Alle berichten van admin

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Povidlové taštičky
Pruimentasjes

Deze tasjes of halve maantjes van een deeg van aardappelen, bloem en eieren worden gevuld met povidel. Dat is een dikke confituur van pruimen, gemaakt op dezelfde manier zoals onze appelstroop: het fruit wordt eindeloos lang ingekookt tot er tenslotte een stevige, zoete en bijna zwarte brij overblijft. Neem dus een stevige, dikke jam voor dit recept.

Povidlové taštičky

Voor 4 tot 6 porties van deze Tsjechische Povidlové taštičky hebben we nodig:
1 kg. aardappelen
300 gr. bloem
3 eieren
aardappelzetmeel
zout
300 gr. dikke pruimenjam (zie hierboven)

250 gr. paneermeel
250 gr. boter
200 gr. poedersuiker

Kook de aardappelen gaar, pel ze en werk ze door een aardappelpers. Bestrooi ze lichtjes met wat aardappelzetmeel en een snuf zout. Strooi er de bloem over, breek er de eieren boven en kneed er een deeg van.

Strooi wat bloem op een werkvlak en rol er het deeg op uit tot een lap van ½ cm. dik. Steek er met een omgekeerd glas rondjes uit.

Op het midden van ieder rondje leg je een lepeltje pruimenjam. Vouw de rondjes dicht en druk de randen goed aan, evt. met een vork.

Kook de taštičky in een grote pan met water gaar, ongeveer 5 – 6 minuten. Ga in het begin even over de bodem met een houten lepel om te voorkomen dat ze aan de pan blijven plakken.

Ondertussen laat je in een grote koekenpan de boter smelten. Meng er het paneermeel door en bak het op een laag vuurtje onder voortdurend omscheppen lichtjes goudbruin. Haal de gekookte taštičky uit het water, laat ze even goed uitlekken en leg ze dan in het paneermeel. Schep ze voorzichtig om zodat ze aan alle kanten bedekt zijn. Leg de povidlové taštičky op bordjes en bestrooi ze met poedersuiker.

 

Povidlové taštičky
download dit recept

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Húsgombóc vadasan
Gehakt met vadassaus

Vadas mártással, dat is Hongaarse “jachtsaus”; een romige, zoetige saus gemaakt van flink veel wortelgroenten. Dat recept voor vadas mártással gaat ongeveer zo: een paar stukken vlees -varken of rund- worden met wat vetspek aangebraden en vervolgens samen met de groenten gaar gekookt, waarna van het kookvocht (plus de groenten) met behulp van een flinke klodder room, wat mosterd en een ferme scheut citroensap een saus wordt gemaakt om er je vingers bij op te eten zo lekker. Het hele recept lees je hier.
Heb je nog wat van die saus over -en dat zou zomaar kunnen, want dit is het soort saus waarvan je nooit genoeg kunt maken- dan is dit recept voor gehaktballen, pasta en vadassaus precies waar je op zit te wachten. “Gehaktballen” is eigenlijk niet het goede woord. De ballen worden namelijk niet gebakken, maar net als knoedels (knödel, knedlíky, gombóc), in een grote pan met water gaar gekookt. Gehaktknoedels, zouden we dus eigenlijk moeten zeggen. Of, zoals de Hongaren zeggen: húsgombóc, vleesknoedels. Toegegeven, in het Nederlands (“vleesknoedels”) klinkt dat niet echt smakelijk, maar dat vergeet je zodra je deze ballen tussen je kiezen krijgt. Zeker als ze vergezeld gaan van vadas-saus.

Húsgombóc vadasan

voor vier personen hebben we nodig:
400 gr. gehakt (rund of h.o.h.)
1 kopje (1 dl.) rijst
1 kleine ui
1 ei
zout en peper
vadas saus
300 gr. pasta (spaghetti of bandnoedels)
1 el. (olijf)olie
scherp paprikapoeder

Snipper het uitje en bak het in wat olie glazig. Meng er de rijst door. Giet er nu de dubbele hoeveelheid water bij (2 dl. water op 1 dl. rijst), kruid het met peper en zout of -misschien nog beter- een tl. vegeta of bouillonpoeder. Leg het deksel op het pannetje, zet het op het aller- aller- allerlaagste vlammetje en blijf er de komende 20 minuten van af. Draai dan het vuur uit, roer het een keer om en laat de rijst helemaal afkoelen.

Meng het ei door de koude rijst en ga het te lijf met je staafmixer. Meng er het gehakt door, kruid het met zout en peper en draai er met vochtige handen 8 ballen van, voor iedere eter twee stuks. Zet een grote pan met gezouten water aan de kook en kook er de ballen in tien minuten in gaar.

Ondertussen verwarm je de vadas-saus en kook je de pasta volgens de aanwijzingen op de verpakking gaar. Giet de pasta af en meng er een lepel olie door.

Leg de ballen op een bord, overgiet ze royaal met de saus en schik de pasta naast de ballen. Bestrooi de pasta met scherp paprikapoeder en zet het meteen op tafel.

 

Húsgombóc vadasan
download dit recept

Slowaakse recepten      Gerechten uit de keuken van Slowakije

 

Kačacie prsia s višnovou omáčkou
Eendenborst met kersensaus

Eend wordt veel en graag gegeten in Slowakije. Meestal in zijn geheel, met een simpele kruiderij van niet meer dan wat zout en karwijzaad. Kersensaus, dat is al bijna even populair als eend. In dit receptje doen we ze samen. Niet de hele eend, maar alleen de borst, met dit eenvoudige maar smakelijke sausje van rode wijn en kersen.

Eendenborst met kersensaus

Voor dit recept voor eendenborst met kersensaus hebben we niet veel nodig:
2 tamme eendenborsten
150 gr. zure kersen (uit een pot)
1 dl. zoete rode wijn
zout en peper

Snij het vet van de eendenborsten kruisgewijs in, ongeveer ½ cm. diep. Verhit een (droge) braad- of koekenpan tot gloeiend heet. Leg er de eendenborsten met het vel naar beneden in en bak ze mooi goudbruin. Nu zet je het vuur lager, draai je ze om en laat je ze na garen: een paar minuten voor mooi rosé. Wil je ze doorbakken, laat ze dan nog een minuutje of tien gaan. Bedruip ze regelmatig met het gesmolten vet.

Ondertussen maken we de kersensaus. Doe daarvoor de kersen samen met de wijn in een pannetje, breng het aan de kook en laat het inkoken tot het een dikke saus is geworden. Dat duurt ongeveer 15 – 20 minuten; net zolang als het bakken van de eendenborst. Kruid de kersensaus met zout en peper.

Snij de eendenborsten in plakken, leg ze op een spiegel van kersensaus en serveer ze met bijvoorbeeld broodknoedels.

 

Eendenborst met kersensaus
download dit recept

Bulgaarse recepten       Gerechten uit de keuken van Bulgarije

 

Картофена супа с кисело мляко – Kartofena supa s kiselo mlyako
Aardappelsoep met yoghurt

In dit eenvoudige maar smakelijke Bulgaarse recept voor aardappelsoep wordt de soep gebonden met een ei en een paar lepels stevige, volvette yoghurt. Dat maakt deze vegetarische soep niet alleen romig, maar geeft ze ook een klein, prettig zuurtje.

Aardappelsoep met yoghurt

2 el. boter
1 ui
2 el. griesmeel
1½ l. groentebouillon (mag ook van een blokje)
5 – 6 aardappelen
1 wortel
peterselie
dille
zout en peper
1 scheutje wijnazijn
1 ei
3 – 4 el. dikke yoghurt (10% vet)

Verhit de boter in een pan. Snipper de ui en bak ze in de boter heel rustigjes glazig. Strooi er dan het griesmeel over en bak het al omscheppend even mee. Doe er nu de groentebouillon bij en breng het aan de kook.

Ondertussen schil je de aardappelen. Snij ze in kleine blokjes en rasp de wortel. Die gaan in de soep. Kruid het met zout en peper, een scheutje azijn, een handje gehakte peterselie en een beetje dille. Laat het allemaal zachtjes koken tot de aardappelen gaar zijn en uit elkaar vallen. Zet het vuur nu uit.

Klop het ei los met de yoghurt in een ruime kom. Giet er een paar lepels van de hete soep bij en roer het glad. Dit mengsel roer je weer door je soep.

Schep de aardappelsoep op borden en garneer ze met een lepel yoghurt en een toefje dille.

 

Aardappelsoep met yoghurt
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Steirisches schnitzel
Stiermarken schnitzel

Als we “Stiermarken” in een recept zien staan, dan denken we natuurlijk al snel aan pompoenen, maar nee: deze schnitzel wordt niet gemaakt van, met of door pompoenen. Het “Steirisches” zit hem in het paneermeel. Dat wordt namelijk vermengd met fijngehakte pompoenpitten. De pitten van de zgn. “oliepompoen” uit Stiermarken, waar de beroemde pompoenpitolie van wordt gemaakt, hebben namelijk, in tegenstelling tot de pitten van andere pompoenen, geen verhoute zaadhuid. De zaadjes zijn slechts omhuld door een zilverachtig vliesje. Dat maakt ze niet alleen uitstekend geschikt voor het produceren van de smakelijke Steirisches Kürbiskernöl, maar ook om zo te eten, al dan niet geroosterd, als snack, of fijngehakt, als topping voor salades, soepen en stoofschotels of, zoals in dit recept, als paneermeel voor de schnitzel.
Over het vlees dat voor deze schnitzel gebruikt moet worden doen ze in Stiermarken niet moeilijk. Waar het in Wenen perse kalfsvlees moet zijn, mag het voor de Stiermarkers ook best wat anders zijn: varkensvlees, of zelfs een plat geslagen kip- of kalkoenfilet. De schnitzels worden, net als de Wiener schnitzel, gewoonlijk opgediend met een lepel vossebessencompôte, een partje citroen en een aardappelsalade, maar in Stiermarken willen ze er ook nog wel eens gekookte aardappeltjes en een Vogerlsalat (veldsla) tegenaan gooien. Of gewoon een bergje lekkere frietjes, dat kan natuurlijk ook.

Steirisches schnitzel

4 varkensschnitzels van 180 – 200 gr. (kip, kalkoen of kalfsvlees mag ook)
zout
2 eieren
een scheutje mineraalwater
bloem
paneermeel
gehakte pompoenpitten
botervet of olie
1 citroen
vossebessencompôte

Varkens- en kalfsschnitzels klop je met je vleeshamer nog wat uit om het wat dunner en zachter te maken. Bij schnitzels van kip of kalkoen is dat niet nodig. Dat uitkloppen doe je best tussen twee vellen plasticfolie.

Nu zet je de spullen voor het paneren klaar: in het eerste bord doe je de bloem, in het tweede de eieren, die je los klopt met een scheutje bruiswater. In het derde bord doe je het paneermeel: 2/3 paneermeel en 1/3 gehakte pompoenpitten.

Laat in een grote koekenpan een ruime hoeveelheid botervet heet worden. Niet te zuinig, want de schnitzel moet er letterlijk in zwemmen, anders koelt het vet te snel af en schroeit de paneerlaag niet meteen dicht, waardoor ze vettig wordt. Of je botervet de juiste temperatuur heeft kun je testen door er een vingergreepje paneermeel in te gooien. Begint het meteen te schuimen, dan is het goed. Met de steel van een houten lepel kan het ook: stijgen er kleine belletjes op als je de steel in het vet steekt, dan is het moment gekomen om de schnitzels in de pan te laten glijden.

Kruid de schnitzels met wat zout en haal ze achtereenvolgens door de bloem, het ei en het paneermeel. Leg ze in het hete vet en bak ze aan beide kanten goudbruin. Wieg tijdens het bakken de pan een beetje heen en weer.

Laat de schnitzels even uitlekken op keukenpapier. Snij de citroen in de lengte in vieren en serveer de Steirische schnitzels met een partje citroen en wat vossebessencompôte. Wat erg lekker is bij deze schnitzel is een Steirischer Vogerlsalat met gekookte aardappeltjes, maar ook een klassieke aardappelsalade of peterselieaardappelen.

 

Steirisches schnitzel
download dit recept

Pompoenpitolie

algemeen AJVAR – algemene producten en bereidingswijzen

 

Pompoenpitolie – Steirisches Kürbiskernöl

Het vruchtvlees smaakt nergens naar, maar daarvoor wordt de “Steirische Ölkürbis” dan ook niet verbouwd. Het waardevolle zit hem in de pitten. De “oliepompoen” (Cucurbita pepo var. styriaca) heeft dikke, volle zaden zonder de harde, houtachtige zaadhuid die de pitten van andere pompoensoorten hebben. De rondborstige, donkergroene pitten zijn alleen met een dun zilverachtig vliesje omgeven. Die eigenschap, het gevolg van een mutatie die rond 1880 in het zuiden van Stiermarken optrad, maakt de pitten uitstekend geschikt voor culinair gebruik, in de eerste plaats voor het produceren van een pompoenpitolie van hoge kwaliteit.

“Steirisches Kürbiskernöl” wordt door de EU beschermd met het predikaat “Steirisches Kürbiskernöl g.g.A.” Dat g.g.A. staat voor “geschützte geografische Angabe”: beschermde geografische aanduiding. De oostenrijkse staat heeft er nog een schepje bovenop gedaan door beproefde producenten op elk flesje Steirisches Kürbiskernöl g.g.A. het recht te geven om een wit-groene genummerde banderol te plakken, wat betekent dat er in dit flesje gegarandeerd pompoenpitolie uit Stiermarken zit, en niet uit zomaar ergens anders. Een streng controlesysteem moet erop toezien dat productie en verwerking in Oostenrijk plaats heeft gevonden.

Pompoenpitolie

Het zuiden van Stiermarken biedt met haar zandachtige, luchtdoorlatende bodem en het vochtig-warme klimaat precies de goede voorwaarden voor een goed gedijen van de Ölkürbis. Veel zonuren en een milde temperatuur in de herfst zijn essentieel, want de pompoenen zijn zeer gevoelig voor kou. Vorst verdragen ze absoluut niet, maar ook aanhoudend koel weer kan al flinke schade aanrichten. Bij warm weer en een hoge luchtvochtigheid groeien de eenjarige planten snel: in 24 uur tijd kan de pompoen een paar centimeter groeien, en ook de lange ranken waarmee ze aan de wortels vastzitten kunnen in een dag tijd wel 15 cm. groeien. Een rijpe pompoen weegt tussen de 8 en 10 kilo. Donkergroen als ze jong zijn, verkleuren ze naarmate ze ouder worden steeds meer naar geel-oranje.

Pompoenpitolie

In Stiermarken worden de pompoenen vroeg in de herfst op de akker zelf leeg gehaald. In vroeger tijden gebeurde dat door het vrouwvolk, dat gewapend met een krukje en een emmer het veld op trok om met de hand de zaden uit de pompoenen te halen nadat de boer ze met grote messen doormidden gekliefd had. De zaden gingen in de emmer; het vruchtvlees, de bladeren en de stengels bleven op het veld liggen om te worden omgeploegd als meststof voor het volgende seizoen.

Op kleine bedrijfjes wordt dit zgn. “Kürbisputzen” nog wel met de hand gedaan, maar in de regel gebeurt het tegenwoordig natuurlijk machinaal, met een oogstmachine. Daarvoor moeten de pompoenen eerst netjes in rijen gelegd worden. Dat gebeurt met de “pompoenploeg”, die de pompoenen in lange rijen bij elkaar schuift en tegelijkertijd de plantenresten verhakseld. Na de pompoenploeg komt de oogstmachine, een geval dat speciaal ontworpen is voor het oogsten van pompoenen. Een soort draaiende wals met daarop scherpe spiesen, de “egel”, “loopt” als het ware over de pompoenen, prikt ze vast en transporteert ze naar de eigenlijke machine. Daarin worden de pompoenen opengebroken en worden de pitten gescheiden van de rest. De pompoen zelf, die wordt weer uit het apparaat geworpen en blijft op het veld achter om te worden omgeploegd als meststof.

Pompoenpitolie

De pitten, waartussen nog allerlei resten vruchtvlees zit, worden eerst grondig gewassen. Daarna worden ze gedurende 12 uur gedroogd bij een temperatuur van 50ºC., waarna ze klaar zijn voor verpakking en verdere verwerking. De aldus gedroogde pitten zijn twee jaar lang houdbaar. Dat heeft zo zijn voordelen: in tegenstelling tot b.v. olijfolie hoeft pompoenpitolie niet meteen geperst te worden. Om de twee maanden wordt een nieuwe lading olie geperst, zodat er steeds verse olie voorhanden is, want het spul is niet eindeloos lang houdbaar; bij koel en donker bewaren zo’n negen maanden.

De pitten van de oliepompoen zijn, door het ontbreken van de verhoute schilletjes, ook erg lekker om zo te eten, al dan niet geroosterd, als snack of (fijngehakt) als topping op salades, soepen en stoofschotels. Een beroemd recept met pompoenpitten is de Steirisches schnitzel: een schnitzel die gepaneerd wordt met een mengsel van broodkruim en gehakte pompoenpitten.

Om de olie uit de gedroogde pitten te winnen worden de pitten eerst klein gehakt. Dan wordt water en zout toegevoegd. Daardoor worden de olie en de in water oplosbare delen van elkaar gescheiden. Op een open houtvuur wordt de massa vervolgens onder voortdurend roeren geroosterd tot het water verdampt is. Het roosteren dient om het in de pitten aanwezige eiwit van de olie te scheiden. De zo verkregen brij -de “oliekoek”- wordt dan onder hoge druk uitgeperst. In vroeger tijden gebeurde dat persen in een massief houten gevaarte, de zgn. “Ölkuh” (“oliekoe”), door het tegen elkaar persen van twee houten delen. Dat persen gebeurde door met een grote houten hamer op een houten wig te slaan. En zo weten we meteen waar de naam “olieslager” vandaan komt. Vandaag de dag gebeurt dat persen hydraulisch, in een soort geperforeerde stalen cilinder, waarbij de olie tijdens het persen door de gaatjes naar buiten loopt. De koek die achterblijft (“Presskuchen” of “Ölkaas” genoemd) wordt gebruikt als visvoer, maar wordt ook wel verwerkt tot pompoenpitmeel, wat gebruikt kan worden bij het bakken van broden, cakes en taarten, of als paneermeel voor vlees, vis of groenten.

De vers geperste olie blijft nog 10 tot 14 dagen rusten, zodat de zwevende deeltjes naar de bodem kunnen zakken. Dan wordt het in roestvrij stalen containers gedaan en gaat het op weg naar de bottelarij, waar het in kleine -of iets minder kleine- flessen wordt gedaan. Koel en donker bewaard blijft de olie zeker negen maanden goed. Voor 1 liter olie zijn drie kilo pitten nodig, oftewel 35 pompoenen.

Het “groene goud”, zoals de locals de olie noemen, is niet alleen erg lekker, maar ook gezond, want vol met vitaminen, mineralen en belangrijke sporenelementen zoals mangaan, zink en seleen. De olie heeft een intense geur en smaakt nootachtig, mild kruidig en wat zoetig. Pompoenpitolie gebruik je spaarzaam, want het heeft een zeer krachtige smaak. Het smaakt uitstekend in een dressing voor salades, of voor de verrijking van aardse, warme gerechten zoals soepen, stoofschotels en bonenschotels e.d. In warme bereidingen voeg je het altijd pas op het laatste moment toe.

recepten met pompoenpitolie
aardappelsoep met rozemarijn
pompoensoep
pompoenstrudel
rundvleessalade
Karper met pompoencrème

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Saures Rindfleisch
Rundvleessalade

Deze salade van gekookt rundvlees is een echte Oostenrijkse klassieker, niet weg te denken bij de “Jause”, maar ook als zelfstandig voorgerecht een feestje. Heb je nog vlees over van de Tafelspitz, dan is dit het uitgelezen recept om het te gebruiken. Zo niet, en je wil deze heerlijke salade toch maken, dan kook je een stuk rundvlees op dezelfde manier gaar, samen met wat groenten.
Dat gaat heel eenvoudig zo: breng een pan met water (voldoende om het vlees te bedekken) aan de kook. Zodra het kookt leg je het vlees er in. Pel een ui en steek er twee kruidnagelen in. Die gaat in de pan, samen met wat in stukken gesneden groenten, zoals wortels, pastinaken, knol- of bleekselder, prei, etc. Doe er nog een beetje peterselie, een snuf majoraan, wat zout, een paar peperkorrels en een laurierblad bij en laat het op een klein vuurtje rustigjes wat pruttelen tot het vlees zacht is. Dat zou zomaar eens een uur of twee kunnen duren, dus als je vandaag deze rundvleessalade wil eten, dan had je eigenlijk beter gisteren al moeten beginnen. Laat het vlees helemaal afkoelen in de bouillon. Die bouillon, daar maak je de lekkerste soep mee, bijvoorbeeld deze traditionele Frittatensuppe.
Voor de dressing van deze salade gebruiken we een echte specialiteit uit Stiermarken: de overheerlijke Steirisches Kürbiskernöl, de donkere pompoenpitolie. Die wordt gemaakt van Ölkürbissen, “oliepompoenen” (Cucurbita pepo var. styriaca), waarvan de zaden niet de houtachtige zaadhuid zoals die van andere pompoenen hebben, maar alleen een dun vliesje, waardoor ook de pitten gebruikt kunnen worden. In de eerste plaats natuurlijk uitgeperst, voor de heerlijke olie, maar ook fijngehakt als smaakmakende garnering kun je er deze salade mee bestrooien.

Saures Rindfleisch

Voor vier porties van deze rundvleessalade hebben we nodig:
650 gr. mager rundvlees, gekookt
zout en peper
2 rode uien
pompoenpitolie
azijn (witte wijnazijn, appelazijn, etc.), evt. verdund met water
2 hardgekookte eieren
evt.: gekookte pronkbonen (kievitsbonen, kidneybonen…)
evt.: 30 gr. mierikswortel

Snij het gekookte rundvlees (dwars op de draad) in flinterdunne schijven en leg ze op een bedje van sla (rucola, veldsla, iceberg…), of gewoon zonder de sla, op 4 borden.

Kruid het vlees met zout en peper en bestrooi het met dun gesneden uienringen en evt. een handje gekookte bonen. Meng de pompoenpitolie met de appelazijn-water en besprenkel er de salade mee. Bestrooi het met vers geraspte mierikswortel en leg er schijven gekookt ei op.

 

Saures Rindfleisch
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Clătite umplute la cuptor
Gevulde pannenkoekjes uit de oven

De pannenkoekjes in dit recept worden gevuld met kipfilet en groenten, en vervolgens gebakken in de oven onder een laagje room en kaas.

Gevulde pannenkoekjes uit de oven

Voor de pannenkoekjes hebben we nodig:
2 eieren
200 gr. bloem
1 snufje zout
4 dl. melk
2 el. olie

voor de vulling:
500 gr. kipfilet
1 ui
2 bosuitjes
1 rode paprika
1 wortel
zout en peper
oregano
tijm
peterselie
olijfolie
2 tenen knoflook
1 dl. witte wijn
2 el. tomatenpuree

en voor het bakken:
2 dl. zure room
1 ei
zout en peper
geraspte kaas

Voor de pannenkoekjes klop je de eieren los met de olie en een snufje zout. Meng er dan geleidelijk de melk en de bloem door tot een glad beslag. Laat het even rusten. Bak er in een beboterde koekenpan dunne flensjes van.

Kook de kipfilet gaar in wat gezouten water en snij het vlees in kleine stukjes.

Snipper de ui en bak ze rustig in wat olie tot ze glazig wordt. Snij ondertussen de bosuitjes, de wortel en de paprika in kleine stukjes. Doe het bij de ui, bak het nog eens vijf minuten. Nu gaan het vlees en de kruiden erbij. Rasp er de tenen knoflook boven en laat het 1 – 2 minuutjes al omscheppend bakken. Doe er nu een glas witte wijn bij en laat het koken tot de wijn verdampt is. Doe er de tomatenpuree bij, schep het nog eens goed om en zet het vuur uit.

Verwarm de oven voor op 180ºC.

Leg in het midden van ieder pannenkoekje een lepel vlees. Sla de zijkanten er een stukje overheen en rol ze op. Leg ze naast elkaar in een met boter ingevette ovenschaal.

Voor de saus klop je het ei los met de zure room. Kruid het met zout en peper en giet het over de pannenkoekjes. Bestrooi het met geraspte kaas en zet het in de oven. Bak de gevulde pannenkoekjes 15 – 20 minuten, tot het mooi gaat kleuren en de kaas gesmolten is.

Zet ze lekker warm op tafel met een frisse salade en een stevige mop dikke, volvette yoghurt. Koud zijn ze overigens ook nog heel goed te pruimen.

 

Gevulde pannenkoekjes uit de oven
download dit recept

Bosnische recepten      Gerechten uit de keuken van Bosnië en Herzegovina

 

Višegradska čorba
Višegrad soep

Višegrad is een klein stadje in het oosten van Bosnië en Herzegovina, op de grens met Servië. Het maakt deel uit van de Servische Republiek (niet te verwarren met de Republiek Servië), die samen met de Federatie van Bosnië en Herzegovina de staat Bosnië en Herzegovina vormt.
De naam “Višegrad” is een oud Slavisch woord dat zoveel betekent als “hoge burcht”. Die burcht heeft er ooit wel gestaan, maar daar is nu nauwelijks meer iets van te zien. Wat nog wel in volle glorie overeind staat, dat is de beroemde brug over de Drina, voltooid in 1577. De brug draagt de naam van Grootvizier Mehmed Paša Sokolović, die de opdracht gaf voor de bouw. De elegante Mehmed Paša Sokolović brug, die geldt als een hoogtepunt van de Ottomaanse architectuur, staat op de werelderfgoedlijst van UNESCO en is ook nog eens vereeuwigd in de roman “De brug over de Drina” van Nobelprijswinnaar Ivo Andrić.

Višegrad soep

Of deze smakelijke en voedzame soep ook zo oud is, dat weten we natuurlijk niet, maar de okra en het lamsvlees waarmee ze is gemaakt is wijzen in ieder geval wel in Ottomaanse richting.

Voor vier porties Višegradska čorba hebben we nodig:
300 gr. lamsvlees
1 ui
1 wortel
1 stengel bleekselderij
3 el. bloem
1 bosje bladpeterselie
1 paprika
1 el. tomatenpuree
1 tl. vegeta
½ tl. scherp paprikapoeder
25 gr. okra
azijn
zure room

Het lamsvlees snij je in blokjes. De wortel, de stengel selderij en de paprika snij je in stukjes. Snipper de ui en bak ze in een paar el. olie heel rustigjes glazig. Nu gaat het lamsvlees erbij. Zet het vuur wat hoger en bak het rondom bruin. Voeg de wortel, bleekselderij en paprika toe, schep het eens goed om en bak het nog een paar minuten.

Strooi er nu de bloem overheen en schep het eens goed om zodat de bloem het vet goed opneemt. Kruid het met het paprikapoeder, roer er de tomatenpuree door en giet er dan scheutje voor scheutje water bij. Wacht steeds tot de bloem het water heeft opgenomen en weer kookt. Ga door tot je een flinke pan niet al te dikke soep hebt. Doe er een schep vegeta bij, zet het vuur laag en laat het rustig pruttelen tot het lamsvlees gaar en zacht is. Af en toe roeren, anders brandt de soep aan.

Ondertussen kook je in een ander pannetje de okra, samen met een flinke scheut azijn en een snuf zout. Een kwartier, dan is de okra goed. Is de soep klaar, dan gaat de okra erbij. Een flinke klodder room erdoor en we kunnen aan tafel.

 

Višegrad soep
download dit recept

Kroatische recepten      Gerechten uit de keuken van Kroatië

 

Mazalice

Mazalice zijn sneetjes brood met daarop een portie gekruid gehakt, gebakken in de oven. Het wordt gegeten als lunch, samen met een frisse salade, of als tussendoortje, bijvoorbeeld ter ondersteuning bij het bier drinken. Lekker met kajmak, met ajvar, met ketchup of met mayonaise. Wat geraspte kaas, dat kan er ook over.

Mazalice

Mazalice maak je met:
500 gr. gehakt
2 eieren
2 el. olie
½ tl. oregano
1 tl. vegeta
zwarte peper
1 el. gehakte peterselie
5 – 6 fijngehakte tenen knoflook
boter of kajmak
oud brood, stokbrood, toastbrood

Meng alles tot en met de knoflook goed dooreen en zet het een uurtje in de koelkast.

Snij het brood in dikke plakken en smeer er een dun laagje boter of kajmak op. Bedek het met een flinke kwak van het gehaktmengsel en leg er een klontje boter op.

Bedek een bakplaat met bakpapier. Daar leg je de broodjes op. Zet ze in een op 150ºC. voorverwarmde oven en bak ze bruin.

Eventueel versieren met in ringen gesneden ui en peterselie, en opdienen met ajvar, met kajmak, met geraspte kaas of wat je verder zoal in de koelkast hebt staan.

 

Mazalice
download dit recept