Categoriearchief: Oostenrijk

Oostenrijk – Oostenrijkse recepten – gerechten uit Oostenrijk – de Oostenrijkse keuken

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Altwiener Backfleisch

Tafelspitz, dat is een oer-klassiek Oostenrijks recept gemaakt met een groot stuk vlees gesneden van het staartstuk van het rund. In Nederland is dat staartstuk tegenwoordig ineens picanha gaan heten. Waarom? We hebben geen flauw idee, maar dat terzijde. Dat staartstuk, die Tafelspitz dus, dat wordt samen met in grote stukken gesneden groenten gaar gekookt en opgediend in de bouillon, samen met de groenten en een schaaltje bieslooksaus. Aldus het -bij de meesten van ons welbekende- recept.

Altwiener Backfleisch, dat zouden we kunnen maken we als we onverhoopt een stuk van de Tafelspitz van gisteren over hebben. Het stuk Tafelspitz wordt in plakken gesneden en ingesmeerd met scherpe mosterd en vers geraspte mierikswortel. Ze worden vervolgens gepaneerd en in het hete vet goudbruin gebakken. Eigenlijk zou je het dus een schnitzel van gekookt rundvlees kunnen noemen.

Mocht nu dus het onwaarschijnlijke gebeuren en heb je nog een flink stuk over van je Tafelspitz van gisteren, dan is dit recept voor Altwiener backfleisch een heel aardig idee om er wat leuks mee te doen. Zet het op tafel met b.v. aardappelen, puree of een salade en je hebt een maaltje om er je vingers bij op te eten.

We hebben we nodig:
een stuk Tafelspitz, gekookt volgens de regelen der kunst

en verder:
scherpe mosterd
mierikswortel
bloem
ei
paneermeel
botervet

Altwiener Backfleisch
Snij je Tafelspitz in schijven van een slordige centimeter dik.


Elke schijf smeer je aan beide zijden in met de scherpe mosterd en doop je (of bestrooi je) met de vers geraspte mierikswortel.

Altwiener Backfleisch
Haal de plakken vlees achtereenvolgens door de bloem, het losgeklopte ei en paneermeel en bak ze aan beide kanten in het hete botervet goudbruin.


Even laten uitlekken op keukenpapier en klaar.


…en dan dienen we dit Altwiener Backfleisch natuurlijk op met een al even Altwiener aardappelsalade.

 

Altwiener Backfleisch
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Vegane Zwetschkenknödel mit paprikasauce
Vegan Pruimenknoedels met paprikasaus

Pruimenknoedels zijn een geliefd gerecht in heel Centraal Europa. Vaak zoetigjes, met een flinke schep suiker en slagroom, maanzaad of kaneel, gegeten als lunch- of nagerecht. Iets minder vaak zonder de suiker, zoals in dit recept voor Zwetschkenknödel mit paprikasauce, als het oogstrelende middelpunt van de hartige maaltijd, op een bedje van kittige paprikasaus.

Meestal wordt het deeg voor de knödel gemaakt met eieren, maar dat gaan we vandaag niet doen. Dit gerecht van met pruimen gevulde aardappelknoedels in een goulash-saus gaat namelijk helemaal veganistisch worden. Vandaag dus geen zuivel, geen eieren en geen dierlijk vet. Om de knödel bij elkaar te houden gebruiken we Speisestärke, a.k.a. maïszetmeel, a.k.a. maïzena. Het griesmeel dient om de knödel luchtig te houden.

Vegane Zwetschkenknödel mit paprikasauce

Op de foto hierboven zie je één hele grote knödel van welhaast epische omvang, waarbij reepjes paprika volkomen in het niet lijken te vallen. We kwamen bij de groenteman namelijk van die hele grote, diep-paarse, sappige pruimen tegen; forse, malse knapen van zo’n 150 gr. per stuk. We konden de verleiding natuurlijk weer niet weerstaan. Met 1 kilo aardappelen hadden we maar net genoeg deeg om 4 van die kanjers te omhullen. Neem je blauwe pruimen van wat bescheidener, gangbaarder afmetingen, laten we zeggen van rond de 60 – 70 gram per stuk (en da’s nog best behoorlijk voor een pruim) dan maak je met dezelfde hoeveelheid aardappelen precies twee knödel per persoon. Samen met de saus in ieder geval meer dan genoeg voor een genoeglijk en uiterst voedzaam maaltje.

voor 4 porties Zwetschkenknödel mit paprikasauce gaan we in huis halen:
8 forse blauwe pruimen (± 70 gr.)
1 kg. aardappelen (geschild)
100 gr. maïzena
100 gr. griesmeel
1 tl. zout
3 el. water

2 grote uien
1 – 2 paprika’s (rood of groen)
1 el. zoet paprikapoeder
½ – 1 tl. scherp paprikapoeder
1 tl. gemalen karwij
1 – 2 tl. suiker
1 koffielepel groentebouillon

Zwetschkenknödel mit paprikasauce
Kook de aardappelen gaar en werk ze door de aardappelpers. Laat ze helemaal afkoelen en meng ze dan pas met maïzena, griesmeel, zout en water. Niet als ze nog warm zijn, want dan worden de knödel klef. Maak een lange rol van het deeg en snij het in acht stukken.

Zwetschkenknödel mit paprikasauce
Haal evt. de pitten uit de pruimen. Druk de stukken deeg plat en verpak er een pruim in. Zorg dat ze goed gesloten zijn, evt. met behulp van een heel klein beetje water. Kook de knödel in 8 – 10 min. in gezouten water. Zorg dat het water niet te wild tekeer gaat, want dan vallen de knödel uit elkaar. Laat het zachtjes golven.

Zwetschkenknödel mit paprikasauce
Voor de saus snipper je de ui en bak je ze heel rustigjes tot ze glazig wordt. Doe er karwij en een klein beetje suiker bij en laat het nog twee minuutjes gaan. Doe er nu het paprikapoeder bij en blus meteen af met water. Rode wijn mag ook. Groentebouillon en reepjes paprika toevoegen en een half uurtje heel zachtjes laten gaan.

Schep de saus in diepe borden, leg er de knödel op en zet ze op tafel.

Vegane Zwetschkenknödel mit paprikasauce

 

Vegane zwetschkenknödel mit paprikasauce
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Pinzgauer Kaspressknödel
Kaasknoedels uit Pinzgau

Velen kennen het van de wintersportvakantie: de Pinzgauer Kaspressknödel, een specialiteit uit het Oostenrijkse alpengebied. Deze knödel van kaas, brood en eieren zijn niet, zoals alle andere knödel, rond als een tennisballetje, maar worden enigszins plat gedrukt: “gepresst”. Vandaar dus de naam. Kaspressknödel worden namelijk niet, zoals de meeste knödel, gekookt in water, maar gebakken in boter, en dat gaat nu eenmaal een stuk makkelijker als ze plat zijn.

In de regio Pinzgau, het westelijke deel van de deelstaat Salzburg, gelden dinsdag, donderdag en zondag traditiegetrouw als de uitgelezen dagen voor het eten van Kaspressknödel, maar op b.v. maandag smaken ze beslist niet minder goed. Een Kaspressknödel-maaltijd gaat gewoonlijk in twee etappes: eerst komen de knödel “zu Wasser”, dat betekent dat ze in een bouillon worden opgediend, daarna volgen de knödel -u raadt het al- “zu Lande”: opgediend met een groene salade of een portie zuurkool.

Is het grondrecept in alle streken hetzelfde, voor de kaas worden meestal de regionale specialiteiten gebruikt: in Tirol worden de Kaspressknödel met Bergkäse en/of Graukäse (een penetrant geurende kaas met een grijze schimmel op de schil) gemaakt, in Vorarlberg met Sura Kees, die wel wat lijkt op de Tiroolse Graukäse, en in het Salzburgse wordt -uiteraard- de fameuze Pinzgauer Bierkäse gebruikt. Niets van dat alles te krijgen bij de kaasboer? Neem dan een andere pittige Oostenrijkse bergkaas, die is altijd wel te krijgen.

Voor het brood gebruik je in Oostenrijk “Knödelbrot”, a.k.a. “Semmelwürfel”. Dat zijn gedroogde brokjes witbrood, kant en klaar in een zak, te koop in iedere super. Hier hebben we die luxe niet, dus nemen we oud witbrood, snijden het in blokjes en laten het kurkdroog worden in een matig warme oven.

Pinzgauer Kaspressknödel

voor 8 Kaspressknödel hebben we nodig:
200 gr. oud droog witbrood (zie hierboven)
1 kleine ui
zout en peper
bladpeterselie
200 gr. pittige bergkaas (zie hierboven)
1 dl. water
2 eieren

en verder:
roomboter voor het bakken
runderbouillon of een groene salade voor het opdienen

Pinzgauer Kaspressknödel
Snij de ui zeer fijn. Fruit ze in wat boter goudgeel. Laat het wat afkoelen en meng het dan door het brood.


Meng de (geraspte) kaas samen met wat zout, royaal peper en de gehakte peterselie onder het brood. Klop de eieren los met het water. Giet het over het brood-kaasmengsel, schep het even om en laat het dan een kwartiertje zo staan.

Pinzgauer Kaspressknödel
Druk het brood-kaasmengsel samen tot een deegbal. Verdeel het in acht stukken, vorm daar balletjes van, druk ze (een beetje) plat en bak ze in schuimende boter goudgeel aan beide kanten.


Dien de warme Kaspressknödel op in een hete runder- of groentebouillon, of met een frisse groene salade, of in de wintermaanden met zuurkool.

 

Kaspressknödel
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Böhmische dalken

Veel gerechten uit de Boheemse keuken hebben een vast plekje veroverd in het Oostenrijkse spijzenrepertorium en zijn zo volmaakt ingeburgerd dat geen Oostenrijker beter weet dan dat ze typisch Oostenrijks zijn. Zo is het ook met deze dalken, ook bekend als liwanzen of liwanzerln. Deze Boheemse bakseltjes mogen zich samen met Buchteln, Scheiterhaufen, Zwetschkenknödel, Mohnnudeln en Palatschinken tot de geliefdste lekkernijtjes van Oostenrijk rekenen.

Böhmische dalken zijn in feite uit de kluiten gewassen poffertjes. Ze worden, net als onze poffertjes, gemaakt van een gistdeeg en gebakken in een speciale pan, een Dalkenpfanne (ook Augenpfanne of Krapfenpfanne), wat hetzelfde is als onze poffertjespan maar dan met holtes die een stuk groter zijn. Daar komt ook de naam, dalken, vandaan: van het Tsjechische woordje voor die holtes in de dalkenpfanne: “vdolky”.

Dalken worden gewoonlijk opgediend per twee stuks, op elkaar, met daartussen een flinke lepel powidl, een dikke stroop van ingekookte pruimen, eventueel met nog wat zure room of plattekaas. Andere geliefde vullingen zijn vossebessen- of aardbeienmarmelade, maanzaad of walnoten, vanillesaus, abrikozenconfituur of Zwetschgenröster, en dan mag er vaak ook nog een dot room tussen. Maar wat de vulling ook is, ze worden -alweer net als onze poffertjes- altijd warm opgediend en bestrooid met poedersuiker.

Dalken

Voor onze Böhmische Dalken hebben we nodig:
3½ dl. melk
1 blokje verse gist (42 gr.)
240 gr. bloem
2 eieren
40 gr. gesmolten boter
de schil van 1 citroen
een snuf zout
60 gr. suiker

400 gr. powidl
250 gr. zure room
poedersuiker

Dalken
Verwarm een derde van de melk tot lauw. Los de gist erin op en meng het met ¼ van de bloem tot een brei. Dat heet de “Dampfl”. Bestrooi die Dampl met een beetje bloem en zet ze op een warme plek (max. 40ºC.). Laat ze een klein half uur staan, tot ze in volume verdubbeld is en het oppervlak scheuren vertoont.


Scheid de eieren en laat de boter smelten in een pannetje. Meng de gesmolten boter met de geraspte citroenschil, de eierdooiers, een snufje zout en de rest van de melk. Hierbij gaan de gerezen Dampfl en de resterende bloem. Werk het tot een beslag.


Klop de eiwitten stijf met de suiker en schep het voorzichtig onder het beslag. Zet het op een warme plaats en laat het nog eens een half uur staan. Het beslag vanaf nu niet meer roeren.

Dalken
Nu gaan we de dalken bakken. Verwarm de dalkenpfanne tot matig heet. In iedere kuil laat je een klontje boter smelten. Giet twee eetlepels van het beslag in het kuiltje, bak ze lichtbruin, keer ze één maal met een vork en bak ze af. Ze worden, net als poffertjes, snel bruin (in ongeveer 3 minuten) en blijven van binnen zacht, bijna nog een beetje rauw zelfs.


De gebakken dalken hou je het best warm in een oven (70ºC.) terwijl je de rest van het beslag bakt.

Dalken
Leg steeds twee dalken op een bord met daartussen powidl (of een andere vulling, zie hierboven), bestrooi ze met poedersuiker en zet ze op tafel.

 

Dalken
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Salzburger Bierfleisch
Salzburgs biervlees

Bier is in de Salzburgse keuken een geliefd ingrediënt. Naast het recept voor de befaamde Salzburgse biersoep mag dit niet minder fameuze Salzburger biervlees natuurlijk niet ontbreken. Rundvlees, samen met wat wortelgroenten gaar gestoofd in een grote plas donker bier. Opdienen met spätzle of andere eiernoedels, biertje ernaast en dan is verder commentaar overbodig.

Salzburger biervlees

Voor 4 porties Salzburger biervlees hebben we nodig:
800 gr. rundvlees
2 middelgrote uien
3 wortelen
1 peterseliewortel
1 pastinaak
¼ knolselderij
botervet
3 el. tomatenpuree
2 el. bloem
½ l. donker bier
½ l. runderbouillon
majoraan
tijm
peterselie
zout en peper

noedels of spätzle
boter

Salzburger biervlees
Snij het rundvlees in blokjes, niet te groot, niet te klein. Laten we zeggen zo’n 5 x 5 cm. Laat een klont botervet smelten in een pan met een dikke bodem en bak daarin het vlees op hoog vuur rondom snel aan. Haal het vlees uit de pan en zet het vuur laag.

Salzburger biervlees
Snipper de uien en laat ze op een zacht vuurtje zachtjes glazig en lichtbruin worden. Neem er de tijd voor. Ondertussen maak je de wortelgroenten schoon en snij je ze in wat grotere stukken.

Salzburger biervlees
Als de uien lichtbruin zijn doe je er de tomatenpuree en de bloem bij en laat je het een paar minuutjes meebakken. Giet nu met kleine beetjes tegelijk het bier in de pan. Blijf daarbij roeren, anders gaat het klonteren. Als het bier op is ga je verder met de bouillon. Breng het aan de kook en doe er dan het vlees in. Wacht tot het weer kookt, zet het vuur nu laag en doe er de groenten in. Kruid het vleespotje met majoraan, tijm, peterselie en wat peper en zout en laat het op een zacht vuurtje rustigjes gaar pruttelen. Een uurtje of twee zal het wel gaan duren.

Salzburger biervlees
Proef het biervlees even af op peper en zout.

Salzburger biervlees
Als het vlees goed is en iedereen is klaar om aan tafel te gaan is het tijd om de noedels of spätzle te koken. Laat de noedels/spätzle even goed uitlekken. Smelt ondertussen in een grote koekenpan een royale klont boter, eventueel met wat kruiden naar smaak. Nu gaan we de noedeltjes naar goed Oostenrijks gebruik nog even “schwenken” in de boter: al draaiend met de pan eventjes rondom aanbakken. En dan meteen serveren met het biervlees.

 

Salzburger biervlees
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Linzer Augen
Linzer ogen

Een echt ouderwets traditioneel kerstkoekje, dat niet alleen met Kerstmis, maar ook op andere gelegenheden gretig aftrek zal vinden. Waarom de koekjes Linzer Augen heten? Wel: de ogen, dat zijn de drie gaatjes in de koekjes waardoor de mooie rode vulling van aalbessengelei naar buiten kijkt. Dat Linz, dat komt van het deeg: Linzer deeg is een korstdeeg gemaakt van bloem, suiker, boter, citroenschilletjes, een snufje kaneel en gemalen amandelen; hetzelfde deeg waarmee ook de wereldberoemde Linzer Torte wordt gemaakt.

Linzer Augen

Voor onze Linzer Augen hebben we nodig:
300 gr. bloem
200 gr. boter
100 gr. poedersuiker
1 zakje vanillesuiker
2 eierdooiers
100 gr. gemalen amandelen
1 snuf kaneel
de fijn geraspte schil van een halve citroen

en dan nog:
aalbessengelei
poedersuiker

Linzer Augen
Snij de boter in kleine stukken en laat ze op kamertemperatuur komen.


Doe nu alle ingrediënten (bloem, zachte boter, poedersuiker, vanillesuiker, eierdooiers, amandelen, kaneel en citroenschilletjes) in een schaal en kneed het snel tot een samenhangend deeg. Maak er een bal van, rol het in plasticfolie en laat het minstens een uur in de koelkast rusten.

Linzer Augen
Verwarm de oven voor op 180ºC.


Bestuif een werkblad met bloem en rol er het deeg dun op uit. Steek er cirkeltjes uit van ongeveer 5 cm.. In de helft van die cirkeltjes steek je nog eens drie kleine rondjes uit. Leg ze op een met bakpapier beklede plaat en bak ze in 10 – 12 minuten mooi lichtbruin.

Linzer Augen
Laat ze heel eventjes wat afkoelen en bestrijk de koekjes zonder gaten met de aalbessengelei. De koekjes met gaten bestrooi je met poedersuiker en leg je op de koekjes met de gelei. Druk ze heel lichtjes wat aan, zodat de gelei een klein beetje opbolt in de gaatjes.


Laat de koekjes op een rooster helemaal afkoelen en bewaar ze tot gebruik in een blik of plastic doos. Leg er wel bakpapier tussen zodat het geen plakkerige boel wordt. Zet ze op een koele plek en laat ze een paar dagen staan, daar worden ze nòg lekkerder van.

 

Linzer Augen
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Salzburger Biersuppe
Biersoep uit Salzburg

Aan bier is er geen gebrek in het fraaie Salzburg, niet in het glas, en niet in de keuken. Een van de bekendste gerechtjes met bier moet wel deze Salzburgse biersoep zijn. Het is een simpel gerecht, gemaakt van niet meer dan een plas bier met wat kruiderij erin, die gebonden wordt met eierdooiers en slagroom. Een beetje zoet, dat is ze ook. Eigenlijk is het meer snoepgoed dan soep, die Salzburger Biersuppe, maar vooruit. We gaan niet zeuren. Het is simpel, het is lekker, het is voedzaam. En als er dan ook nog bier in zit, tsja…

Salzburgse biersoep

Voor deze tongstrelende Salzburgse biersoep nodig:
1 l. bier (pils is prima)
suiker
3 kruidnagels
1 kaneelstokje
de schil van ½ citroen
3 eierdooiers
3 el. slagroom
boter
2 schijven hard witbrood

Salzburgse biersoep
Smelt een klontje boter in een pan. Giet er het bier bij en kruid het met een theelepel suiker (of meer, naar smaak), de kruidnagels, het kaneelstokje en de citroenschilletjes. breng het aan de kook en laat het twee minuutjes stevig doorkoken. Zet het vuur nu laag zodat de soep niet meer kookt.

Salzburgse biersoep
Klop de dooiers los met de slagroom en meng ze al roerend onder de soep. Laat het op een heel zacht vuurtje nog wat gaan tot de soep dikker wordt, maar zorg dat ze niet meer kookt.

Salzburgse biersoep
Ondertussen snij je het brood in stukjes en bak je het in wat boter knapperig.

Salzburgse biersoep
Schep de Salzburgse biersoep in borden, bestrooi het met het brood en zet het op tafel. Eventueel mag er nog wat gesneden bieslook over.

Salzburger Biersuppe
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Powidl Pofesen
Verloren brood met pruimenmoes

Pofesen, gebakken boterhammen, danken hun naam naar alle waarschijnlijkheid aan de pavese, het manshoge ridderschild uit het Italiaanse Pavia. Waarom? Wie het weet mag het zeggen, maar wij hebben geen flauw idee.

De herkomst van het woordje Powidl is iets minder mysterieus. Het is een fonetische weergave van het Tsjechische povidel en staat voor een stroperige moes van ingekookte pruimen. Die pruimenmoes, die smeren we tussen de Pofesen: twee sneden brioche op elkaar, die we vervolgens door melk, ei en verkruimelde amandelen halen en dan goudbruin bakken in het hete vet. Ten slotte worden ze nog bestrooid met poedersuiker, en als je er echt werk van wil maken mag er ook nog vanillesaus en slagroom over. Inderdaad, net ons eigen wentelteefje, maar dan dubbeldik en extra feestelijk opgedirkt.

Powidl Pofesen

voor Powidl Pofesen voor 4 personen hebben we nodig:
8 sneetjes brioche
8 el. powidl (pruimenstroop)
1 dl. melk
3 eieren
1 zakje vanillesuiker
kaneel
zout
100 gr. geschaafde amandelen
botervet
poedersuiker

Powidl Pofesen
Snij het briochebrood in 8 schijven. Bestrijk de helft aan een kant met de pruimenmoes. Leg er een andere snee brood op en druk het goed op elkaar.


In een grote schaal klop je de eieren los met de melk, het zakje vanillesuiker, een snuf kaneel en een mespuntje zout.

Powidl Pofesen
Verbrokkel de geschaafde amandelen nog wat (maar maak er geen poeder van) en doe ze in een bord.


Verhit een royale laag (de Pofesen moeten er in zwemmen!) botervet in een koekenpan.

Powidl Pofesen
Doop de boterhammen even in de melk, haal ze dan door de losgeklopte eieren en tenslotte door de amandelen. Laat de boterhammen in hete hete vet glijden en bak ze goudbruin. Laat ze even uitdruipen op een stuk keukenpapier.


Bestrooi de Powidl Pofesen met poedersuiker en zet ze meteen op tafel. Ook lekker met vanille- of vruchtensaus, een bolletje ijs en stijf geslagen slagroom.

 

Powidl
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Donauwellen
Donauwellen

Een heerlijk taartje dat alles in zich verenigt wat een gebakje goed en lekker maakt: een luchtige bodem in twee kleuren, waarvan de cacao smakelijk contrasteert met de zure kersen die erover verdeeld worden; daarop een zijdezachte vanillecrème en dan ook nog eens een laag van zalige chocoglazuur. Dat glazuur, daarin wordt met een vork een golvend patroon getrokken, als de golven van de Schöne blaue Donau. Vandaar dus de naam van het taartje: Donauwellen.

Donauwellen

voor het deeg van deze Donauwellen hebben we nodig:
250 gr. boter
250 gr. suiker
1 zakje vanillesuiker
6 eieren
350 gr. bloem
1 zakje bakpoeder
2 el. cacao

1 pot (720 gr.) zure kersen (Sauerkirschen/morellen), zonder pit, uitgelekt

voor de crème:
1 zakje vanillepudding
½ l. melk
100 gr. suiker
250 gr. boter
1 citroen

en voor het glazuur:
100 gr. pure chocolade
100 gr. melkchocolade
50 gr. boter

Donauwellen
Verwarm de oven voor op 180ºC.


Roer de boter tot schuim en meng er beetje bij beetje de suiker, vanillesuiker en de eieren onder. Meng de bloem met het bakpoeder. Zeef het er boven en meng het er door. Verdeel het deeg in tweeën. Een deel meng je met het cacaopoeder. Bekleed een bakplaat met bakpapier. Smeer erhet vanilledeeg over. Daarover komt het cacaodeeg, en daarover verdeel je de kersen.

Donauwellen
Zet de bakplaat in het midden van de oven en bak het in ongeveer 30 minuten gaar. Laat het helemaal afkoelen.


Voor de crème roer je het puddingpoeder glad met 3 el. melk en de suiker. Breng de rest van de melk in een pannetje aan de kook. Roer er de puddingmassa in en kook het onder steeds roeren op. Neem het van het vuur en laat het afkoelen, maar roer het regelmatig om anders krijgen we van die vieze vellen. Tussen het roeren door klop je de boter schuimig. Roer er het sap van de citroen door plus de fijngesneden schilletjes van de helft van de citroen. Meng er nu de pudding lepel voor lepel door, en blijf roeren. Verdeel de crème gelijkmatig over het gebak en zet het in de koelkast.

Donauwellen
Breek de chocolade in kleine stukjes en smelt het samen met de boter au bain-marie. Verdeel de chocomassa over het gebak en trek er met een vork mooie “Donau-golven” doorheen.

 

Donauwellen
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Krensuppe
Mierikswortelsoep

De mierikswortel is de witte penwortel van de mierik (Armoracia rusticana), een plant uit de kruisbloemenfamilie. De wortel, die veel vitamine C bevat, wordt veel gebruikt in de keukens van Centraal-Europa, zowel in Oostenrijk, Tsjechië, Slowakije als Hongarije. In Duitsland staat de plant bekend als Meerrettich. Het oorspronkelijke verspreidingsgebied liep van Zuidoost-Europa tot West-Azië, waar mierikswortel in het wild vooral groeit op rivieroevers. Door haar populariteit als plant voor in de moestuin heeft ze zich verder kunnen verspreiden over heel Europa, en ook in de Verenigde Staten, Japan en Nieuw-Zeeland is ze helemaal ingeburgerd.

Voor deze romige en pittige vegetarische soep hebben we een stuk verse mierikswortel nodig. Rasp die wortel pas op het laatste moment, want de scherpe smaak, scherper dan de heetste mosterd, vervliegt snel.

Mierikswortelsoep

Mierikswortelsoep maken we met:
50 gr. boter
2 el. bloem
½ l. groentebouillon
2½ dl. melk
1¼ dl. zure room
2 el. witte wijn
citroensap
zout
een stuk verse mierikswortel
1¼ dl. slagroom

1 lente-ui
2 sneetjes donker brood

Mierikswortelsoep
Eerst maken we de croûtons. Snij het brood in dobbelsteentjes, bak het in de helft van de boter goudbruin en leg het apart.


Smelt de rest van de boter in de pan, doe er dan de bloem bij en schep het goed om, zodat de bloem al het vet opneemt. Giet er nu beetje bij beetje de bouillon en de melk bij, onder steeds roeren. Laat het even opkoken en zet het vuur dan uit.

Mierikswortelsoep
Meng de zure room met de staafmixer door de soep en breng ze op smaak met witte wijn, citroensap en zout.


Pak nu je mierikswortel en rasp hem op een fijne rasp boven de soep. Doe er net zoveel bij tot het scherp genoeg is naar je smaak.

Mierikswortelsoep
Klop de slagroom stijf. De helft gaat door de soep. Het lente-uitje snij je in dunne ringetjes.


Schep de soep op borden, leg er een dot slagroom op en garneer met de croûtons, nog wat geraspte mierikswortel en de lente-uitjes.

 

Mierikswortelsoep
download dit recept