Tagarchief: aardappelen

Oostenrijkse recepten       Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Einbrennte Hund
aangekoekte hond?

Dit ouderwetse burgermansgerechtje wordt ook wel Eingebrannte Erdäpfel genoemd. Dat klinkt al een stuk smakelijker dan de hond, zij het wat minder exotisch. Dat “eingebrannt” betekent overigens niet dat de zaak is aangebrand of aangekoekt, maar slaat op de roux, het mengsel van vet en boter, waarmee de aardappelpot wordt gebonden.

Einbrennte Hund is een eenvoudig potje “armeluiseten” van in bouillon gekookte blokjes aardappel, met wat uien, wat kruiden en flink wat augurken. Als er in een hoekje van de koelkast nog een worteltje of een stukje prei ligt te verpieteren, dan mag dat er ook bij. Het geheel wordt met bloem gebonden tot een dikke, smeuïge brij, met dien verstande dat we de blokjes aardappel nog wel als zodanig moeten kunnen identificeren. De einbrennte Hund kan helemaal vegan op tafel verschijnen, maar wordt doorgaans opgediend met een worstje erop of ernaast. Of erdoor, en dan in schijfjes, in het geval er niet genoeg worstjes zijn voor iedereen. Zoals gezegd: armeluiseten, maar wel lekker.

Einbrennte Hund

Voor 4 porties einbrennte Hund hebben we nodig:
1 kg. aardappelen
3 el. olie
2 uien
3 el. bloem
1 l. groente- of runderbouillon (mag ook van een blokje)
majoraan
peterselie
2 tenen knoflook
5 – 6 augurken, meer mag ook
eventueel wat worstjes (Frankfurter, Debrecziner, Bockwurst…)

Einbrennte Hund
Kook de aardappelen in gezouten water tot ze gaar, maar nog wel stevig zijn. Pel ze en snij ze in blokjes. Schijfjes mag ook.


Snij de uien klein en bak ze in de olie op een zacht vuurtje tot ze glazig worden.

Einbrennte Hund
Als de uien gaan kleuren strooi je er de bloem over. Meng het goed en laat het 2 minuutjes gaat, tot het wat lichtjes gaat kleuren, maar niet meer dan dat. Giet er dan beetje bij beetje en onder goed roeren de bouillon bij (of water met een blokje). Kruid het met majoraan en peterselie, doe er de blokjes aardappel bij, breng het opnieuw aan de kook en zet het vuur dan laag. Laat de einbrennte Hund heel zachtjes nog wat inkoken tot een mooie dikte.


Snij de augurken (en eventueel wat worstjes) in schijfjes. Die gaan er nu bij. Kruid het met zout en peper en rasp er de twee tenen knoflook boven. Breng het eventueel nog wat op smaak met een scheut (wijn)azijn, schep de einbrennte Hund nog eens goed om en zet hem op tafel.

 

Einbrennte Hund
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Zelníky
Zuurkoolpannenkoekjes

Bramboráky, die onweerstaanbaar smakelijke pannenkoekjes van geraspte aardappelen, die kent iedere liefhebber van de Tsjechische pot natuurlijk wel. Niet minder traditioneel zijn deze zelníky.

Zelníky zijn dezelfde kleine pannenkoekjes, maar nu met zuurkool als hoofdbestanddeel. Lekker als bijgerecht bij -bijvoorbeeld- een stuk varkensgebraad, maar deze zuurkoolpannenkoekjes kunnen ook heel goed op eigen benen staan, als lichte vegetarische maaltijd. Of wat minder vegetarisch, met wat uitgebakken spekjes en een lepel zure room…

Over wat nu precies het basisbeslag voor zelníky moet zijn, daarover zijn de meningen verdeeld. Volgens de een moeten ze gemaakt zijn van een beslag van aardappelen, bloem en zuurkool en worden ze -net als bramboráky- gebakken in de koekenpan. Volgens anderen zijn de enige echte zelníky pannenkoekjes van een deeg van zuurkool, bloem en reuzel, dat niet in de koekenpan, maar in de oven wordt gebakken. Die methode levert knapperige, krokante zelníky op, terwijl de versie met aardappelen een stuk zachter zal uitvallen.

Overigens is er nog een derde versie: kynute zelniky, gemaakt van gistdeeg. Die eren we met een eigen pagina, maar de eerste twee, die doen we hieronder.

Zelníky

Voor onze zelníky met aardappelen hebben we nodig:
500 gr. zuurkool
750 gr. aardappelen
80 gr. bloem
1 ei
zout en peper
gemalen karwij
majoraan
4 el. vet (reuzel, botervet, ganzenvet of olie)

Zelníky
Laat de zuurkool goed uitlekken, knijp er zoveel mogelijk vocht uit en snij het klein. Schil de aardappelen, rasp ze en pers ook daar zoveel mogelijk van het vocht uit. Dat gaat misschien het beste in een keukendoek die je stevig aandraait.


Meng de kool en de aardappelrasp met het ei en de bloem. Het resultaat moet een dikke massa zijn die min of meer aan je lepel blijft hangen. Breng het op smaak met zout en peper, gemalen karwij en een snuf majoraan.


Verhit de reuzel (botervet, olie) in een koekenpan. Schep nu steeds een lepel van het beslag in de pan, vorm er een plat schijfje van en bak het in 6 – 8 minuten aan beide kanten goudbruin.

 

Voor zelníky met bloem en reuzel halen we in huis:
500 gr. zuurkool
500 gr. bloem
250 gr. reuzel (evt. ganzenvet of botervet)
zout en peper
gemalen karwij
majoraan

Zelníky
Laat de zuurkool goed uitlekken, knijp er dan zoveel mogelijk het vocht uit en snij het klein.


Zeef de bloem in een kom, leg er de reuzel op en snij het met twee messen klein, waarbij je het mengt met de bloem. Doe er nu de zuurkool bij, een theelepel gemalen karwij, zout en peper en een snuf majoraan. Kneed er een samenhangend deeg van. Is het te plakkerig, dan mag er nog wat bloem bij.


Rol het deeg dun uit (½ – 1 cm.) op een met bloem bestoven werkblad. Steek er met behulp van een glas of iets dergelijks rondjes uit van ongeveer Ø 8 – 10 cm. Bekleed een bakplaat met bakpapier en leg er de rondjes deeg naast elkaar op. Zet ze in een op 200ºC. voorverwarmde oven en bak ze in 20 – 30 minuten goudbruin.

 

Zelníky
download dit recept

Macedonische recepten      Gerechten uit de keuken van Macedonië

 

Мусака – Musaka

De ons welbekende Griekse moussaka, met bechamelsaus, kaas en aubergines, staat ver van dit traditionele ovenpannetje. Dat is een uitvinding van een Griekse kok die in Parijs zijn métier heeft geleerd, vandaar de bechamelsaus. Niet alleen in Griekenland, maar in alle landen van de Balkan is moussaka een populair gerechtje, maar dan wel in de traditionele, oeroude versie, zoals die waarschijnlijk ergens in de 16de eeuw in het kielzog van de Ottomanen de Balkan kwam opmarcheren. Moussaka -in het Arabisch musaqqa‘a– is namelijk een gerecht dat oorspronkelijk uit het Midden-Oosten komt.

In deze Macedonische versie bestaan de ingrediënten uit een ui, een wortel, een paar aardappelen en een pondje gehakt. Het wordt gekruid met mild paprikapoeder en wordt afgedekt met -gewoonlijk- een mengsel van eieren en melk, maar soms, zoals in dit recept, met eieren en yoghurt.

Musaka

Voor onze Macedonische musaka hebben we nodig:
1 kg. aardappelen
500 gr. rundergehakt
1 grote ui
1 grote wortel
½ dl. olie
zout en peper
1 el. zoet paprikapoeder

5 dl. yoghurt (10% vet)
3 eieren
1 el. bloem

Musaka
Snipper de ui en snij de wortel klein. Bak ze heel rustigjes in wat olie tot de ui glazig wordt. Zet het vuur wat hoger en doe er het gehakt bij. Bak het al omscheppend tot het gaat kleuren. Kruid het met zout en peper, zet het vuur uit en meng er het paprikapoeder door.


Schil de aardappelen en snij ze in flinterdunne plakjes. Leg die in laagjes in een ingevette ovenschaal. Daarop schep je het gehakt. Dek de schotel af met een deksel en bak het 40 minuten in een hete oven, 200ºC.

Musaka
Meng de eieren met de yoghurt en de bloem. Giet het over de moussaka en zet het terug in de oven. Verlaag de temperatuur naar 150ºC. en bak het nog eens 20 minuten.

 

Musaka
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Wiener Erdäpfelsuppe
Weense aardappelsoep

We kunnen ons de Weense keuken nauwelijks voorstellen zonder aardappelen, maar toch was het pas vrij laat dat het knolletje haar opwachting maakte op het culinaire podium. Weliswaar was de aardappel (die oorspronkelijk uit de Nieuwe Wereld komt en dus tot 1492 voor Europeanen een onbekende was) al in 1588 door de befaamde botanicus Carolus Clusius naar Wenen gebracht, maar dat feit bleef buiten het gezichtsveld van de meerderheid van de bevolking. Aanvankelijk werden aardappelen alleen als rariteit aangeplant in de kruidentuintjes van kloosters, waar de monniken leerden hoe ze te gebruiken en te telen. Al snel werd duidelijk op wat voor een enorme schat ze waren gestoten. Het bleek een gewas dat zeer makkelijk te vermeerderen was, een enorme productie had en vooral zeer voedzaam was. Er was echter één probleempje: niemand wilde het ding eten. Het kwam uit een ver, overzees land vol wildemannen, het groeide onder de grond en het was giftig, zo was de algemene teneur (en inderdaad zijn de planten giftig, maar de knollen, de aardappels zelf, niet). Pas in de tweede helft van de 18de eeuw, toen misoogsten tot hongersnood hadden geleid en keizerin Maria Theresia zich hoogstpersoonlijk ging bezighouden met de promotie, begon de aardappel als volksvoedsel opgang te doen.

Vanwege de neutrale smaak en de vindingrijkheid van de koks en kokkinnen zijn er in de Weense keuken talloze gerechten met aardappelen gecreëerd: gebakken, gekookt, gepureerd, geroosterd of gefrituurd, als Erdäpfelschmarren, Erdäpfelgulasch, Erdäpfelsalat, Erdäpfelkrapferl, Erdäpfelknödel, of als deeg voor zoete naspijzen zoals Powidltascherl of Zwetschkenknödel, om maar een kleine greep uit het bijna onuitputtelijke repertoire te doen. En natuurlijk -last but not least- deze smakelijke, voedzame en troostrijke Weense aardappelsoep vol met groenten, kruiden, wijn en room.

Weense aardappelsoep

Voor een flinke pan vol Weense aardappelsoep hebben we nodig:
1½ l. runderbouillon
300 gr. aardappelen
100 gr. paddenstoelen (champignons, cantharellen, eekhoorntjesbrood, etc.)
4 el. botervet
1 el. bloem
witte wijn
1 ui
1 wortel
1 stengel bleekselderij
1 kleine pastinaak
50 gr. gerookt spek
1 laurierblad
majoraan
gemalen karwij
2 tenen knoflook
zout en peper
1¼ dl. slagroom
bieslook

Weense aardappelsoep

Schil de aardappelen en maak de wortelgroenten schoon. Snij het allemaal in kleine blokjes van ongeveer 1 cm. Maak de paddenstoelen schoon en snij de steeltjes eraf. Die leg je apart. De hoeden snij je in niet al te kleine stukken. Pel en snipper de ui.

Laat in een grote pan het botervet smelten en bak de gesnipperde ui tot ze glazig wordt. Zet het vuur nu hoog en doe er de steeltjes van de paddenstoelen plus 1/3 van de wortelgroenten en aardappelen bij. Bak het kort al omscheppend en strooi er dan de bloem over. Giet er een scheut witte wijn bij, roer het glad en giet er dan de (hete) runderbouillon bij. Breng het aan de kook en kruid het met een snuf majoraan, laurier, karwij, geperste knoflook en zout en peper. Laat het 10 minuutjes rustig koken.

Weense aardappelsoep

Haal het laurierblad uit de aardappelsoep en maak de soep fijn met een staafmixer. Doe er nu de rest van de wortelgroenten en aardappelen in en laat het een kwartier verder gaar pruttelen.

Ondertussen laat je in een andere pan het in blokjes gesneden spek uitbakken. Als ze genoeg vet hebben losgelaten bak je er al omscheppend de hoeden van de paddenstoelen in.

Weense aardappelsoep

Meng de slagroom door de aardappelsoep, doe er de paddenstoelen en het spek bij en laat het nog even opkoken. Proef af op zout en peper.

Doe de aardappelsoep in borden of kommen en bestrooi ze met gehakte bieslook.

 

Weense aardappelsoep
download dit recept

Slowaakse recepten      Gerechten uit de keuken van Slowakije

 

Zemiakové placky
Aardappelkoekjes

Anders als de Slowaakse lokše, die worden gegeten met zuurkool, worden deze aardappelpannenkoekjes gekruid met zout, peper, knoflook en majoraan. Ze worden opgediend met een flinke dot room, of gegeten als bijgerecht bijeen stuk vlees of een stoofpotje. We zullen u niet langer in spanning houden omtrent de identiteit van dit lekkers: deze aardappelkoekjes, razend populair in heel Centraal-Europa, staan bekend onder namen als Kartoffelpuffer, Reibekuchen, Erdäpfelkrapferl, bramboráky, tocsni en zo kunnen we nog wel een pagina verder gaan, maar dat doen we niet. Afgezien dus van de Slowaakse naam, niets bijzonders in gindse contreien, maar wel bijzonder lekker.

Aardappelkoekjes

Voor onze Slowaakse aardappelkoekjes hebben nodig:
4 grote aardappelen
4 el. bloem
1 ei
1 tl. majoraan
3 – 4 tenen knoflook
½ – 1 tl. scherp paprikapoeder
zout
boter of olie

Aardappelkoekjes
Kook de aardappelen gaar, pel ze en werk ze door een aardappelpers. Meng er de bloem, het ei, een theelepel gedroogde majoraan en de geraspte tenen knoflook door. Kruid het met het paprikapoeder en een flinke snuf zout.


Het beslag moet zo dik zijn dat het min of meer aan je lepel blijft hangen. Is het te nat, doe er dan nog wat bloem bij.

Aardappelkoekjes
Verhit wat boter of olie in een koekenpan. Schep er een lepel van het beslag in, vorm er snel een mooi rond pannenkoekje van en bak het aan beide kanten goudbruin.


Heel erg lekker als bijgerecht bij een stuk vlees of een stoofschotel, deze aardappelkoekjes, maar ook als zelfstandig gerechtje, samen met wat room of appelmoes meer dan uitstekend te genieten.

 

Aardappelkoekjes
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Erdäpfelknödel
Aardappelknoedels

Erdäpfelknödel, aardappelknoedels, zijn erg lekker als bijgerecht bij gebraden eend of gans, of bij varkensgebraad met zuurkool of rode kool. Bij een pittige goulash of andere stoofpot zijn ze ook niet te versmaden. Aardappelknoedels zijn niet moeilijk te maken, maar zorg er wel voor dat de aardappelen helemaal afgekoeld zijn voordat je de rest van de ingrediënten (met name de bloem) erdoor mengt, anders worden ze klef en plakkerig.

Aardappelknoedels

Voor acht dotjes van aardappelknoedels hebben we nodig:
1 kg. bloemige aardappelen
50 gr. griesmeel
zout
160 gr. bloem
1 ei (L)
30 gr. boter


Kook de aardappelen in de schil gaar, pel ze en laat ze goed uitdampen. Werk ze dan door een aardappelpers en laat ze helemaal afkoelen.

Aardappelknoedels
Als de aardappelen koud zijn meng je de rest van de ingrediënten erdoor. Kneed er een deeg van, verdeel het in 4 stukken, en elk van die 4 stukken weer door de helft en vorm er ronde ballen van (als het goed is heb je er nu 8).


Zet een grote pan met licht gezouten water aan de kook. Zorg dat het water niet te hard kookt: een beetje laten golven is voldoende. Laat de ballen er in glijden, ga met een houten lepel over de bodem om te zorgen dat ze er niet aan vast blijven kleven en laat de aardappelknoedels in 15 tot 20 minuten gaar koken.

 

Aardappelknoedels
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Bauerngulasch
Boeren goulash

“Als de boeren niet meer klagen en de pastoors niet meer vragen…” zo luidt een gezegde uit de geboortestreek van mijn lief moedertje, God hebbe haar ziel. Wat zoveel wil zeggen dat -mocht die dag aanbreken- alles mogelijk is, zelfs het meest ondenkbare. De wereld kan zomaar ineens vergaan, om maar iets te noemen. Pastoors zie je de laatste tijd steeds minder, wat in deze context dan weer een zorgwekkende ontwikkeling is, maar gelukkig hebben we nog boeren genoeg en is er altijd wel reden tot klagen: is er niet te veel regen, dan is er wel te veel zon, te vroege vorst of te late dooi. Want de boer, daar kun je op rekenen.

Boeren goulash

Over deze goulash van rundvlees, spek en groenten zul je beslist niemand horen klagen. Daar kun je ook op rekenen.

Voor een pannetje vol boeren goulash hebben we nodig:
600 gr. rundvlees
150 gr. gerookt spek
1 ui
3 wortelen
2 tenen knoflook
1 prei
1 el. scherp paprikapoeder
1 snuf majoraan
1 tl. karwij
1 klein bosje peterselie
1 laurierblad
zout
1 kleine knolselderij
2 el. tomatenpuree
4 grote aardappelen

Boeren goulash
Snipper de ui en snij het spek in blokjes. Verwarm wat olie of reuzel in een pan en bak daarin de ui samen met het spek tot de ui glazig wordt. Snij ondertussen het vlees in blokjes. Snij de wortelen in schijfjes, de prei in ringen en de knolselder in blokjes. De tenen knoflook hak je klein.


Als de uien gaan kleuren zet je het vuur hoog. Doe het vlees in de pan en bak het al omscheppend snel rondom bruin. Doe dan de knoflook, wortelen, prei en knolselder erbij en laat het -nog steeds op hoog vuur- een paar minuten al omscheppend meebakken.

Boeren goulash
Haal de pan nu van het vuur en strooi er het paprikapoeder overheen. Omscheppen, terug op het vuur en meteen overgieten met heet water, net zoveel tot het allemaal net onder staat. Breng het weer aan de kook en kruid de goulash met zout, peterselie, laurier, majoraan en karwij. Roer er de tomatenpuree door en laat de goulash op een zacht vuurtje gaar pruttelen.


Ondertussen schil je de aardappelen. Snij ze in stukken en kook ze in een beetje gezouten water tot ze gaar, maar nog stevig zijn. Die gaan bij de goulash als het vlees zacht is. Laat het nog een paar minuutjes gaan en zet de pan dan op tafel. Iedereen een lepel en allemaal een smakelijk gebruik.

goulash Alle recepten voor GOULASH

 

Boeren goulash
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Krkonošské sejkory nasladko
Zoete aardappelpannenkoekjes uit het Reuzengebergte

“Sejkory”, zo noemen ze in het Reuzengebergte die tongstrelende, geurig goudbruin gebakken zaligheidjes die in de rest van Tsjechië bramboráky heten: kleine pannenkoekjes van geraspte aardappel, bij elkaar gehouden met eieren en bloem. De gewone sejkora is een aardappelpannenkoekje als ieder ander: een hartige bramorák, gekruid met majoraan, karwij en knoflook. Deze niet. Deze zijn zoet, met honing en speculaaskruiden.

Zoete aardappelpannenkoekjes

Voor deze zoete aardappelpannenkoekjes hebben we nodig:
1 kg. aardappelen
2 eieren
1 el. peperkoekkruiden
1 el. honing
± 60 gr. bloem
slagroom
geraspte peperkoek
poedersuiker

Zoete aardappelpannenkoekjes
Kook de aardappelen gaar in de schil en laat ze eventjes wat afkoelen. Pel ze en rasp ze fijn boven een kom. Met een aardappelpers gaat het misschien nog makkelijker. Meng er de eieren door, de peperkoekkruiden en de honing. Meng er tenslotte de bloem door, zoveel als nodig is om er een mooi samenhangend deeg van te maken. Is het te dik uitgevallen, dan mag er wat melk bij.


Vorm er met vochtige handen kleine platte pannenkoekjes van en bak ze aan beide kanten mooi goudbruin in een paar el. hete olie, ± 2 min. aan iedere kant.


Dien ze lekker warm op, bestrooid met geraspte peperkoek, poedersuiker en een flinke dot room.

 

Zoete aardappelpannenkoekjes
download dit recept

Kroatische recepten       Gerechten uit de keuken van Kroatië

 

Bijeli žganci
Witte brij

Dit uiterst eenvoudige gerechtje van aardappelen en bloem is een echte oeroude klassieker. Buurland Slovenië kent een versie van dit gerecht met boekweit i.p.v. aardappelen: het fameuze Ajdovi žganci, waarvan gefluisterd wordt dat het er al gegeten wordt sinds de Romeinen. Zo antiek is deze witte brij uit Kroatië niet, want de aardappelen die er de hoofdmoot van vormen waren toen nog niet bekend in Europa. Oud is het wel, deze bijeli žganci, uit de tijd dat oma’s nog geen blikjes en zakjes in het keukenkastje boven de magnetron hadden staan, maar kelders hadden met papieren zakken met bloem, met bonen en met suiker, weckpotten met de oogst van afgelopen zomer en helemaal achterin een hok voor de kolen en eentje voor de aardappelen.

Het gerechtje is even simpel als smakelijk: de aardappelen worden gekookt en gepureerd, vervolgens vermengd met bloem en wat van het kookvocht en dan nog een kwartiertje verder gegaard. Het geheel wordt opgediend als bijgerecht met een flinke klont boter erop, of als hoofdgerecht met gebakken uien en spek en/of een ferme klodder room, met daarnaast een groene salade. Toegegeven, je kunt het niet echt haute cuisine noemen, maar zeg nu eens eerlijk: als we onze oogjes sluiten en terugdenken aan de gelukkige, lang vervlogen jaren van onze jeugd, zijn het dan voor de meesten van ons niet zeker ook de kookkunsten van oma die onze zoetste herinneringen kleur en geur geven?

Bijeli žganci

voor oma’s bijeli žganci hebben we nodig:
600 gr. aardappelen
200 gr. bloem
zout
een genereuze klont boter

en verder:
2 – 3 el. boter of reuzel
2 uien
(evt.) gerookt spek
(evt.) zure room

Schil de aardappelen en kook ze gaar in gezouten water. Giet ze af (maar bewaar het kookwater!) en werk ze door een aardappelpers in een pan met een dikke bodem. Doe er de bloem bij, een flinke snuf zout, een royale klont boter en een overvloedige scheut van het kookwater van de aardappelen. Meng het goed, zet het vuur heel laag en laat het al roerend een klein kwartiertje gaan. Als het te droog en te stijf wordt mag er nog wat kookvocht bij. Als je de bijeli žganci als bijgerecht eet ben je nu alweer klaar.

Als de witte brij als hoofdgerecht dient, dan snij je de uien in ringen. Bak ze (evt. samen met wat in dobbelsteentjes gesneden spek) in een flinke klodder boter goudbruin. Dat gaat over de bijeli žganci. Serveer het geheel met een groene salade en eventueel nog een flinke lepel zure room.

Feest.

 

Bijeli žganci
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Erdäpfelgulasch 1914
Aardappelgoulash 1914

Aan het begin van de Grote Oorlog van 1914 – 1918 werd in Wenen een organisatie in het leven geroepen met als doel oorlogsinvaliden en hun gezinnen te ondersteunen: het Zwart-Gele Kruis (zwart en geel waren de kleuren van de vlag van de keizerlijke familie). Om fondsen te werven werden metalen wiebertjes verkocht met daarop een zwart kruisje en het wapen van de stad Wenen. Dat liep als een tierelier en het duurde dan ook niet lang of er kwam een hele bazaar aan bullen op de markt om de vaderlandslievende burgerij tot genereuze naastenliefde aan te sporen. Zo werden er zwart-gele-kruistaarten verkocht, zwart-gele-kruisthee, zwart-gele-kruiskalenders en er werden zwart-gele-kruisconcerten en andere zwart-gele benefietvoorstellingen georganiseerd, alles ten behoeve van de stichting.

Aardappelgoulash 1914

Zo werd er ook een kookboekje uitgegeven waarvan 10% van de opbrengst naar het zwart-gele kruis ging. De uitgever vermeldde er uitdrukkelijk bij dat de organisatie zelf daar toezicht op houdt, want ook toen bestond er onder potentiële weldoeners een gezond wantrouwen tegenover goede doelen en kleverige strijkstokken. Het boekje heette “Wiener Kochrezepte für die Kriegeszeit”: Weense kookrecepten voor oorlogstijd. Tussen de vele vegetarische recepten waar het boekje de lezer mee wil helpen om de te verwachten magere tijden door te komen staat deze eenvoudige aardappelgoulash. Ook lekker als er niet geschoten wordt.

Voor deze aardappelgoulash 1914 voor schaarse tijden hebben we uiteraard niet veel nodig:
80 gr. vet
uien
tomatenpuree
750 gr. aardappelen
zout
paprikapoeder

Het recept voor deze Aardappelgoulash 1914 ging zo:
“In 80 gram vet worden twee vrij grote, fijn gehakte uien gebakken: daarop strooit men 1 theelepel paprikapoeder, 2 eetlepels tomatenpuree, 750 gram rauwe, geschilde, in grote blokken gesneden aardappelen, zout naar behoefte, en laat dit toegedekt smoren; dan overgiet men het met ½ liter water en laat het geheel stoven, tot de aardappelen zacht zijn.”

goulash Alle Oostenrijkse recepten voor GOULASH

 

Aardappelgoulash 1914
download dit recept