft het huwelijk niet stand gehouden, naar men fluisterde vanwege het ongebreidelde libido van Jancsi. Dat mocht misschien zo zijn, maar ook Clara had zich al snel verzekerd van een paar troostende armen: die van wat haar derde echtgenoot zou worden, een Italiaanse kelner die ze in de trein had ontmoet. Haar vierde en laatste echtgenoot vond ze ook tussen de rails. Hij was de chef van een klein stationnetje in het zuiden van Italië. Rigó Jancsi vertrok naar New York waar hij zijn carrière voortzette in het destijds fameuze restaurant “Little Hungary” in Houston Street, tot de zaak vanwege de drooglegging in 1920 haar deuren moest sluiten. Hij haalde er de voorpagina’s van de kranten nog door tijdens een brand in het restaurant heldhaftig te blijven vioolspelen, waarmee hij voorkwam dat er paniek uitbrak, met alle akelige gevolgen van dien.

Rigó Jancsi

De naam van de violist (overigens een toepasselijke voor een muzikant: Jancsi Rigó betekent in het Nederlands “Jantje Lijster”) is ook de naam van een lekkernijtje geworden: de Rigó Jancsi, een chocoladetaartje met een vulling van chocoladecrème. Wat Jantje precies met het gebakje te maken had is in nevelen gehuld. Volgens sommigen creëerde hij de Rigó Jancsi hoogstpersoonlijk, in nauwe samenwerking met een anonieme pâtissier; volgens anderen kocht hij het gebakje als verrassing voor zijn bruid. Waarschijnlijker is het dat een slimme koekenbakker in Boedapest de destijds wereldberoemde naam heeft gebruikt om zijn gebakje te promoten.

Overigens, ook de naam van de prinses leeft voort aan tafel, en dan in niet één, doch in maar liefst twee creaties van niemand minder dan de wereldvermaarde Franse Chef Auguste Escoffier: de “Oeufs à la Chimay” en de “Poularde Chimay”. Daarvan geen recept op deze website, maar de Rigó Jancsi, die laten we niet aan onze neus voorbij gaan.

Rigó Jancsi
voor het deeg hebben we nodig:
85 gr. pure chocolade
190 gr. boter
3 el. suiker
4 eierdooiers
4 eiwitten
1 snufje zout
3 el. bloem

voor de crèmevulling:
1½ dl. slagroom
280 gr. pure chocolade
4 el. rum
1 zakje vanillesuiker

en voor het chocoladeglazuur:
6 el. suiker
2 el. water
200 gr. pure chocolade

Rigó Jancsi

Verwarm de oven voor op 180°C.

Rigó Jancsi

Voor het deeg breek je de chocolade in stukjes en smelt je ze au bain-marie onder steeds roeren. Laat het niet te warm worden, als de chocolade aan de lepel blijft kleven is het goed. Het smeltpunt van cacaoboter is 36ºC., dus als de gesmolten chocolade iets warmer voelt dan lichaamstemperatuur is het al voldoende. Roer de boter schuimig met de helft van de suiker. Roer er eerst de vloeibare chocolade door, dan de eierdooiers. Zet het even apart.

Rigó Jancsi

In een andere schaal klop je de eiwitten tot schuim met een snuf zout. Doe er dan beetje bij beetje de andere helft van de suiker door en blijf kloppen tot het een stevige, vaste massa is. Een derde van het stijve eiwit meng je met een spatel door de chocolademassa. Dit mengsel giet je over de rest van de eiwitten. Zeef er de bloem boven en schep alles met een spatel door elkaar, zolang tot er geen witte strepen meer te zien zijn.

Rigó Jancsi

Bekleed een bakblik (30 x 40 cm.) met bakpapier. Verdeel het mengsel gelijkmatig over het bakblik en bak het 15 tot 18 minuten in de oven op 180ºC. Controleer met een vork of een prikker of het goed is: er mag niets aan blijven hangen. Dek het af met een stuk bakpapier (zodat het niet uitdroogt) en laat het afkoelen.

Rigó Jancsi

Ondertussen maak je de crème. Verwarm de slagroom met de vanillesuiker in een pannetje op een heel klein vuurtje en smelt er de chocolade in. Blijf roeren tot de massa dik is geworden. Giet het in een schaal en zet het minstens een uur in de koelkast. Is het spul helemaal afgekoeld, dan meng je er de rum door. Pak je mixer en klop het tot een schuimige gladde massa. Niet te lang kloppen, want dan wordt het boter.

Rigó Jancsi

Het chocoladeglazuur maak je door de suiker, het water en de chocolade onder steeds roeren te verwarmen tot alles is opgelost. Dek het af en laat het 20 minuutjes afkoelen. Niet in de koelkast zetten. Het glazuur moet zo dik zijn dat het niet van de lepel afdruipt, maar er omheen blijft zitten.

Rigó Jancsi

Snij de cake in twee gelijke delen. Hou het pannetje met glazuur dicht boven een van de delen en giet het chocoladeglazuur er gelijkmatig over uit. Zet het in de koelkast en laat het opstijven. Dat duurt een kwartiertje. Snij het nu in blokjes van 5 x 5 cm. Dompel het mes tussen het snijden door steeds in warm water.

Rigó Jancsi

Op de tweede helft van de cake leg je de vulling. Dat gaat het mooiste als je er een rand van karton omheen knutselt, maar glad strijken met een mes of spatel kan natuurlijk ook. Zet het in de koelkast om op te stijven.

Rigó Jancsi

Leg nu het in blokjes gesneden en met chocoladeglazuur bestreken gedeelte op de crèmevulling, netjes tegen elkaar aan. Nu kun je de taart in mooie gelijke blokjes snijden zonder dat je de vulling er aan alle kanten uit duwt. Doe dat snijden ook nu weer met een mes dat je steeds in warm water dompelt.

Rigó Jancsi

Rigó Jancsi. Kopje koffie en een CD’tje van Roby Lakatos erbij en het feest kan niet meer stuk!

 

Rigó Jancsi
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Pinzgauer Kasnocken
Spätzlepannetje met kaas

Een klassieker is het, dit traditionele vegetarische eenpansgerecht van Nocken (vergelijkbaar met Spätzle), uien en kaas. Iedere winterse wintersporter of zomerse wandelaar in het fraaie Salzburgerland zal dit pannetje smakelijks beslist wel eens op tafel hebben zien verschijnen.
Deze Pinzgauer Kasnocken worden met de al even traditionele Pinzgauer Bierkäse gemaakt. Zoals de naam al zegt komt die kaas uit het Pinzgau, het westelijk deel van de deelstaat Salzburg. De melk voor de kaas komt van koeien die van mei tot september op de grazige weiden van de Hohen Tauren hebben gestaan. De kaas wordt al sinds de 17de eeuw gemaakt, van de magere melk die overbleef nadat van de kostbare melkroom boter was gemaakt. Het is een roodschimmelkaas, die haar oranje-rode kleur krijgt door ze tijdens het rijpen te behandelen met een vloeistof waarin roodschimmelbacteriën zitten, zoals pekel, wijn of -in dit geval- bier. Vandaar dus dat “Bierkäse”. Tegenwoordig wordt die vloeistof over de kazen gesproeid, maar in vroeger tijden werd de kaas gemaakt door ze met in bier gedrenkte doeken omwikkeld te laten rijpen. De kaas is glad met een gele tot roodbruine, vettige korst. Ze snijvast en toch zacht, met gaatjes zo groot als graankorrels en heeft een hartige, licht kruidige smaak.
Pinzgauer Bierkäse zal hier te lande niet makkelijk te krijgen zijn, maar nu we weten wat we zoeken kunnen we bij de kaasboer om de hoek vast wel terecht voor een bruikbaar alternatief.

Pinzgauer Kasnocken

Voor een stevig pannetje Pinzgauer Kasnocken voor twee hebben we nodig:

250 gr. bloem
2 eieren
1¼ dl. water
1¼ dl. melk
zout
boter
2 uien
1½ dl. groentebouillon
200 gr. Pinzgauer Bierkäse (iets anders mag ook)
bieslook

Meng de bloem met de eieren, de melk, het water en een snuf zout en roer het tot een nat deeg. Niet te lang roeren, als het min of meer door elkaar zit is het goed. Laat het een paar minuten staan.

Ondertussen breng je een grote pan met gezouten water aan de kook. Werk het deeg door een spätzlezeef met grote gaten (een omgekeerde rasp kan ook) in het kokende water. Laat drie minuutjes zachtjes koken, tot de Nockerl boven komen drijven. Schep ze uit het water in een vergiet en laat ze onder de koude kraan even schrikken. Laat ze goed uitlekken.

Snij een van de uien in fijne ringen. Laat een klont boter smelten in een kleine koekenpan en bak de uienringen op een zacht vuurtje tot ze mooi gaan kleuren.

Neem nu een tweede (grote) koekenpan, liefst zo eentje van ijzer. Laat er een flinke klont boter in smelten. Snipper de tweede ui en bak ze op hoog vuur even aan. Doe er nu de uitgelekte Nockerl bij, schep het eens om en giet er dan de groentebouillon over. Snij de kaas in kleine blokjes. Die gaan ook in de pan. Terwijl de kaas smelt laat je de Nockerl stevig aanbakken, zodat er op de bodem een donkerbruin korstje ontstaat. Dat knapperige korstje schraap je vlak voor het opdienen met een houten spatel los en schep je door de Nockerl.

De uienringen in het andere pannetje laat je even op hoog vuur mooi bruin en knapperig bakken. Schep ze over de kasnocken, bestrooi het met fijn gesneden bieslook en zet het met pan en al op tafel.

 

Pinzgauer Kasnocken
download dit recept

Sloveense recepten      Gerechten uit de keuken van Slovenië

 

Pečeno kislo zelje
Zuurkool uit de oven

Zuurkool uit de oven, zoals oma het vroeger maakte. Deze traditionele Sloveense ovenschotel van zuurkool, spek en ham wordt gebakken in een schaal van geglazuurd aardewerk en wordt in diezelfde schaal op tafel gezet. Het kan dienen als hoofdgerecht, maar ook als bijgerecht, samen met -bijvoorbeeld- een paar aardappelen en een sappige worst.
Het recept vraagt om een paar eetlepels zaseka. Dat is een mengsel van reuzel en fijngesneden buikspek, gekruid met zout, peper en -meestal- wat knoflook. Het wordt gebruikt om er een lekkere dikke boterham mee te besmeren, maar ook als kruiderij in bijvoorbeeld soep of, zoals hier, in stoofschotels.

Zuurkool uit de oven

we hebben nodig:
500 gr. zuurkool
100 gr. gerookt buikspek, in dunne plakken
150 gr. ham, in blokjes of plakken
2½ dl. witte wijn
4 el. zaseka
15 zwarte peperkorrels
2 el. jeneverbessen
1 tl. gemalen karwij

Doe de zuurkool in een pan en giet er zoveel water bij dat de kool is bedekt. Breng het aan de kook en laat het een paar minuutjes rustig koken. Afgieten, goed laten uitlekken en mengen met de helft van de zaseka.

verwarm de oven voor op 180ºC.

Bedek de bodem van een ovenschaal van geglazuurd aardewerk met de plakjes spek. Daarop leg je de zuurkool in een paar laagjes, met daartussen de ham, peperkorrels en 1½ el. van de jeneverbessen. Op de laatste laag zuurkool leg je de rest van de jeneverbessen. Bestrooi het met de gemalen karwij en de resterende twee eetlepels zaseka.

Giet er de witte wijn over en zet het in de voorverwarmde oven. Bak het mooi goudbruin (20 minuten; misschien iets langer) en zet het met ovenschaal en al op tafel.

 

Zuurkool uit de oven
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Mohr im Hemd
Mohr im Hemd

Mohr im Hemd is een bijzonder smakelijk zoetigheidje waar zowat iedere toerist die het Weense aandoet wel tegenaan moet lopen. Geen Kaffee- of Gasthaus of het prijkt er op de kaart. De “echte” Mohr im Hemd wordt niet, zoals een taart, gebakken in de oven, maar wordt in kleine vormpjes gepocheerd in een waterbad. Mohr im Hemd wordt gemaakt van een beslag van boter, eieren en suiker met als smaakmakers chocolade en amandelen. Voor het opdienen wordt het overgoten met een chocoladesaus en versierd met slagroom.

Mohr im Hemd is al een oud recept. In de 19de eeuw komen we het al tegen, bijvoorbeeld in Katharina Prato’s beroemde kookboek uit 1858 met de fraaie titel “Die Süddeutsche Küche auf ihrem gegenwärtigen Standpunkte mit Berücksichtigung des Thee’s und einem Anhange über das moderne Servieren nach metrischem Maß und Gewicht berechnet für Anfängerinnen sowie für praktische Köchinnen.”, waarin het vermeld staat als “Schwarzes Koch als Mohr im Hemd”. Een “Koch” is een pudding in de oude betekenis van het woord, en kan gemaakt zijn van zo ongeveer alles wat eetbaar is: vlees, vis, groenten, granen, maar ook -en vooral- van zoetigheid, waarbij gekokkereld werd met allerlei smakelijke zaken zoals fruit, noten, suiker, boter, eieren, en uiteraard chocolade, zoals in de Mohr im Hemd.

Hoewel het boek van Katharina Prato het eerste is waarin de naam genoemd wordt, is het recept voor de Mohr im Hemd, of beter gezegd voor de “zwarte pudding”; de “Schwarzes Koch”, een heel stuk ouder. Zo komen we bijvoorbeeld al dik honderd jaar eerder een recept tegen voor een “Chiocolade-Koch”, in het “Nützliches Koch-Buch” van een anonieme auteur, uitgegeven in Steyr in 1740. De pudding werd gemaakt met precies dezelfde ingrediënten als de Mohr im Hemd: suiker, boter, eieren, amandelen en chocolade. Het enige wat het onderscheidt van de Mohr is -behalve de naam- de chocoladesaus en de slagroom.

Buiten dat de Weners nogal graag van zoetigheid houden is er nog een andere reden waarom de zoete “Koch”, en dus ook de Mohr im Hemd, in de 19de eeuw zo geliefd en wijd verbreid werd: de bietsuiker. De eerste fabriek ter wereld waar bietsuiker werd gemaakt werd opgericht in 1802 in het Silezische Wińsko (Winzig). Nu Polen, maar destijds onderdeel van het Habsburgse rijk. Tot dan toe werd suiker gemaakt van suikerriet, wat uit tropische streken moest worden ingevoerd en dus behoorlijk prijzig was. Door het winnen van suiker uit de bieten maakte die hoge suikerprijs een flinke duik in de diepte, waardoor al die onweerstaanbare zoetigheid ook voor Jan met de pet binnen bereik kwam. Het gebrek aan goede tandartszorg mocht de pret niet drukken, want zoals iedere andere “Koch” laat ook een Mohr im Hemd zich ook zonder kunstgebit makkelijk naar binnen werken.

Mohr im Hemd

voor 4 porties Mohr im Hemd hebben we nodig:
50 gr. boter
3 eierdooiers
10 gr. paneermeel
50 gr. suiker
50 gr. gemalen amandelen
50 gr. geraspte chocolade
3 eiwitten
1¼ dl. slagroom

en voor de chocoladesaus:
1 reep pure chocolade
2 el. koffielikeur
1¼ dl. slagroom

en dan nog voor de garnering:
1¼ dl. slagroom
suiker

Mohr im Hemd

Roer de boter met de helft van de suiker zacht en schuimig. Roer er dan één voor één de eierdooiers door. Dan meng je er de gemalen amandelen, de geraspte chocolade en het paneermeel door.

Mohr im Hemd

De eiwitten klop je met de rest van de suiker tot een stevige, luchtige massa. Schep die met een spatel door het beslag.

Mohr im Hemd

Vet de vormpjes in met boter en bestrooi ze met paneermeel. Hou ze even ondersteboven om het overtollige paneermeel kwijt te raken. Verdeel het beslag over de vormpjes en zet ze in een bakblik. Vul het blik met heet water tot ongeveer 3/4 van de vormpjes en zet het geheel in een op 200ºC. voorverwarmde oven, 30 – 40 minuten. In een pan kan het ook: tot 3/4 van de vormpjes vullen met kokend water, de deksel erop (de vormpjes zelf niet afdekken) en in 30 – 40 min. laten garen.

Mohr im Hemd

Voor het serveren klop je de slagroom voor de garnering stijf met wat suiker en maak je de chocoladesaus. Doe de slagroom in een pannetje, verbrokkel er de chocolade boven en laat het op een laag vuurtje smelten. Tot slot roer je er de koffielikeur door.

Mohr im Hemd

Stort de Mohr im Hemd op een bordje, overgiet hem met de warme chocoladesaus en spuit er een fraaie dot stijf geslagen slagroom naast.

 

Mohr im hemd
download dit recept

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Somlói galuska
Somlói galuska

Somlói galuska, het misschien wel beroemdste dessert uit de Hongaarse keuken, is een creatie bedacht ergens eind jaren 1950 in het fameuze restaurant Gundel aan het stadspark van Boedapest. Een restaurant overigens dat verantwoordelijk is voor wel meer beroemde Hongaarse gerechten, zoals de Erdélyi fatányéros en de Gundel palacsinta. Het idee voor de Somlói galuska schijnt afkomstig te zijn geweest van destijds al even fameuze oberkelner van dat restaurant, Károly Gollerits, maar de uitvoering was van József Béla Szőcs, de pâtissier die de kneepjes van het vak had geleerd bij het vermaarde koffiehuis Gerbeaud, aan welks inventieve koekenbakkers de wereld ook de Gerbeaud taart te danken heeft. De eerlijkheid gebied dus te zeggen dat in ieder geval een beetje van de glorie ook op die illustere firma afstraalt.

Szőcs bedacht ook de naam, Somlói galuska. Dat had niets te maken met de berg Somló in het westen van Hongarije, maar alles met een heuvel genaamd Somlyo in zijn woonplaats Fót, net ten noorden van Pest, waar hij later ook zijn eigen nering opende, aan de Madách utca nummer 67, als u het precies wilt weten. Dat het Somló is geworden en niet Somlyo schijnt te maken te hebben met de wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel, waar het gerecht werd gepresenteerd. Naar verluidt hadden de Brusselaars wat moeite met de “y” in Somlyo, en werd het dus Somlo.

Galuska, dat is het Hongaarse woord voor wat in het Duits Spätzle en in het Oostenrijks Nockerln heet: een rommelig bijgerecht gemaakt van een klef deeg van eieren en bloem dat wordt gekookt in water. Het is dan ook niet de bedoeling dat dit gerecht er al te gelikt uitziet, maar meer als een onordentelijke berg galuska, maar dan van het zoete soort, overgoten met een dikke chocoladesaus en een flinke dot slagroom. Laten we zeggen dat het geheel een beetje moet lijken op hoe de Somlyo-heuvel in Fót er in de winter uit zal hebben gezien.

Somlói galuska

Het oorspronkelijke recept was wat bewerkelijker dan wat er tegenwoordig gebruikelijk is. Het origineel bestond uit laagjes van drie soorten biscuit: een met vanille, een met cacao en een met gemalen walnoten. Tussen die laagjes biscuit zat een vanillecrème met citroenzeste, walnotenroom, in rum geweekte rozijnen, sinaasappel en citroensiroop. Daaroverheen kwam dan nog een romige chocoladesaus en daarop weer een flinke berg mierzoete slagroom.

Al snel na de creatie waren er verschillende variaties in omloop, en dat is in de loop der jaren alleen maar toegenomen. Een compliment dat alleen de meest geslaagde recepten ten deel valt. Voor het merendeel bepaald niet onsmakelijk, maar vaak wel ver verwijderd van wat banketbakker Szőcs voor ogen stond. Zo wordt het biscuitdeeg nogal eens vervangen door cake of lange vingers; de crème door vanillepudding uit een pakje, soms zelfs in combinatie met chocoladepudding. De rozijnen zijn meestal wel gebleven, maar van de walnoten is in de meeste gevallen geen spoor meer terug te vinden, en de chocoladesaus wordt nogal eens van melk, bloem en een lepel cacaopoeder gemaakt. Ondanks dat is Somlói galuska altijd razend populair gebleven. Ook deze versie van de Somlói galuska is wat minder ingewikkeld, maar zal het origineel heel aardig benaderen.

Voor 8 porties Somlói galuska hebben we nodig:

40 gr. rozijnen
4 cl. rum
(evt.) een paar handjes verbrokkelde walnoten

voor het biscuitdeeg:
5 eieren
1 snufje zout
1 zakje vanillesuiker
150 gr. suiker
150 gr. bloem
30 gr. cacaopoeder

voor de vanillecrème:
5 dl. melk
1 vanillestokje
100 gr. suiker
4 eierdooiers
3 el. bloem

voor de suikersiroop:
160 gr. suiker
¼ l. water
5 cl. rum

voor de chocoladesaus:
250 gr. pure chocolade
1¼ dl. slagroom

en dan ook nog:
slagroom
suiker

Somlói galuska maak je zo:

Somlói galuska
Begin met de rozijnen te laten weken in de rum.

Somlói galuska
Voor het biscuitdeeg klop je de eieren met een snuf zout, de suiker en de vanillesuiker schuimig. Zorg ervoor dat de eieren op kamertemperatuur zijn als je begint en klop langdurig, minstens tien minuten, tot de kleur helder is en het spul flink in volume is toegenomen. Meng er met een spatel beetje bij beetje de (gezeefde) bloem door. Voeg pas nieuwe bloem toe als alles is opgenomen. Verdeel het beslag nu in tweeën. Meng één deel met het cacaopoeder (even doorscheppen tot het een egale kleur heeft). Bekleed een grote bakplaat met bakpapier en smeer er de twee massa’s op uit. Zet ze in een op 180ºC. voorverwarmde oven en bak het in goed 10 minuten gaar. Het spul moet terugveren als je er met een vinger op duwt. Laat het afkoelen.

Somlói galuska
Voor de vanillecrème snij je het vanillestokje in de lengte doormidden. Schraap er het merg uit. Dat doe je bij de melk. Klop nu de eierdooiers, de bloem en de suiker erdoor en verwarm het op een laag vuurtje al roerend met een houten lepel tot er een dikke crème ontstaat die aan je lepel blijft hangen. Pas op dat het spul niet gaat koken. Laat het onder af en toe roeren weer afkoelen.

Somlói galuska
Voor de suikersiroop breng je de suiker met het water aan de kook. Even opkoken, dan mag het vuur weer uit. Laat het afkoelen tot lauw en meng er dan de rum door.

Somlói galuska
Neem een rechthoekige schaal van glas of geglazuurd aardewerk. Snij het biscuit in plakken. Bekleed de bodem met een laagje van het vanillebiscuit. Besprenkel het met suikersiroop en bestrooi het met wat geweekte rozijnen, en evt. wat verkruimelde walnoten, als je die wil gebruiken. Smeer er een laag van de vanillecrème overheen. Daarop komt een laagje chocoladebiscuit, gedrenkt in suikersiroop, wat rozijnen (plus walnoten?) en vanillecrème; dan weer vanillebiscuit, en zo voort en zo verder tot alles op is. Eindig in ieder geval met een laagje vanillecrème.

Somlói galuska
Zet de Somlói galuska een paar uur in de koelkast.

Somlói galuska
Vlak voor het serveren haal je de Somlói galuska uit de koelkast. Kan die wat van de kou bekomen terwijl we de chocoladesaus maken. Verwarm de (ongeklopte) slagroom in een pannetje. Breek de chocolade in kleine stukken en roer ze door de slagroom. Laat het even opkoken en zet het vuur uit. Haal de slagroom voor de garnering uit de koelkast en klop hem met wat suiker stijf.

Somlói galuska
Schep de Somlói galuska op bordjes of in schaaltjes. Overgiet het met de warme chocoladesaus en spuit er een flinke dot zoete slagroom op.

 

Somlói galuska
download dit recept

Sloveense recepten      Gerechten uit de keuken van Slovenië

 

Porova juha
Preisoep

Een smakelijk vegetarische soepje van prei en aardappelen. Dat gaat er altijd in, zeker bij winterse temperaturen.

Preisoep

1 ui
3 preien (zonder het groen)
een klein bosje peterselie
1 laurierblad
3 – 4 middelgrote aardappelen
1 el. boter
1 el. olijfolie
2 tl. vegeta (of groentebouillon)
1 dl. room
1 el. citroensap
zout en peper

Snij de ui en de preien in ringetjes. Verwarm de boter samen met de olijfolie in een grote soeppan. Doe er de groenten bij, de peterselie plus een laurierblad en kruid het met royaal peper en een gulle snuf zout. Doe het deksel op de pan en laat de groenten een klein kwartiertje smoren op een zacht vuurtje.

Ondertussen schil je de aardappelen. Snij ze in kleine blokjes en doe ze in de soeppan, samen met 1 liter water plus de vegeta of groentebouillon. Breng het allemaal aan de kook en laat het twintig minuutjes gaan, tot de aardappelen zacht zijn.

Vis het laurierblad uit de preisoep. Roer er de room en het citroensap door. Pak nu je staafmixer en maak er een mooie gladde soep van. Zet de pan terug op het vuur en warm de soep nog eens goed door. Proef af op citroensap, zout en peper.

Eventueel nog versieren met een dotje room en een takje verse dille en we kunnen aan tafel.

 

Preisoep
download dit recept