Tagarchief: hoofdgerecht

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Altwiener Backfleisch

Tafelspitz, dat is een oer-klassiek Oostenrijks recept gemaakt met een groot stuk vlees gesneden van het staartstuk van het rund. In Nederland is dat staartstuk tegenwoordig ineens picanha gaan heten. Waarom? We hebben geen flauw idee, maar dat terzijde. Dat staartstuk, die Tafelspitz dus, dat wordt samen met in grote stukken gesneden groenten gaar gekookt en opgediend in de bouillon, samen met de groenten en een schaaltje bieslooksaus. Aldus het -bij de meesten van ons welbekende- recept.

Altwiener Backfleisch, dat zouden we kunnen maken we als we onverhoopt een stuk van de Tafelspitz van gisteren over hebben. Het stuk Tafelspitz wordt in plakken gesneden en ingesmeerd met scherpe mosterd en vers geraspte mierikswortel. Ze worden vervolgens gepaneerd en in het hete vet goudbruin gebakken. Eigenlijk zou je het dus een schnitzel van gekookt rundvlees kunnen noemen.

Mocht nu dus het onwaarschijnlijke gebeuren en heb je nog een flink stuk over van je Tafelspitz van gisteren, dan is dit recept voor Altwiener backfleisch een heel aardig idee om er wat leuks mee te doen. Zet het op tafel met b.v. aardappelen, puree of een salade en je hebt een maaltje om er je vingers bij op te eten.

We hebben we nodig:
een stuk Tafelspitz, gekookt volgens de regelen der kunst

en verder:
scherpe mosterd
mierikswortel
bloem
ei
paneermeel
botervet

Altwiener Backfleisch
Snij je Tafelspitz in schijven van een slordige centimeter dik.


Elke schijf smeer je aan beide zijden in met de scherpe mosterd en doop je (of bestrooi je) met de vers geraspte mierikswortel.

Altwiener Backfleisch
Haal de plakken vlees achtereenvolgens door de bloem, het losgeklopte ei en paneermeel en bak ze aan beide kanten in het hete botervet goudbruin.


Even laten uitlekken op keukenpapier en klaar.


…en dan dienen we dit Altwiener Backfleisch natuurlijk op met een al even Altwiener aardappelsalade.

 

Altwiener Backfleisch
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Pui cu usturoi
Kip met knoflook

Dit vrij eenvoudige gerecht van kippenbouten met knoflook wordt traditiegetrouw opgediend op een bergje mamaliga, buiten Roemenië beter bekend als polenta. Voor dit recept is het belangrijk om bouten (of evt. vleugels) te nemen, want we hebben het vette vel en de smaakrijke botjes nodig. De kip wordt namelijk grotendeels in haar eigen vet rondom bruin gebakken en daarna samen met een plens water en wat kruiderij gestoofd, waarbij ze haar eigen bouillon produceert. Vlak voor het serveren gaat de knoflook pas door de saus, zodat we niets van haar bedwelmende pittigheid verliezen.

Kip met knoflook

Voor deze Roemeense kip met knoflook hebben we nodig:
4 kippenpoten
zout en zwarte peper
2 el. olie
1 tl. scherp paprikapoeder
water
4 grote tenen knoflook (iets meer mag ook)
een klein bosje platte peterselie*

*Geen krulpeterselie uit de super gebruiken, want dat smaakt naar niets. Als je geen verse platte peterselie kunt krijgen, neem dan beter wat gedroogde of een ander kruid, bijvoorbeeld dille.

Kip met knoflook
Was de kippenpoten, dep ze droog en kruid ze royaal met zout en peper. Verhit twee eetlepels olie in een grote, zware pan, waar de poten naast elkaar in passen. Leg er de kippenpoten met het vel naar beneden in en laat ze in ong. 10 minuten op niet te hoog vuur mooi bruin kleuren. Draai ze dan om en laat ze nog eens vijf minuutjes gaan.


Giet zoveel water bij de kippenpoten dat ze zo ongeveer net onder staan. Doe er de helft van de gehakte peterselie en een tl. paprikapoeder bij en breng het geheel aan de kook. Zet het vuur nu zo laag dat het vocht nog net wat pruttelt, maar niet meer dan dat. Leg het deksel schuin op de pan en laat de poten door en door gaar worden. Zeker een half uur, nog wat langer als je het fijn vind dat het vlees zo’n beetje van het bot valt.

Kip met knoflook
Ondertussen maken we de mamaliga. Giet koud water in een pan en doe het maïsmeel erbij. Kruid het met zout en breng het al roerend aan de kook op middelhoog vuur. Als de massa dikker begint te worden zet je het vuur laag en blijf je roeren tot het spul van de wand van de pan los begint te komen, dan is het gaar.


Haal de poten uit de pan en leg ze even apart op een bord. Breng het vocht op hoog vuur snel aan de kook en laat het in een paar minuten flink inkoken tot een wat dikkere saus. Rasp ondertussen op een fijne rasp de tenen knoflook boven de saus. Kruid met de rest van de peterselie en -indien nodig- met nog wat zout en/of peper, leg de poten terug in de pan en kook de saus nog 1 minuut stevig op.

Kip met knoflook
Verdeel de mamaliga over vier borden, leg er de kippenpoten op en lepel er de hete saus overheen.

 

Kip met knoflook
download dit recept

Tsjechische recepten      Gerechten uit de keuken van Tsjechië

 

Uhlířina
Houtskoolbranderspannetje

Een uhlířstvi is een houtskoolbrander. Dat is een noeste arbeidsman die houtskool maakt door het carboniseren van hout in een zgn. meiler. Zo’n meiler is een tijdelijk bouwsel van een metersgrote stapel van lange, ontschorste boomstammen. Die stapel wordt luchtdicht afgesloten met plaggen en een laag zand of leem en dan in brand gestoken. Na minstens een maand branden is het hout veranderd in houtskool. De meiler krijgt een paar dagen om af te koelen, dan wordt de stapel ontmanteld en de houtskool afgevoerd. Niet dat wij pretenderen er enig verstand van te hebben, maar zo ongeveer staat het te lezen op wikipedia, en we geloven het graag.

Uhlířina, we hebben het maar vertaald als “houtskoolbranderspannetje”, is wat zo’n uhlířstvi misschien in zijn kookpannetje bij elkaar brouwde. “Misschien”, want of het potje inderdaad ooit gegaard is in de hitte van de meiler, daarover zwijgt wikipedia in alle talen, dus dat laten we maar in het midden. Wat we wèl zeker weten is dit: uhlířina is een tsjechisch receptje uit de oude doos; een maaltje dat in huiselijke kring al sinds jaar en dag regelmatig op tafel verschijnt. Het is een eenvoudig gerechtje van gekookte aardappelen en knoedeltjes, samen met een gebakken uitje en wat spek door elkaar gehusseld in een pannetje. Soms met toevoeging van de kliekjes vlees van gisteren, een stukje worst, een paar lepels zuurkool of wat er verder in de koelkast is blijven liggen. Uhlířstvi is een van die simpele maar smakelijke gerechtjes die in haar weldadige geur herinneringen oproept aan de gulhartige warmte van grootmoeders’ keukentafel en het gelukkige zonnelicht van lang vervlogen dagen…

Uhlířina

voor 4 porties uhlířina hebben we nodig:
300 gr. bloem
3 eieren
1 kg. vastkokende aardappelen
100 gr. gerookt spek
boter of reuzel
2 uien
1 tl. karwijzaad
zout

Uhlířina
Kneed van de bloem, de eieren en een snuf zout een glad en stevig deeg. Is het te droog voeg dan een klein beetje water toe. Laat het afgedekt een half uurtje rusten, vorm er dan een lange rol van en snij er knoedeltjes van. Laat ze in gezouten, kokend water glijden, ga even met een houten lepel over de bodem zodat ze niet blijven kleven en wacht tot ze boven komen drijven; dan zijn ze gaar. Laat ze uitlekken in een vergiet.


Schil de aardappelen en kook ze in gezouten water tot ze net gaar zijn. Laat ze even afkoelen en snij ze in dikke schijven of kleinere stukken.


Snipper de uien. Smelt een lepel boter of reuzel in een grote, zware koekenpan en bak de uien samen met het (in blokjes gesneden) spek en 1 tl. karwijzaadjes rustig uit tot ze glazig zijn en goudbruin gaan kleuren. Meng er de aardappelen en de knoedeltjes door en laat het door en door warm worden.

Opdienen met b.v. tafelzuur, zuurkool of een komkommersalade.

 

Uhlířina
download dit recept

Bulgaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Bulgarije

 

Лучник – Luchnik
Hartige taart met prei

Luchnik is een hartige Bulgaarse taart gevuld met -traditiegewijs- prei. Maar natuurlijk, zoals met alle populaire gerechten, zijn er ook hier talloze recepten in omloop waarbij de prei vergezeld gaat van zaken als uien, pepers, kaas, of zelfs helemaal het veld heeft moeten ruimen voor paprika’s, paddenstoelen of zelfs vlees, alles naargelang de smaak van de kok of de inhoud van de koelkast.

In dit recept houden we het vegetarisch: uien en prei, opgedirkt met wat kruiderij, waaronder natuurlijk het in Bulgarije haast onvermijdelijke bonenkruid. Als je de eierdooier weglaat, die alleen maar dient om de taart een fraaie goudbruine kleur te geven, is het zelfs helemaal vegan. Iedereen gelukkig, want ook de verstokte vleeseter zal bij het genieten van een warme punt luchnik zijn gehaktballetje beslist niet missen.

Luchnik

Voor onze Bulgaarse luchnik hebben we nodig:
500 gr. bloem
2½ dl. water
7 gr. droge gist
1 tl. suiker
1 tl. zout

en voor de vulling:
2 uien
1 prei
4 cl. olie
1 el. tomatenpuree
1 tl. scherp paprikapoeder
zout
zwarte peper
bonenkruid

en voor het fraaie kleurtje:
1 eierdooier
1 el. olie
1 el. water

Luchnik
Meng het water met de gist en de suiker en wacht tot het spul gaat borrelen. Meng het dan met de bloem en het zout en kneed er een zacht deeg van. Dek het af met een doek en laat het 1 uur rijzen.


Ondertussen maken we de vulling. Snij de uien en de prei klein. Verwarm wat olie in een pan en laat daarin de groente op een zacht vuur rustigjes gaar worden. Voeg tomatenpuree en paprikapoeder toe en kruid het naar smaak met zout, zwarte peper en bonenkruid.

Luchnik
Verdeel het deeg in 3 stukken, één deel wat groter dan de andere twee.


Vet een bakblik van Ø 24 cm. in met olie. Leg daar het grote stuk deeg in, zodat de bodem en de wanden bedekt zijn.

Luchnik
Hierop leg je de helft van de vulling. Bedek het met een lap deeg, daarop komt de rest van de vulling, en daarop weer de laatste lap deeg. Vouw de randen in plooien dicht en prik er met een vork gaatjes in.


Klop de eierdooier los met 1 el. olie en 1 el. water. Daarmee bestrijk je de luchnik.


Bak de luchnik in een op 180ºC. voorverwarmde oven tot hij mooi goudbruin is. Dat zal ongeveer 40 minuten gaan duren.

 

Luchnik
download dit recept

Slowaakse recepten      Gerechten uit de keuken van Slowakije

 

Španielsky vtáčik
Spaans vogeltje

Nooit, maar dan ook nooit -ook niet bij leven en welzijn- zijn deze vogeltjes in staat geweest het luchtruim te kiezen, en ook met Spanje heeft het allemaal niets van doen. Spaanse vogels zijn rolletjes rundvlees die gevuld zijn met een allegaartje van gekookt ei, spek, augurk en een stukje Frankfurter worst. Net zoiets als onze blinde (nl.) of loze (b.) vinken dus, maar dan natuurlijk weer net even anders. Het gerechtje wordt opgediend in een sausje van de bouillon waarin ze zijn gegaard en wordt doorgaans begeleid door een lepel witte rijst of een portie gekookte aardappelen.

Waarom ze Spaanse vogels heten is een van de onopgehelderde mysteries van deze eeuw. Voor een verklaring zouden we moeten afreizen naar het Tsjechische, waar dit gerecht zijn oorsprong zou hebben. Het verhaal gaat dat het wiegje van deze vogeltjes in de keukens van keizer Rudolf II (1552-1612) moet hebben gestaan, onder wie Praag heel eventjes de hoofdstad van het Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie was. De moeder van Rudolf was door geboorte en uit overtuiging een Spaanse, en hijzelf heeft een groot deel van zijn jeugd doorgebracht aan het hof van zijn Spaanse oom Filips II. Vandaar Spaans, zo liet ik mij vertellen.

Waar of niet, het gerecht is al sinds jaar en dag een absoluut succesnummer uit het repertoire van iedere oma, zowel de Tsjechische als de Slowaakse, en ook in de traditiegetrouwe eetgelegenheden zul je ze met grote regelmaat op de kaart zien staan: španielsky vtáčik.

Španielsky vtáčik

Voor 4 van deze deze klassieke španielsky vtáčik hebben we nodig:
4 dunne plakken rundvlees (b.v. runderschnitzels)
1 ui
100 gr. gerookt spek
zout en peper
scherpe mosterd
2 hardgekookte eieren
2 frankfurter worstjes
2 augurken
bloem
1 l. runderbouillon (mag best van een blokje)
1 el. kappertjes

Španielsky vtáčik
Leg de plakken rundvlees tussen twee vellen plasticfolie en klop ze met een vleeshamer of deegroller voorzichtig zo dun mogelijk uit. Werk van binnen naar buiten.

Spaanse vogel
Verdeel de eieren, de worstjes en de augurken in de lengte in tweeën. Snij vier lange, dunne repen van het spek. De rest snij je in kleine blokjes.

Španielsky vtáčik
Smeer de uitgeklopte lapjes rundvlees aan één kant in met mosterd en kruid ze met peper en zout. Leg op iedere plak een half ei, een stuk augurk, een stuk worst en een reep spek. Rol ze op en zet ze vast met keukendraad, prikkertjes of een rolladeklem.

Spaanse vogel
In een braadpan bak je de blokjes spek zachtjes uit tot ze hun vet gaan verliezen. Snipper de ui en bak hem een paar minuten mee. Zet het vuur wat hoger, rol de Spaanse vogeltjes door wat bloem en bak ze aan alle kanten bruin.

Španielsky vtáčik
Giet de bouillon in de pan. Het vocht moet de vogeltjes voor ¾ bedekken. Zo nodig nog wat water toevoegen dus. Breng het aan de kook en zet het vuur nu zo laag dat het een klein beetje pruttelt; niet meer dan dat. Leg het deksel schuin op de pan en laat de španielsky vtáčik in 1 – 1½ uur door en door gaar worden. Draai het vlees een af en toe een keertje om.

Spaanse vogel
Als de španielsky vtáčik gaar zijn Haal je ze uit de pan. Maak het stoofvocht glad met je staafmixer. Meng 2 el. bloem met wat water. Daarmee bindt je het kookvocht. Leg de vogels terug in deze saus en laat het nog even zachtjes koken, zodat de bloem gaart en de saus wat dikker wordt. Vlak voor je het vuur uitzet meng je een flinke eetlepel kappertjes door de saus.

Španielsky vtáčik
Leg de španielsky vtáčik op borden, lepel er een flinke plas van de saus overheen en serveer met een rijst of gekookte aardappelen.

 

Spaans vogeltje
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Budincă de dovlecei
Pudding van courgette

Bij het woord pudding denken we meteen aan een zoet en koud nagerechtje, maar in feite is het een al oude keukenterm die wordt gebruikt voor van alles wat -zonder deegkorst- in een vorm gebakken of gekookt wordt. Niet alleen zoet, maar ook hartig. Zo ook deze klassieker uit Roemenië: een hartig baksel van courgette, verse kaas, eieren en ham.

Iedereen die een paar courgetteplanten in de tuin heeft staan weet wat voor een overdaad aan vruchten dat in de zomer oplevert. Af en toe is het om wanhopig van te worden. Deze “pudding” van courgettes is een mooie manier om daar iets smakelijks mee te doen. Het is een simpel recept waar je niet veel werk aan hebt, maar met een resultaat om er je vingers bij op te eten.

Courgette pudding

Voor deze Roemeense courgette pudding hebben we nodig:
1 kg. courgette
500 gr. verse kaas (“feta” van koemelk)
150 gr. kaas
4 eieren
zout en peper
5 el. bloem
3 – 4 tenen knoflook
100 gr. gerookte ham
peterselie

en dan nog:
boter
paneermeel
geraspte kaas

Courgette pudding
Was de courgettes goed onder stromend water. Schillen is niet nodig, alleen de uiteinden eraf snijden. Een kwart van de courgettes snij je in dunne plakjes, dat is voor de decoratie. De rest haal je door een grove rasp. Bestrooi het met zout en laat het een half uurtje uitlekken in een vergiet.


Klop de eieren los en meng ze met de twee soorten kaas. Meng er 5 eetlepels bloem onder en kruid het met zout (een beetje, want de kaas en de courgettes zijn al zout), peper, de geraspte tenen knoflook en de gehakte peterselie.

Courgette pudding
Snij de ham in kleine blokjes. Dat mag er ook door, samen met de uitgelekte en nog wat uitgeknepen courgettes.


Verwarm de oven voor op 180ºC.

Courgette pudding
Vet een vorm van geglazuurd aardewerk of glas in met boter en bestrooi het met paneermeel. Doe de courgette- en kaasmassa in de vorm en strijk het glad. Leg er de in dunne plakjes gesneden courgette bovenop en bestrooi het met geraspte kaas. Verdeel er wat kleine klontjes boter over.


Schuif de courgettepudding in de oven en bak ze in ongeveer 45 min. goudbruin.


Even wat laten afkoelen, in stukken snijden en opdienen.

 

Courgette pudding
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Pinzgauer Kasnocken
Spätzlepannetje met kaas

Een klassieker is het, dit traditionele vegetarische eenpansgerecht van Nocken (vergelijkbaar met Spätzle), uien en kaas. Iedere winterse wintersporter of zomerse wandelaar in het fraaie Salzburgerland zal dit pannetje smakelijks beslist wel eens op tafel hebben zien verschijnen.

Deze Pinzgauer Kasnocken worden met de al even traditionele Pinzgauer Bierkäse gemaakt. Zoals de naam al zegt komt die kaas uit het Pinzgau, het westelijk deel van de deelstaat Salzburg. De melk voor de kaas komt van koeien die van mei tot september op de grazige weiden van de Hohen Tauren hebben gestaan. De kaas wordt al sinds de 17de eeuw gemaakt, van de magere melk die overbleef nadat van de kostbare melkroom boter was gemaakt. Het is een roodschimmelkaas, die haar oranje-rode kleur krijgt door ze tijdens het rijpen te behandelen met een vloeistof waarin roodschimmelbacteriën zitten, zoals pekel, wijn of -in dit geval- bier. Vandaar dus dat “Bierkäse”. Tegenwoordig wordt die vloeistof over de kazen gesproeid, maar in vroeger tijden werd de kaas gemaakt door ze met in bier gedrenkte doeken omwikkeld te laten rijpen. De kaas is glad met een gele tot roodbruine, vettige korst. Ze snijvast en toch zacht, met gaatjes zo groot als graankorrels en heeft een hartige, licht kruidige smaak.

Pinzgauer Bierkäse zal hier te lande niet makkelijk te krijgen zijn, maar nu we weten wat we zoeken kunnen we bij de kaasboer om de hoek vast wel terecht voor een bruikbaar alternatief.

Pinzgauer Kasnocken

Voor een stevig pannetje Pinzgauer Kasnocken voor twee hebben we nodig:
250 gr. bloem
2 eieren
1¼ dl. water
1¼ dl. melk
zout
boter
2 uien
1½ dl. groentebouillon
200 gr. Pinzgauer Bierkäse (iets anders mag ook)
bieslook

Pinzgauer Kasnocken
Meng de bloem met de eieren, de melk, het water en een snuf zout en roer het tot een nat deeg. Niet te lang roeren, als het min of meer door elkaar zit is het goed. Laat het een paar minuten staan.


Ondertussen breng je een grote pan met gezouten water aan de kook. Werk het deeg door een spätzlezeef met grote gaten (een omgekeerde rasp kan ook) in het kokende water. Laat drie minuutjes zachtjes koken, tot de Nockerl boven komen drijven. Schep ze uit het water in een vergiet en laat ze onder de koude kraan even schrikken. Laat ze goed uitlekken.

Pinzgauer Kasnocken
Snij een van de uien in fijne ringen. Laat een klont boter smelten in een kleine koekenpan en bak de uienringen op een zacht vuurtje tot ze mooi gaan kleuren.


Neem nu een tweede (grote) koekenpan, liefst zo eentje van ijzer. Laat er een flinke klont boter in smelten. Snipper de tweede ui en bak ze op hoog vuur even aan. Doe er nu de uitgelekte Nockerl bij, schep het eens om en giet er dan de groentebouillon over. Snij de kaas in kleine blokjes. Die gaan ook in de pan. Terwijl de kaas smelt laat je de Nockerl stevig aanbakken, zodat er op de bodem een donkerbruin korstje ontstaat. Dat knapperige korstje schraap je vlak voor het opdienen met een houten spatel los en schep je door de Nockerl.

Pinzgauer Kasnocken
De uienringen in het andere pannetje laat je even op hoog vuur mooi bruin en knapperig bakken. Schep ze over de kasnocken, bestrooi het met fijn gesneden bieslook en zet het met pan en al op tafel.

 

Pinzgauer Kasnocken
download dit recept

Sloveense recepten      Gerechten uit de keuken van Slovenië

 

Pečeno kislo zelje
Zuurkool uit de oven

Zuurkool uit de oven, zoals oma het vroeger maakte. Deze traditionele Sloveense ovenschotel van zuurkool, spek en ham wordt gebakken in een schaal van geglazuurd aardewerk en wordt in diezelfde schaal op tafel gezet. Het kan dienen als hoofdgerecht, maar ook als bijgerecht, samen met -bijvoorbeeld- een paar aardappelen en een sappige worst.

Het recept vraagt om een paar eetlepels zaseka. Dat is een mengsel van reuzel en fijngesneden buikspek, gekruid met zout, peper en -meestal- wat knoflook. Het wordt gebruikt om er een lekkere dikke boterham mee te besmeren, maar ook als kruiderij in bijvoorbeeld soep of, zoals hier, in stoofschotels.

Zuurkool uit de oven

we hebben nodig:
500 gr. zuurkool
100 gr. gerookt buikspek, in dunne plakken
150 gr. ham, in blokjes of plakken
2½ dl. witte wijn
4 el. zaseka
15 zwarte peperkorrels
2 el. jeneverbessen
1 tl. gemalen karwij

Doe de zuurkool in een pan en giet er zoveel water bij dat de kool is bedekt. Breng het aan de kook en laat het een paar minuutjes rustig koken. Afgieten, goed laten uitlekken en mengen met de helft van de zaseka.

verwarm de oven voor op 180ºC.

Bedek de bodem van een ovenschaal van geglazuurd aardewerk met de plakjes spek. Daarop leg je de zuurkool in een paar laagjes, met daartussen de ham, peperkorrels en 1½ el. van de jeneverbessen. Op de laatste laag zuurkool leg je de rest van de jeneverbessen. Bestrooi het met de gemalen karwij en de resterende twee eetlepels zaseka.

Giet er de witte wijn over en zet het in de voorverwarmde oven. Bak het mooi goudbruin (20 minuten; misschien iets langer) en zet het met ovenschaal en al op tafel.

 

Zuurkool uit de oven
download dit recept

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Káposztás cvekedli
Witte kool met pasta

Dit gerecht van witte kool met pasta wordt ook wel káposztás tészta genoemd. De kool wordt grof geraspt en samen met een theelepel karwij gebakken in vet. Het smakelijkst is het om daarvoor ganzenvet te gebruiken, maar eendenvet of varkensreuzel zijn ook niet te versmaden. Als je dat niet hebt of liever niet gebruikt neem je gewoon boter. Voor de vegetariërs nemen we natuurlijk olie.

De pasta, die maken we zelf, op traditioneel Hongaarse wijze. Per 100 gr. bloem neem je 1 ei, je kneed er samen met een snufje zout een deegbal van, die rol je uit en snij je in vierkante stukjes. Dan hebben we de cvekedli. Veganisten en luilakken kopen gewoon een pak pasta in de winkel. Dat smaakt er ook prima bij. Welke soort pasta? Van geen belang. Alles is goed, maar dan heet het geen káposztás cvekedli meer, maar káposztás tészta.

En dan het opdienen, dat is een eeuwige discussie tussen zoet en hartig. Volgens de een is het namelijk het lekkerst om de kool te kruiden met flink wat zwarte peper; volgens de zoetekauwen moet dit gerechtje op smaak gebracht worden met suiker. Er zijn zelfs recepten in omloop waarbij eerst een paar lepels suiker worden gekarameliseerd in het vet, voordat de kool erbij gaat. Ieder zijn meug, maar wij houden het liever bij de hartige variant.

Witte kool met pasta

Voor onze kool met pasta hebben we nodig:
1 middelgrote witte kool
2 el. reuzel (of ganzen- of eendenvet, of anders boter of olie)
1 tl. gemalen karwij
peper
zout

en voor de pasta:
400 gr. bloem
4 eieren
een snuf zout

Kool met pasta
Verwijder de buitenste bladeren van de kool en rasp de groente op een grove rasp. Doe het in een kom, meng er met je handen een eetlepel zout door en laat het zo een half uur staan.


Ondertussen maak je het deeg voor de pasta. Meng bloem, eieren en een snufje zout in een kom en kneed er met je handen een samenhangend, stevig deeg van. Vorm er een bal van en laat het afgedekt een half uurtje rusten.


Laat het vet smelten in een pan met een dikke bodem. Ondertussen doe je de kool in een schone keukendoek en knijp je er zoveel mogelijk het vocht uit. De doek kan in de wasmachine; de kool gaat in de pan.

Kool met pasta
Kruid het met karwij en lekker veel zwarte peper. Zout hoeft niet want daaarvan zit er al genoeg doorheen. Zet het vuur laag en bak de kool onder steeds omscheppen heel zachtjes gaar. De kool is goed als ze mooi bruin kleurt en zacht is. Dat gaat niet snel: reken maar gerust op drie kwartier.


Tijd genoeg om de pasta te maken. Rol de bal deeg uit op een met bloem bestoven werkblad tot een heel dunne lap. Daarvan snij je repen, ongeveer 3 cm. dik, en die repen snij je in stukken van 3 cm.


Tegen de tijd dat de kool gaar is breng je een pan met ruim water aan de kook. Kook er de pasta in gaar, laat het goed uitlekken in een vergiet en meng de pasta door de kool.

 

Kool met pasta
download dit recept

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Hunyadi rostélyos
Hunyadi rosbief

Nee, niet het automerk uit Zuid-Korea, maar de roemruchte adellijke familie Hunyadi gaf de naam aan deze gevulde rolletjes rosbief. Hun stamslot was het schitterende Hunedoara kasteel in Transsylvanië, een van de “zeven wonderen” van Roemenië. Waarom dit gerecht dan niet bij de Roemeense maar in het rijtje van de Hongaarse recepten staat? Dat komt omdat Transsylvanië vanaf het jaar 1001 tot 1918 onderdeel was van het koninkrijk Hongarije. Een koninkrijk, overigens, dat haar grootste bloeiperiode heeft gekend onder een illuster lid van de familie Hunyadi: koning Mátyás (1443 – 1490), beter bekend onder de naam Matthias Corvinus (Matthias de Raaf), een uiterst succesvol politicus, veldheer en beschermer van kunsten en wetenschappen. Of Mátyás zelf dit gerechtje ooit gegeten heeft, dat durven we niet te zeggen, maar onder de Hongaarse keukenprins(es)jes is deze Hunyadi rostélyos, Hunyadi rosbief, een goede bekende.

Hunyadi rosbief

Voor deze Hunyadi rosbief hebben we nodig:
4 mooie lapjes rosbief
150 gr. macaroni
1 ui
100 gr. gekookte ham
1 ei
2 dl. zure room
20 gr. boter
1 tl. tomatenpuree
majoraan
2 groene paprika’s
2 forse tomaten
bloem
reuzel
tijm
zout en peper

Hunyadi rosbief
Kook de macaroni gaar volgens de instructies op de verpakking. Giet het af en laat het afkoelen. Snij het met twee messen een beetje kleiner, maar maak er geen drab van.


Rasp een beetje van de ui op een fijne rasp, genoeg voor 1 eetlepel. De rest van de ui snij je klein.

Hunyadi rosbief
Snij de paprika in stukjes, ontvel de tomaten (door ze in te kruisen met een mesje en ze onder te dompelen in kokend water) en snij ze in stukken.


Scheid het ei. Meng de dooier met de macaroni, de in kleine reepjes gesneden ham, 3 el. van de zure room, de boter, de eetlepel geraspte ui en de tomatenpuree. Klop het eiwit tot schuim en meng het erdoor. Kruid het mengsel met zout, peper en een snuf majoraan.

Hunyadi rosbief
Klop de plakken rundvlees dun uit (voorzichtig en tussen twee vellen plasticfolie) en smeer er de vulling overheen. Rol ze op en zet ze vast met een prikker. Rol ze door de bloem en bak ze snel op hoog vuur rondom bruin in de reuzel. Botervet of olie mag evt. ook. Haal ze uit de pan en hou ze warm tussen twee borden.


In het achtergebleven vet bak je de gesnipperde ui en de in stukjes gesneden paprika’s en tomaten. Laat het gaan tot de uien gaan kleuren en de tomaten zacht worden. Kruid de saus met peper, zout en tijm, leg het vlees terug in de pan en laat het met een deksel half op de pan en laat het zo heel zachtjes wat pruttelen. De bedoeling is dat de saus inkookt, maar daar lang genoeg over doet om het vlees gaar te smoren.


Als het vlees zacht is meng je de room erdoor. Breng het opnieuw eventjes aan de kook en serveer met galuska, spaghetti of gekookte aardappelen.

 

Hunyadi rosbief
download dit recept