Categorie archief: Roemenië

Roemenië – Roemeense recepten – gerechten uit Roemenië – de Roemeense keuken

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Clătite umplute la cuptor
Gevulde pannenkoekjes uit de oven

De pannenkoekjes in dit recept worden gevuld met kipfilet en groenten, en vervolgens gebakken in de oven onder een laagje room en kaas.

Gevulde pannenkoekjes uit de oven

Voor de pannenkoekjes hebben we nodig:
2 eieren
200 gr. bloem
1 snufje zout
4 dl. melk
2 el. olie

voor de vulling:
500 gr. kipfilet
1 ui
2 bosuitjes
1 rode paprika
1 wortel
zout en peper
oregano
tijm
peterselie
olijfolie
2 tenen knoflook
1 dl. witte wijn
2 el. tomatenpuree

en voor het bakken:
2 dl. zure room
1 ei
zout en peper
geraspte kaas

Voor de pannenkoekjes klop je de eieren los met de olie en een snufje zout. Meng er dan geleidelijk de melk en de bloem door tot een glad beslag. Laat het even rusten. Bak er in een beboterde koekenpan dunne flensjes van.

Kook de kipfilet gaar in wat gezouten water en snij het vlees in kleine stukjes.

Snipper de ui en bak ze rustig in wat olie tot ze glazig wordt. Snij ondertussen de bosuitjes, de wortel en de paprika in kleine stukjes. Doe het bij de ui, bak het nog eens vijf minuten. Nu gaan het vlees en de kruiden erbij. Rasp er de tenen knoflook boven en laat het 1 – 2 minuutjes al omscheppend bakken. Doe er nu een glas witte wijn bij en laat het koken tot de wijn verdampt is. Doe er de tomatenpuree bij, schep het nog eens goed om en zet het vuur uit.

Verwarm de oven voor op 180ºC.

Leg in het midden van ieder pannenkoekje een lepel vlees. Sla de zijkanten er een stukje overheen en rol ze op. Leg ze naast elkaar in een met boter ingevette ovenschaal.

Voor de saus klop je het ei los met de zure room. Kruid het met zout en peper en giet het over de pannenkoekjes. Bestrooi het met geraspte kaas en zet het in de oven. Bak de gevulde pannenkoekjes 15 – 20 minuten, tot het mooi gaat kleuren en de kaas gesmolten is.

Zet ze lekker warm op tafel met een frisse salade en een stevige mop dikke, volvette yoghurt. Koud zijn ze overigens ook nog heel goed te pruimen.

 

Gevulde pannenkoekjes uit de oven
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Plăcintă ţărănească
Boerenpastei

Het woordje plăcintă gaat terug op de oude Romeinen, die al een baksel maakten dat ze placenta noemden. We hebben zelfs nog een recept voor een echte Romeinse placenta, van niemand minder dan Cato de Oudere (234 – 149 v.Chr.), die in zijn De Agri Cultura (Over de Landbouw) een beschrijving geeft van dit gebak van laagjes deeg met daartussen een mengsel van kaas en honing.
Dacië, wat zo ongeveer het grondgebied besloeg van wat nu Roemenië is, werd aan het begin van de 2de eeuw ingelijfd door keizer Trajanus, die vond dat de Daciërs een bedreiging vormden voor de veiligheid van het rijk. Dat Dacië ook over rijke goud- en zilvermijnen beschikte was daarbij mooi meegenomen. Nadat een eerste veldtocht niet het gewenste succes opleverde werd in de jaren 105 – 106 een tweede oorlog gevoerd, waarbij de Daciërs definitief het onderspit delfden. 150.000 Daciërs werden als slaven weggevoerd, waarna de Romeinen een campagne op touw zetten om het gebied te bevolken met immigranten uit Italië en de zuidelijke Donau-provincies. Door die immigrantenstroom werd Dacië zo grondig geromaniseerd dat de sporen tot op de dag van vandaag onmiskenbaar aanwezig zijn. Ten eerste natuurlijk in de Roemeense taal, die direct afstamt van het Latijn, maar ook in deze placenta. Was het in Romeinse tijden een specifiek zoet gebak, nu wordt het woord plăcintă gebruikt voor zowat ieder taartvormig baksel, zowel zoet als hartig.
Deze boerenpastei wordt gemaakt van een eenvoudig brooddeeg, dus zonder boter of reuzel, zoals gewoonlijk in een deeg voor pasteien. Ze heeft een landelijke vulling van kool, spek en ui, en is gekruid met -hoe kan het ook anders in een Roemeens gerecht- dille.

Boerenpastei

Voor het deeg van deze plăcintă ţărănească hebben we nodig:
1 zakje (7 gr.) droge gist
1 tl. suiker
3 dl. lauwwarm water
500 gr. bloem

en voor de vulling:
1 kleine kool (wit, groen, spits)
300 gr. gerookt spek
1 kleine ui
2 el. paneermeel
1 ei
gedroogde dille
zout en peper
olie

Meng de gist met een snuf suiker, 2 tl. bloem en een scheutje lauw water. Geef het een paar minuutjes de tijd om wat te gaan schuimen. Zeef de bloem boven een kom en meng er de gist door. Voeg met beetjes tegelijk het water toe, kruid het met een snufje zout en kneed er een glad deeg van. Dek het af met een keukendoek en laat het op een warme, tochtvrije plek rijzen.

Snipper de ui en bak ze samen met het in blokjes gesneden spek in een grote, diepe pan tot de ui glazig wordt. Haal het spul uit de pan en zet het apart. Snij de kool in kleine reepjes en bak ze in het achtergebleven vet op hoog vuur een paar minuutjes. Zet het vuur uit en laat het allemaal afkoelen.

Meng de ui, het spek, het paneermeel plus een losgeklopt ei door de kool. Kruid het met dille, zout en peper.

Vet een springvorm of taartvorm in met boter. Verdeel het deeg in tweeën. Rol de deegballen op een met bloem bestoven werkblad uit tot twee ronde lappen. Vet een bakvorm in met olie en bekleed ze met een van de deeglappen. Schep er de vulling in en sluit het af met de tweede lap deeg. Prik met een vork hier en daar gaatjes in de pastei zodat de stoom tijdens het bakken kan ontsnappen.

Zet de pastei in de hete oven en bak ze in een goed half uur gaar en bruin. Serveer met verse room.

 

Boerenpastei
download dit recept

Roemeense recepten       Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Dovlecei umpluti
Gevulde courgette

De courgettes in dit recept worden gevuld met gehakt en kaas, gebakken in de oven en tot slot overgoten met een dillesaus. Het is een beetje werk, dat wel, maar het is niet moeilijk en het resultaat is niet alleen om te snoepen, maar ziet er bovendien ook nog eens fraai uit.

Gevulde courgette

Voor de gevulde courgettes hebben we nodig:
4 courgettes
1 ui
500 gr. gehakt
1 ei
5 – 6 el. geraspte kaas
1 el. paneermeel
2 tenen knoflook
zout en peper
peterselie

2 dl. groentebouillon
1 el. bloem
1 dl. room
1 tl. gedroogde dille

Deze gevulde courgettes maak je zo:

De courgettes spoel je goed af. Leg ze in een pan (of bakblik), vul het aan met water tot ze zo’n beetje onder staan en breng het aan de kook. Kook de courgettes tot ze zacht beginnen te worden.

Snij met een mes een inkeping over de hele lengte van de courgettes. Hol ze nu met een lepel uit.

Snipper de ui en bak ze in een paar el. olie zachtjes glazig. Zet 1/3 van de ui apart. Hak het vruchtvlees van de courgette klein en doe het bij de (rest van de) gebakken ui. Laat het onder steeds roeren heel zachtjes gaan tot al het vocht verdampt is. Op het laatst doe je er de tenen knoflook bij, uit de knijper. Roer het nog eens om, zet het vuur dan uit en laat het spul afkoelen.

Verwarm de oven voor op 200ºC.

Gevulde courgette

Meng het gehakt met het vruchtvlees van de courgette, het ei, het paneermeel en de kaas. Kruid het met peper, zout en de peterselie. Vul de courgettes met het mengsel.

Leg de courgettes naast elkaar in een bakblik, giet er wat water bij en zet het in de oven. Bak ze in 30 – 45 min. (afhankelijk van de grootte) gaar. De bovenkant moet mooi goudbruin zijn.

Ondertussen maken we de dillesaus. Verhit de apart gehouden gebakken ui in een steelpannetje met een extra scheutje olie. Roer er een flinke eetlepel bloem door. Giet er nu scheutje voor scheutje de groentebouillon bij. Wacht steeds tot de bloem het vocht heeft gebonden. Doe er nu een ferme theelepel gedroogde dille bij plus de room. Laat het wat inkoken tot een mooie, dikke saus, en proef het af op zout en peper.

Leg de courgettes op borden, overgiet ze met de saus en zet ze op tafel, b.v. met wat aardappeltjes.

 

Gevulde courgette
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Fasole bătută
Bonenpuree

Salată de icre, een smeerseltje van viskuit, is in Roemenië al sinds jaar en dag een populair gerechtje. Tijdens de communistische dictatuur waren luxe zaken zoals visseneitjes echter schaars, en dus voorbehouden aan “de meest verdienstelijke kameraden”. Wie niet tot de kliek van baasjes en hielenlikkers behoorde, die moest het dus zonder zien te redden. Schaarste maakt de mensen ingenieus, en ook in dit geval werd er een alternatief gevonden dat zo niet in smaak, dan toch in textuur het origineel vrij redelijk benaderde. Fasole bătută (“geslagen bonen”) wordt niet gemaakt van de eitjes van vissen, maar van uien en witte bonen. Het spul kreeg de spotnaam icre de fasole; “viskuit van bonen”, een bijnaam die, evenals het gerechtje, de verdienstelijke kameraden heeft overleefd. Je eet het, net als het origineel van visseneitjes, op een stukje -evt. geroosterd- brood, bij lunch of borrel.

Fasole batuta

voor onze kaviaar van bonen hebben we nodig:
300 gr. witte bonen
3 uien
2 worteltjes
1 laurierblad
4 tenen knoflook
zout en peper
2 – 3 el. olie
1 dl. sterke bouillon
bladpeterselie

Week de bonen een nacht in koud water. De volgende dag ververs je het water. Breng het aan de kook en laat het een kwartier koken. Giet de bonen af, doe er vers heet water bij en breng het opnieuw aan de kook. Pel een van de drie uien. Die gaat erbij, samen met de wortelen en het laurierblad. Kook de bonen tot ze helemaal zacht zijn en je ze makkelijk kunt pletten. De ui en het laurierblad haal je uit de pan; de worteltjes mogen blijven.

Giet het kookwater af, maar bewaar een kop. Doe de gehakte knoflook bij de bonen en maak er met een staafmixer een gladde puree van. Giet er wat van het kookvocht bij tot je een mooie, dikke, smeuïge consistentie hebt. Kruid het met zout en peper.

Snij de ui fijn en bak hem zachtjes in wat olie tot ze glazig wordt en goudbruin gaat kleuren. Daar mag nu de bouillon bij. Zet het vuur hoog en laat het inkoken tot een dikke puree.

Doe de bonenpuree in een schaal of op een bord en overgiet het met de uien. Versier het met wat gehakte peterselie en zet het op tafel met geroosterd brood.

 

Fasole batuta
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Salată de icre
Salade van viskuit

Waar de Grieken hun klassieke taramasalata hebben, daar hebben de Roemenen hun niet minder traditionele salată de icre, letterlijk “salade van visseneieren”. Meestal gemaakt van de eitjes van de karper, een van de meest gegeten vissen in deze contreien, maar ook de kuit van andere zoetwatervissen zoals snoek, snoekbaars of forel wordt gebruikt. Samen met brood, olie en citroensap wordt het, net als mayonaise, tot een luchtige, romige brij stijf geslagen. In tegenstelling tot taramasalata, dat om de een of andere duistere reden altijd met een knalroze kleurstofje schijnt te moeten worden behandeld, doen we bij deze Roemeense salată de icre niet moeilijk over de kleur. Je eet dit frisse smeerseltje op een sneetje -al dan niet geroosterd- brood, bij het ontbijt, als lunch of als borrelhapje.

Salade van viskuit

salată de icre maak je met:
100 gr. viskuit
4 dl. olie
2 sneetjes brood, in melk geweekt
een paar el. mineraalwater
het sap van 1 citroen
1 kleine fijngehakte ui
zout en peper

Doe de eitjes in een kom en begin te kloppen met een mixer. Doe er scheutje voor scheutje olie bij, wacht tot alles is opgenomen. Zodra je een homogene dikke massa hebt stop je met kloppen.

Doe nu het in stukjes gescheurde geweekte (en uitgeknepen) brood erbij en ga verder met mixen. Giet er opnieuw scheutje voor scheutje olie bij, maar wissel het nu af met het citroensap en het mineraalwater. Ga door met kloppen tot je een luchtig mengsel hebt dat aan je lepel blijft hangen.

Tot slot meng je er de fijngehakte ui doorheen. Kruid het met zout en peper naar smaak en zet het tot gebruik in de koelkast.

Serveer je salată de icre met (geroosterd) brood, als lunch, als onderdeel van een koud buffet of als borrelhapje.

 

Salade van viskuit
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Salata de leurda
Daslooksalade

Een uiterst simpel recept voor een smakelijke en gezonde voorjaarssalade van daslook en hardgekookte eieren. Een fraai gerechtje voor bijvoorbeeld op de paastafel, want Pasen is zo ongeveer de tijd dat de bladeren van de daslook tot volle wasdom zijn gekomen. Een uiterst eenvoudig en toch niet alledaags voor- of bijgerechtje.

4 bosjes daslook
4 eieren
2 el. mayonaise
4 el. yoghurt
zout en peper

Terwijl je de eieren hard kookt maak je de dressing. meng daarvoor de mayonaise met de yoghurt. Kruid het met zout en peper. Klaar.

Was de bladeren van de daslook onder koud water en dep ze goed droog. Snij ze niet al te fijn.

Leg de daslook op 4 borden. Pel de gekookte eieren en snij ze in vieren. Die leg je op de daslook. Schep er de dressing over en serveer.

 

Daslooksalade
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Borș moldovenesc
Moldavische zure soep

Borș is een ingrediënt uit de Roemeense en Moldavische keuken waarmee de traditionele zure soep wordt gemaakt, die -evenals het ingrediënt- borș heet. De soep wordt ook wel ciorbă genoemd. Borș wordt gemaakt van zemelen van graan die in water worden gefermenteerd, waarbij een geelachtige zure vloeistof ontstaat die niet alleen wordt gebruikt voor de soep, maar ook zo wordt gedronken. Het woord is van Russische oorsprong, borscht, en staat daar voor de welbekende soep van rode bieten. In Roemenië wordt het echter gebruikt voor iedere soort zure soep waarbij het zuurmakertje (gewoonlijk) de borș is.
Ook dit recept voor Moldavische borș heeft niets te maken met rode bieten. Het is een soep van varkensvlees en groenten, afgemaakt met een paar lepels borș voor het fijne zuurtje. Als je in onze contreien borș wil kopen zul je het met een lampje moeten gaan zoeken zonder enige garantie op succes. Zelf maken kan, maar het is een klusje waar je geduld voor moet hebben. Ter vervanging zou ik gewoon een paar lepels citroensap of wijnazijn gebruiken. Dat is niet helemaal hetzelfde, maar geeft beslist ook een smakelijk resultaat.

Moldavische borș

400 gr. varkenspoot
2 uien
2 – 3 laurierbladeren
zout en zwarte peper
1 prei
2 paprika’s
3 forse aardappelen
2 wortels
100 gr. gerookt spek
500 gr. rijpe tomaten (als de tomaten niet echt rijp zijn neem je beter tomaten uit blik)
2 – 3 el. borș (zie hierboven)
2 dl. zure room
1 bosje dille

Spoel de varkenspoot goed schoon en zet hem in een grote pan met ruim (2 – 3 l.) water op het vuur. Als het kookt doe je er een theelepel zout bij. Schep het schuim er af met de schuimspaan. Snij de uien in ringen en doe ze, samen met de laurierbladeren, in de pan. Kruid het met wat peper en laat de poot zachtjes sudderen tot hij gaar is en het vlees gemakkelijk van het bot loslaat. In de tussentijd maak je de groenten schoon en snij je ze allemaal in schijfjes, blokjes of reepjes. De tomaten ontvel je (inkruisen en even onderdompelen in kokend water, dan laten de velletjes gemakkelijk los) en snij je in stukken.

Haal de gare varkenspoot uit het water, haal het vlees van het bot en snij het in stukjes. Dat mag terug in de bouillon, samen met de groenten, de stukken tomaat en het in blokjes of reepjes gesneden spek. Breng het opnieuw aan de kook en laat het zachtjes sudderen tot de groenten gaar zijn.

Als de groenten gaar zijn gaat de borș bij de soep. Laat het nog vijf minuutjes koken en proef de soep af op peper en zout.

Schep de soep in kommen, lepel er een royale klodder zure room op en bestrooi het met verse dille.

 

Moldavische borș
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Colivă

Colivă is het traditionele gerecht van zoete tarwe met noten dat wordt gegeten bij religieuze ceremonies ter nagedachtenis aan de doden. Het graan vertegenwoordigt daarbij het lichaam van de overledene. Zoals Jezus zei (Joh. 12:24-25): “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als de tarwekorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen, maar als hij sterft, draagt hij veel vrucht. Wie zijn leven liefheeft, zal het verliezen, en wie zijn leven haat in deze wereld, zal het behouden tot het eeuwige leven.”

Colivă is een ritueel gerecht dat al in voorchristelijke tijden werd gegeten. Het woord zelf komt van het Oud-Griekse κόλλυβoς (kollybos), wat oorspronkelijk “klein muntstuk” betekende, maar later gebruikt werd voor kleine stukjes gekookt graan. Het verband tussen dood en leven, tussen dat wat wordt gezaaid in de grond en wat ontspruit, is vast ingebed in de traditie van het eten van colivă. Het ongebroken graan vertegenwoordigt daarbij het lichaam van de overledene. Toen het christendom de oude heidense goden van hun ereplaatsjes verbande werden, om de overgang naar de nieuwe orde gladjes te laten verlopen, een groot aantal gebruiken door de kerk in aangepaste vorm behouden. Zo werden bijvoorbeeld Heidense feesten omgetoverd tot christelijke en werden kerken vaak gebouwd op de plaats van een heidens heiligdom. Zo verging het ook deze zoete brij van graan en noten: van heidens gebruik ging het onmerkbaar over in een christelijke traditie, een van de weinige van oorsprong heidense rituelen die ons tot op de dag van vandaag zijn overgeleverd. Ook in andere landen waar de Orthodoxe kerk de overhand had is de traditie van het eten van deze brij nog springlevend, getuige het Griekse kollyva, het Russische kutya en het Servische koljivo.

Voordat het gegeten wordt, wordt de colivă naar de kerk gebracht om te worden gezegend. Ook de bereiding zelf heeft wat rituele elementen die over het algemeen nog wel in acht worden genomen. Zo moet de tarwe negen keer worden gewassen voor het wordt gekookt. Die negen keer symboliseren de negen orden van engelen. Dat zijn, van hoog naar laag: Serafijnen, Cherubijnen en Tronen. Dan komen de Vorstendommen, Machten en Krachten. De laagste orde bestaat uit Heerschappijen, Aartsengelen en Engelen. In die laatste categorie zitten onze beschermengelen, dus sla die negende keer beter niet over! De colivă wordt afgewerkt met een kruis, meestal van noten, maar ook wel van blokjes chocolade of ander snoepgoed. Vaak wordt er ook de tekst “veşnică pomenire” op gevormd, wat “eeuwige rust” betekent, of een afkorting daarvan in de vorm van de lettes “VP”.

Colivă
Orthodoxe priesters zegenen de colivă, ca. 1916.

Voor een colivă van Ø 24 cm. hebben we nodig:
500 gr. parelgort (dat is gepelde en geslepen gerst)
1 mespuntje zout
1½ l. water
250 gr. suiker
300 gr. walnoten
de schil van 1 sinaasappel
2 tl. gemalen kaneel
rum
200 gr. biscuit
100 gr. poedersuiker
gemalen noten
wat extra walnoten voor de versiering

Was de gort negen keer in lauwwarm water (zie hierboven). Nu de gort is gewassen doe je het in een pan en overgiet je het met 1½ l. koud water. Zet de pan op een laag vuur en laat het zachtjes koken tot bijna al het water door de gort is opgenomen. Niet roeren, want de korrels mogen niet stuk gaan. Alleen af en toe even met de pan schudden zodat het niet aan de bodem blijft kleven.

Nadat het water voor het grootste deel geabsorbeerd is voeg je 250 gr. suiker en een klein snufje zout toe. Meng het goed en laat het nog eens 10 tot 15 minuten gaan, tot al het water door de gort is opgenomen. Doof het vuur en dek de pan af met het deksel, eventueel nog met folie. Laat het een hele nacht zo staan.

De volgende dag zal de colivă een stevige, vaste consistentie hebben. Meng er de fijngehakte walnoten onder, samen met de fijngesneden sinaasappelschil, de kaneel en een scheut rum. Kneed het tot een homogene massa. Is het een beetje te nat, doe er dan 2 of 3 eetlepels fijngemalen biscuitjes bij.

Neem een ronde springvorm van ongeveer ø 24 cm. Haal de bodem er uit en zet de ring op een schaal. Vul de ring van de springvorm met de colivă. Druk het voorzichtig maar goed aan en maak met een bord de bovenkant mooi plat. Neem de ring voorzichtig weg.

Colivă

Maal de koekjes en de walnoten fijn en bekleed daarmee de colivă. Maak het met behulp van een spatel of taartschep mooi glad. Bestrooi het rijkelijk met poedersuiker en maak er een versiering op met (wal)noten, blokjes of rondjes chocolade, cacaopoeder, snoepjes, etc., etc. Dat zou een kruis kunnen zijn, eventueel met de lettes “v p” of de tekst “veşnică pomenire”, maar voel je vooral niet verplicht en laat je fantasie de vrije loop.

 

Colivă
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Ciuperci cu sos de cașcaval
Paddenstoelen met kaassaus

Dit eenvoudige vegetarische gerechtje van paddenstoelen met een romige kaassaus vormt, samen met een frisse salade en een stukje vers knapperig brood, een uiterst bevredigende lunch. Met dezelfde salade plus een portie aardappeltjes of mămăligă is het een voedzaam hoofdgerecht. Het woordje “cașcaval” duidt geen bijzondere soort kaas aan, maar wordt gebruikt voor alle soorten gerijpte “gele” kaas (in tegenstelling tot “witte” verse kaas zoals b.v. feta of kwark). Neem dus gerust Goudse kaas of iets dergelijks.

Paddenstoelen met kaas

400 gr. champignons
1 kleine prei
3 tenen knoflook
1 blokje groentebouillon
2 dl. zure room
5 – 6 el. geraspte Goudse kaas
scherp paprikapoeder

Maak de champignons en de prei schoon en snij ze in plakjes/ringetjes. De knoflook hak je fijn. Verhit een flinke klont boter in een pan en bak daarin de champignons op hoog vuur twee minuutjes aan. Schep het regelmatig om. Doe de prei en de knoflook erbij en laat het nog een minuutje verder bakken. Nu gaat er een scheut water (of witte wijn) doorheen. Breng het aan de kook, kruid het met de groentebouillon en laat het een minuut of tien gaan, op een matig vuurtje, tot de champignons hun vocht verloren hebben en het vocht uit de pan grotendeels is verdampt.

Schep de room nu door de paddenstoelen. Breng het weer aan de kook, laat het een minuutje stevig opkoken en zet het vuur dan uit. Meng er 5 – 6 el. geraspte kaas door, lepel de paddenstoelen op voorverwarmde borden en bestrooi het met scherp paprikapoeder. Serveren met aardappeltjes, mămăligă of knapperig brood.

 

Paddenstoelen met kaas
download dit recept

Roemeense recepten       Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Papanaşi
Zoete knoedels met jam en room

Papanaşi is een gebak van een deeg van plattekaas, bloem en suiker, gevuld met room en een confituur van kersen of blauwe bessen. Het gerecht wordt ook papanaşi prăjiţi genoemd: gefrituurde knoedels, omdat de deegballen worden gebakken in een laagje hete olie. De naam, papanaşi, zou volgens sommigen afgeleid zijn van het Latijnse papa, een woord waarmee kinderen eten aanduidden. Dit nagerecht is een echte Roemeense klassieker die je in zowat iedere eetgelegenheid op de kaart zult vinden. Papanaşi zijn vrij simpel om te maken, zien er bijzonder feestelijk uit en zijn werkelijk heerlijk om te eten.

Papanaşi

Acht papanaşi, voor vier personen, maak je met:
300 gr. verse kaas van koemelk (plattekaas/hüttenkäse/cottage cheese/topfen/ricotta…)
2 eieren
150 gr. bloem
1 tl. bakpoeder
2 el. griesmeel
75 gr. suiker
1 zakje vanillesuiker
1 tl. fijngeraspte citroenschil
1 klein snufje zout

zure room
confituur van blauwe bessen of kersen

Laat de plattekaas eerst een uurtje uitlekken in een met kaasdoek beklede zeef, anders wordt het allemaal veel te nat. Meng het dan met de losgeklopte eieren. Zeef de bloem boven een schaal en meng er bakpoeder, griesmeel, suiker, vanillesuiker, citroenschil en een snufje zout door. Voeg nu beetje bij beetje het kaas-eiermengsel toe. Werk het tot een zacht, maar goed samenhangend deeg. Is het te nat, dan mag er nog wat bloem bij, maar het deeg moet een beetje kleverig blijven anders worden de papanaşi niet luchtig.

Verdeel het deeg in 8 even grote stukken. Bestuif je handen met een beetje bloem en maak er mooi ronde, afgeplatte ballen van. Steek met een klein vormpje kleine cirkeltjes uit het midden van de deegballen en kneed ook die tot mooi ronde balletjes. Leg het allemaal even op bakpapier tot je de papanaşi gaat frituren.

Verhit een flinke laag olie in een pan. Daarin bak je de ballen, groot en klein, rondom mooi goudbruin. Niet te veel tegelijk, anders koelt het vet te veel af en worden ze vettig en zompig. Blijf in de buurt, want het gaat vrij snel. Laat de papanaşi goed uitlekken op keukenpapier.

Leg de papanaşi op borden, twee per persoon. Vul het gat van de papanaşi met een lepel room en een klodder confituur en leg daar dan het kleine deegballetje op. Serveer de papanaşi met flink wat extra room en confituur, zoveel als voor goed fatsoen, gezond verstand en lichamelijke gesteldheid toelaatbaar is.

Poftă bună!

 

Papanaşi
download dit recept