Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Böhmische dalken

Veel gerechten uit de Boheemse keuken hebben een vast plekje veroverd in het Oostenrijkse spijzenrepertorium en zijn zo volmaakt ingeburgerd dat geen Oostenrijker beter weet dan dat ze typisch Oostenrijks zijn. Zo is het ook met deze dalken, ook bekend als liwanzen of liwanzerln. Deze Boheemse bakseltjes mogen zich samen met Buchteln, Scheiterhaufen, Zwetschkenknödel, Mohnnudeln en Palatschinken tot de geliefdste lekkernijtjes van Oostenrijk rekenen.
Böhmische dalken zijn in feite uit de kluiten gewassen poffertjes. Ze worden, net als onze poffertjes, gemaakt van een gistdeeg en gebakken in een speciale pan, een Dalkenpfanne (ook Augenpfanne of Krapfenpfanne), wat hetzelfde is als onze poffertjespan maar dan met holtes die een stuk groter zijn. Daar komt ook de naam, dalken, vandaan: van het Tsjechische woordje voor die holtes in de dalkenpfanne: “vdolky”.
Dalken worden gewoonlijk opgediend per twee stuks, op elkaar, met daartussen een flinke lepel powidl, een dikke stroop van ingekookte pruimen, eventueel met nog wat zure room of plattekaas. Andere geliefde vullingen zijn vossebessen- of aardbeienmarmelade, maanzaad of walnoten, vanillesaus, abrikozenconfituur of Zwetschgenröster, en dan mag er vaak ook nog een dot room tussen. Maar wat de vulling ook is, ze worden -alweer net als onze poffertjes- altijd warm opgediend en bestrooid met poedersuiker.

Dalken

3½ dl. melk
1 blokje verse gist (42 gr.)
240 gr. bloem
2 eieren
40 gr. gesmolten boter
de schil van 1 citroen
een snuf zout
60 gr. suiker

400 gr. powidl
250 gr. zure room
poedersuiker

Verwarm een derde van de melk tot lauw. Los de gist erin op en meng het met ¼ van de bloem tot een brei. Dat heet de “Dampfl”. Bestrooi die Dampl met een beetje bloem en zet ze op een warme plek (max. 40ºC.). Laat ze een klein half uur staan, tot ze in volume verdubbeld is en het oppervlak scheuren vertoont.

Scheid de eieren en laat de boter smelten in een pannetje. Meng de gesmolten boter met de geraspte citroenschil, de eierdooiers, een snufje zout en de rest van de melk. Hierbij gaan de gerezen Dampfl en de resterende bloem. Werk het tot een beslag.

Klop de eiwitten stijf met de suiker en schep het voorzichtig onder het beslag. Zet het op een warme plaats en laat het nog eens een half uur staan. Het beslag vanaf nu niet meer roeren.

Nu gaan we de dalken bakken. Verwarm de dalkenpfanne tot matig heet. In iedere kuil laat je een klontje boter smelten. Giet twee eetlepels van het beslag in het kuiltje, bak ze lichtbruin, keer ze één maal met een vork en bak ze af. Ze worden, net als poffertjes, snel bruin (in ongeveer 3 minuten) en blijven van binnen zacht, bijna nog een beetje rauw zelfs.

De gebakken dalken hou je het best warm in een oven (70ºC.) terwijl je de rest van het beslag bakt.

Leg steeds twee dalken op een bord met daartussen powidl (of een andere vulling, zie hierboven), bestrooi ze met poedersuiker en zet ze op tafel.

 

Dalken
download dit recept

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *