Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Palóc leves
Goulashsoep met lamsvlees

De Palóc is een bevolkingsgroep die zich ergens in de 9de eeuw vanuit het oosten in het Cserháter heuvelland hebben gevestigd, noordoostelijk van Boedapest, in het grensgebied met Slowakije. Ondanks hun afkomst, hun dialect, hun klederdracht en de bouwstijl van hun huizen, waarin ze zich onderscheiden van de Hongaren in andere landsdelen, worden de Palóc al sinds lang beschouwd als “echte” Hongaren. Hun aantal wordt geschat op 200.000, maar het onderscheid tussen verschillende bevolkingsgroepen is door de verregaande modernisering nauwelijks nog mogelijk, laat staan dat het zinvol is. Laten we wel wezen: aan klederdracht doen we allang niet meer, en wie spreekt er nog dialect behalve bij moeders thuis? Alle regionale bijzonderheden zijn langzaam aan het verdwijnen, daar zowel als hier. Wat overblijft is folklore. Als je daar nog wat van wil opsnuiven dan is het dorpje Hollókő, dat sinds 1987 op de UNESCO-werelderfgoedlijst staat, the place to be.

Deze soep staat niet op die werelderfgoedlijst, maar we hebben hem nog wel. Het heet dan wel soep, maar eigenlijk is het een echte Hongaarse goulash: een bijzonder natte stoofpot van vlees, aardappelen en uien, gekruid met paprikapoeder. Laten we het dus maar goulashsoep noemen, dan weet iedereen waar we het over hebben.


Tijdens het jaarlijkse paasfestijn in Hollókő gooien de jongens emmers water over de meisjes heen. ‘s Lands wijs, ‘s lands eer, zullen we maar zeggen.

Voor deze Palóc-soep/goulash hebben we nodig:
600 gr. mager lamsvlees
1 grote rode ui
1 teen knoflook
400 gr. sperziebonen
2 ferme aardappelen
1 klein bosje peterselie
3 el. reuzel of olie
1 tl. scherp paprikapoeder
1 tl. gemalen karwij
1 laurierblad
1 el. bloem
2 dl. zure room

Was het vlees, dep het goed droog en snij het in blokjes. Hak de ui en de knoflookteen fijn. Verhit het vet in de pan en laat de uien daarin zachtjes glazig bakken. Dan gaat het vlees erbij. Bak het kort mee en bestrooi het dan met paprikapoeder. Even goed omscheppen. Doe er de gehakte teen knoflook, wat gemalen karwij en het laurierblad bij. Kruid het met zout en peper en giet er 1½ litertje water bij. Breng het aan de kook en laat het koken tot het vlees half zacht is.

Ondertussen schil je de aardappelen en snij je ze in blokjes. De sperziebonen snij je in 2 of 3 stukken. Dat gaat bij het vlees in de pan. Dek het af en laat het heel zachtjes gaar sudderen.

Roer de bloem door de zure room. Die gaat bij de soep. Laat het nog 5 minuutjes gaan. Dat is tijd genoeg om de peterselie fijn te hakken. Strooi het over de soep en zet het op tafel.


download dit recept

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *