Bulgaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Bulgarije

 

Клин чорба – Klin tsjorba
Steensoep

Eens, op een dag, klopte een zwerver aan bij een boerderij.
“Je komt er niet in”, riep de boerin door de deur, “want mijn man is niet thuis, en bovendien heb ik niets in huis.” Want zodra je je voordeur open doet heb je dik kans dat het geld gaat kosten, dat wist de boerin net zo goed als u en ik.
“Niets in huis?” zei de zwerver, “maar dan zal ik voor u een lekkere pan steensoep maken.”
Steensoep? Nieuwsgierig geworden loerde de boerin door het spionnetje en zag hoe de zwerver een grote, ronde kiezelsteen uit zijn versleten jas haalde.
“Steensoep?” zei ze wat vriendelijker, en ze zette de deur op een kier, want je leert de mensen kennen: zodra ze denken dat het het gratis is, zijn ze er als de kippen bij.
“De lekkerste soep die je ooit hebt geproefd,” zei de zwerver. “Als je een pan, wat water en een vuurtje voor me hebt zal ik je laten zien hoe het werkt. Als je man vanavond thuis komt zal hij je dankbaar zijn.”
Nou, nog meer gratis kan bijna niet, dus de boerin deed de deur voor hem open, vulde een grote pan met water en zette hem op het vuur. Toen deed ze een stap terug en keek hoe de zwerver de steen in het water liet vallen. Hij roerde even met een houten lepel, en ging toen zitten.

Wel vijf minuten wachtten ze zo, in stilte starend naar het borrelende water. Toen stond de zwerver op, schepte een klein beetje van het vocht op de lepel en proefde. “Prima!” zei hij met een goedkeurende hoofdknik. “Bijna klaar. Maar er moet natuurlijk wel een beetje zout bij.”
Ja, dat snapte de boerin ook wel. Soep zonder zout is natuurlijk niet te eten, dus opende ze een keukenkastje om het zout te pakken.
“En misschien een beetje gerst,” hoorde ze de zwerver zeggen, “en een beetje boter, als je het kunt missen.”
De vrouw gaf hem de spullen, die allemaal in de soep verdwenen. De vagebond roerde in de soep en proefde opnieuw.
“Veel beter!” knikte hij met een brede glimlach, en de boerin was als een kind zo blij dat haar kleine bijdrage zoveel waardering vond. “Veel beter” herhaalde de man, “maar in een goede steensoep moeten wel wat groenten en aardappelen. Heb je die nog wat in de kelder?”
Nou was de boerin kok genoeg om te weten dat er in een goede steensoep inderdaad, net als in iedere goede soep, aardappelen en groenten hoorden, dus spoedde ze zich naar de kelder om het gevraagde te halen. Aardappelen vond ze, en rapen, wortelen en bonen.
Langzaam begon zich een heerlijke lucht door het huis te verspreiden. De vagebond proefde opnieuw.
“De steen heeft ons niet in de steek gelaten,” zei hij plechtig. “Nu is het bijna soep. Het enige wat er nog aan ontbreekt is wat kippenbouillon, en misschien een stukje vlees.”
De boerin, die begreep dat zelfs steensoep een stuk zou opknappen van een lekker kippenboutje, haastte zich naar het erf en slachtte een kip.
“Steen in de soep, doe je best!” prevelde ze toen ze de in stukken gesneden kip in de soep liet zakken.
Toen hun neus hun vertelde dat de soep klaar was, schepten ze zich flink op en aten hun buikjes rond, ondertussen de wonderlijke steen prijzend die deze fantastische soep had mogelijk gemaakt. Zòveel soep had de steen opgeleverd dat er, zelfs toen ze geen pap meer konden zeggen, nog meer dan genoeg overbleef voor de boer. “…want die kan nu ieder moment thuiskomen” zei de boerin, waarop de zwerver, die een beetje slaperig was geworden door het eten en de warmte, als door een wesp gestoken uit zijn stoel omhoog schoot.
“Mijn dank voor het gebruik van de ketel en het water” zei hij galant, terwijl hij de steen uit de soep viste, hem schoon likte en in zijn zak stak, “maar nu moet ik er weer vandoor” en hij haastte zich de deur uit en verdween in het bos.

Geloof het of niet: steensoep is een echt Bulgaars gerecht. De naam heeft deze soep wellicht te danken aan het schijnbare allegaartje aan ingrediënten: prei, rijst, paprika’s en pruimen. Een ongebruikelijke combinatie, maar het levert een heerlijke lichte soep op met een bijzondere smaak.

De letterlijke vertaling van het woordje “klin” (Клин) is overigens niet “steen”, maar “wig”, en dat is dan ook het voorwerp waarmee in de Oost-Europese versies van dit oude verhaal de soep wordt gemaakt: een ijzeren wig of bijl.

Voor onze Bulgaarse steensoep hebben we nodig:
Steensoep 3 dunne preien
Steensoep 3 gedroogde rode puntpaprika’s
Steensoep 200 gr. gedroogde pruimen
Steensoep 1 kop rijst
Steensoep zout en peper
Steensoep 2 el. bloem
Steensoep olie
Steensoep 1 tl. scherp paprikapoeder

Zet een pan met water op het vuur. daar gaan de paprika’s en de pruimen in. Breng het water langzaam aan de kook.

Ondertussen snij je de preien: eerst in de lengte doormidden, dan in kleine stukjes. Als het water kookt gaan die in de steensoep. Een flinke lepel zout gaat erbij, een paar slagen van de pepermolen en de rijst. Laat alles rustig koken tot de rijst gaar is, 15 – 20 minuten.

Nu gaan we de soep een beetje binden. In een klein (steel)pannetje verhit je 2 – 3 el. olie. Roer daar de 2 el. bloem door. Zorg dat alle bloem door het vet wordt opgenomen en laat het heel even borrelen, maar niet te lang. Dan haal je het van het vuur, roer je er snel het paprikapoeder door en doet het bij je soep. even roeren.

Terwijl de soep nog eventjes staat te pruttelen gaan we de puntpaprika’s ontvellen. Vis ze uit de steensoep, schraap het vruchtvlees uit de vellen of de vellen van het vruchtvlees en doe het terug in de soep.

 


download dit recept

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *