Tagarchief: taart

Servische recepten       Gerechten uit de keuken van Servië

 

Vasina torta
Vasa’s taart

Het was in het jaar 1908 dat Vasa Čokrljan, een knappe en elegante heer van begin 40 uit het stadje Paraćin, na jarenlang de smachtende blikken van huwbare dames te hebben weerstaan besloot dat het tijd was om zijn bestaan als vrijgezel op te geven. Hij huwde een jonge dame, Jelena genaamd, en ontpopte zich -volgens de uitverkorene- als de beste en beminnelijkste echtgenoot ter wereld. Het duurde dan ook niet lang of het meiske werd zwanger. Vasa was zielsgelukkig met het vooruitzicht vader te worden, maar het geluk kreeg een zwart randje toen bleek dat het kind niet alleen in een bijzonder ongelukkige positie lag, maar ook nog eens veel te groot was voor het tengere moedertje. Het verdiende dus aanbeveling, aldus de geraadpleegde arts, om de bevalling te laten plaatsvinden in het ziekenhuis van Belgrado, het beste wat Servië te bieden had.

Het beste was volgens Vasa echter niet genoeg. Hij besloot kosten noch moeite te sparen en zijn a.s. gezinnetje mee te nemen naar Wenen, waar een op dat moment wereldvermaarde gyneacoloog praktijk hield. Het bleek een goede beslissing, want de bevalling was zulk een gecompliceerde aangelegenheid dat het onder de handen van een minder bekwaam arts naar alle waarschijnlijkheid fataal was afgelopen. De baby kwam echter gezond ter wereld en zou later uitgroeien tot een knappe, struise meid met de naam Ruzica.

Een paar weken na de bevalling waren moeder en dochter voldoende aangesterkt om de lange reis huiswaarts te aanvaarden. Bij thuiskomst werd de geboorte uiteraard op gepaste wijze gevierd: met een uitgebreid diner voor een groot gezelschap van familie, vrienden, buren en kennissen. De copieuze maaltijd werd afgesloten met een nieuwe creatie: de Vasina torta, “Vasa’s taart”, een feestelijke taart met amandelen, hazelnoten, sinaasappellikeur, chocolade en eieren. De taart was een groot succes. Zo groot zelfs, dat ze tot op de dag van vandaag in veel Servische huishoudens bij de grote feestelijkheden op tafel komt.

Vasina torta

De Vasina torta bestaat uit drie delen: een bodem van een deeg dat op smaak is gemaakt met sinaasappellikeur en amandelen, dan een vulling met hazelnoten en chocolade. Het geheel wordt ten slotte afgedekt met een laag stijf geklopt eiwit. Het lijkt een ingewikkelde onderneming, maar als je er eenmaal aan bent begonnen zul je zien dat het allemaal reuze meevalt.

Voor deze Servische Vasina torta hebben we nodig:

voor het deeg:
5 eieren
5 el. suiker
6 el. gemalen amandelen
1 el. bloem
1 el. Grand Marnier
3 el. sinaasappelsap

voor de vulling:
175 ml. melk
200 gr. gemalen hazelnoten
4 eidooiers
4 el. suiker
100 gr. chocolade
150 gr. boter
1 eetlepel Grand Marnier

voor de topping:
4 eiwitten
250 gr. suiker
1 dl. water

Vasina torta
Eerst maken we de bodem. Klop 5 eierdooiers met 5 el. suiker tot schuim. Doe er 6 el. gemalen amandelen en dan 1 el. bloem door. Klop de eiwitten stijf en meng ze er onder. Giet de massa in een ingevette en met bloem bestoven springvorm en bak op 180ºC. in ± 20 min. gaar. Controleer het met een prikkertje: als het er droog uit komt is de koek goed. Laat het afkoelen.

Vasina torta
Haal de afgekoelde taartbodem uit de springvorm en leg ze op een schaal. Meng nu de Grand Marnier met het sinaasappelsap en giet dat gelijkmatig over de taartbodem.

Vasina torta
Nu maken we de vulling. Breng de melk aan de kook en roer er de 200 gr. gemalen hazelnoten door. Haal van het vuur. Klop 4 eierdooiers los met 4 el. suiker en verwarm het au bain marie. Roer er de chocolade door en blijf roeren tot de chocolade is gesmolten. Haal het van het vuur en meng er het melk-hazelnootmengsel door, en dan 150 gr. boter en 1 el. Grand Marnier. Laat het helemaal afkoelen en bedek hiermee de taartbodem.

Vasina torta
Voor de toplaag kook je een dikke siroop van 250 gr. suiker en 1 dl. water. Klop de eiwitten stijf en meng die er voorzichtig onder. Laat het koken tot het mengsel dik wordt. Laat het een beetje afkoelen en bestrijk hiermee de taart, gelijkmatig en aan alle kanten.

Vasina torta
Wat er van de eiwitsiroop is overgebleven doe je in een spuitzak. Daarmee versier je de Vasina torta.

 

Vasina torta
download dit recept

Kroatische recepten      Gerechten uit de keuken van Kroatië

 

Pita od bundeve
Pompoencake

In dit eenvoudige Kroatische recept voor een smakelijke, luchtige cake van pompoen doen we niet aan flauwe kul. Geen noten, geen rozijnen, geen kokos, geen dadels en al helemaal geen speculaaskruiden, want als we een pompoencake willen eten, dan is het fijn als het ding ook naar pompoen smaakt, en niet naar peperkoek. De pompoen zelf en een snufje kaneel, dat zijn eigenlijk de enige smaakmakers van deze cake. Wat het beslag voor deze pompoencake dan weer bijzonder maakt is het gebruik van yoghurt, een ingrediënt wat in de keukens van de Balkanlanden vaak wordt gebruikt en aan het baksel iets lichts en frissigs geeft.

pompoencake

400 gr. vruchtvlees van pompoen
80 gr. boter
180 gr. bloem
120 gr. suiker
2 eieren
1 pakje droge gist
125 gr. stevige yoghurt
1 tl. kaneel
poedersuiker

Pompoencake
Schil de pompoen, verwijder het zaad en snij het vlees in blokjes. We hebben er 400 gr. van nodig. Doe de blokjes samen met een paar el. water in een pan en breng het aan de kook. Zet het vuur laag en laat het afgedekt rustigjes gaan tot het pompoenvlees helemaal zacht is.

Pompoencake
Ondertussen verwarm je de oven voor op 180ºC. Vet een cake/taartvorm in met boter en bestrooi het met wat bloem. Keer de vorm even om om de overtollige bloem kwijt te raken.

Pompoencake
Scheid de eieren en klop de eiwitten stijf. Meng de boter met de suiker en de eierdooiers. Klop het tot een vloeibare massa. Meng er dan de gekookte pompoen, yoghurt, kaneel, bloem en gist door. Schep er het stijf geslagen eiwit door en giet het mengsel in de taartvorm.

Pompoencake
Schuif de pompoentaart in de voorverwarmde oven en bak hem in ongeveer 40 minuten gaar. Laat hem wat afkoelen en bestrooi de taart rijkelijk met poedersuiker.

 

Pompoencake
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Colivă

Colivă is het traditionele gerecht van zoete tarwe met noten dat wordt gegeten bij religieuze ceremonies ter nagedachtenis aan de doden. Het graan vertegenwoordigt daarbij het lichaam van de overledene. Zoals Jezus zei (Joh. 12:24-25): “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als de tarwekorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen, maar als hij sterft, draagt hij veel vrucht. Wie zijn leven liefheeft, zal het verliezen, en wie zijn leven haat in deze wereld, zal het behouden tot het eeuwige leven.”

Colivă is een ritueel gerecht dat al in voorchristelijke tijden werd gegeten. Het woord zelf komt van het Oud-Griekse κόλλυβoς (kollybos), wat oorspronkelijk “klein muntstuk” betekende, maar later gebruikt werd voor kleine stukjes gekookt graan. Het verband tussen dood en leven, tussen dat wat wordt gezaaid in de grond en wat ontspruit, is vast ingebed in de traditie van het eten van colivă. Het ongebroken graan vertegenwoordigt daarbij het lichaam van de overledene. Toen het christendom de oude heidense goden van hun ereplaatsjes verbande werden, om de overgang naar de nieuwe orde gladjes te laten verlopen, een groot aantal gebruiken door de kerk in aangepaste vorm behouden. Zo werden bijvoorbeeld Heidense feesten omgetoverd tot christelijke en werden kerken vaak gebouwd op de plaats van een heidens heiligdom. Zo verging het ook deze zoete brij van graan en noten: van heidens gebruik ging het onmerkbaar over in een christelijke traditie, een van de weinige van oorsprong heidense rituelen die ons tot op de dag van vandaag zijn overgeleverd. Ook in andere landen waar de Orthodoxe kerk de overhand had is de traditie van het eten van deze brij nog springlevend, getuige het Griekse kollyva, het Russische kutya en het Servische koljivo.

Voordat het gegeten wordt, wordt de colivă naar de kerk gebracht om te worden gezegend. Ook de bereiding zelf heeft wat rituele elementen die over het algemeen nog wel in acht worden genomen. Zo moet de tarwe negen keer worden gewassen voor het wordt gekookt. Die negen keer symboliseren de negen orden van engelen. Dat zijn, van hoog naar laag: Serafijnen, Cherubijnen en Tronen. Dan komen de Vorstendommen, Machten en Krachten. De laagste orde bestaat uit Heerschappijen, Aartsengelen en Engelen. In die laatste categorie zitten onze beschermengelen, dus sla die negende keer beter niet over! De colivă wordt afgewerkt met een kruis, meestal van noten, maar ook wel van blokjes chocolade of ander snoepgoed. Vaak wordt er ook de tekst “veşnică pomenire” op gevormd, wat “eeuwige rust” betekent, of een afkorting daarvan in de vorm van de lettes “VP”.

Colivă
Orthodoxe priesters zegenen de colivă, ca. 1916.

Voor een colivă van Ø 24 cm. hebben we nodig:
500 gr. parelgort (dat is gepelde en geslepen gerst)
1 mespuntje zout
1½ l. water
250 gr. suiker
300 gr. walnoten
de schil van 1 sinaasappel
2 tl. gemalen kaneel
rum
200 gr. biscuit
100 gr. poedersuiker
gemalen noten
wat extra walnoten voor de versiering

Was de gort negen keer in lauwwarm water (zie hierboven). Nu de gort is gewassen doe je het in een pan en overgiet je het met 1½ l. koud water. Zet de pan op een laag vuur en laat het zachtjes koken tot bijna al het water door de gort is opgenomen. Niet roeren, want de korrels mogen niet stuk gaan. Alleen af en toe even met de pan schudden zodat het niet aan de bodem blijft kleven.

Nadat het water voor het grootste deel geabsorbeerd is voeg je 250 gr. suiker en een klein snufje zout toe. Meng het goed en laat het nog eens 10 tot 15 minuten gaan, tot al het water door de gort is opgenomen. Doof het vuur en dek de pan af met het deksel, eventueel nog met folie. Laat het een hele nacht zo staan.

De volgende dag zal de colivă een stevige, vaste consistentie hebben. Meng er de fijngehakte walnoten onder, samen met de fijngesneden sinaasappelschil, de kaneel en een scheut rum. Kneed het tot een homogene massa. Is het een beetje te nat, doe er dan 2 of 3 eetlepels fijngemalen biscuitjes bij.

Neem een ronde springvorm van ongeveer ø 24 cm. Haal de bodem er uit en zet de ring op een schaal. Vul de ring van de springvorm met de colivă. Druk het voorzichtig maar goed aan en maak met een bord de bovenkant mooi plat. Neem de ring voorzichtig weg.

Colivă

Maal de koekjes en de walnoten fijn en bekleed daarmee de colivă. Maak het met behulp van een spatel of taartschep mooi glad. Bestrooi het rijkelijk met poedersuiker en maak er een versiering op met (wal)noten, blokjes of rondjes chocolade, cacaopoeder, snoepjes, etc., etc. Dat zou een kruis kunnen zijn, eventueel met de lettes “v p” of de tekst “veşnică pomenire”, maar voel je vooral niet verplicht en laat je fantasie de vrije loop.

 

Colivă
download dit recept

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Esterházy-torta
Esterhazy-taart

Esterhazy taart

De Esterházy-taart is genoemd naar prins Paul III Anton Esterházy de Galántha (1786–1866), diplomaat en hoofd van een van de belangrijkste families in de Habsburgse monarchie. Het was ook een van de rijkste families, een rijkdom waarvan de prins gretig gebruik maakte door er net zo kwistig op los te leven als zijn vader, Nikolaus, wiens naam gegeven werd aan een ander fameus gerecht: de Esterhazy-rostbraten. Na twee van zulke fuifnummers op rij was de financiële situatie van de familie zo precair geworden dat, om te redden wat er nog te redden viel, prins Paul onder curatele werd gesteld en zijn laatste dagen sleet in wat volgens de biografen “betrekkelijke armoede” heette. Dat was niet de reden waarom de partyprins nooit geproefd heeft van de taart die zijn naam draagt. De Esterhazy-taart werd namelijk pas na zijn dood, tegen het einde van de 19de eeuw, door een patissier in Boedapest bedacht. Het gebak bleek een groot succes en werd al snel een van de geliefdste lekkernijen in de Donau-monarchie.

Deze Esterhazy taart is, evenals de al even beroemde Dobos-taart, duidelijk geïnspireerd op de traditionele Hongaarse huis-tuin-en-keuken-burgermans-taart, die simpelweg bestond uit een stapeltje pannenkoeken met daartussen laagjes vulling, meestal zoet, soms hartig. Deze Esterhazy-taart bestaat uit “pannenkoeken” van een deeg van eiwitten, gemalen amandelen, suiker en bloem, met daartussen een vulling van boterroom, geparfumeerd met vanille en Kirschwasser (vadcseresznye pálinka) of een andere brandewijn. Tegenwoordig worden in plaats van amandelen ook vaak walnoten gebruikt, wellicht een overblijfsel uit de dagen van het communisme, toen amandelen, die in tegenstelling tot walnoten geïmporteerd moeten worden, bepaald niet altijd te krijgen waren.

Esterházy-torta

Voor deze overheerlijk Esterhazy taart hebben we nodig:
8 eiwitten
200 gr. poedersuiker
de geraspte schil van 1 citroen
1 snuf kaneel
150 gr. geraspte amandelen (met schilletje)
40 gr. bloem
3 dl. melk
150 gr. suiker
1 vanillestokje
40 gr. vanillepuddingpoeder
3 eierdooiers
2 cl. kirsch
300 gr. boter
80 gr. abrikozenjam
2 cl. rum
300 gr. eiwitglazuur*
cacao
2-3 el. geschaafde geroosterde amandelen

*Eiwitglazuur maak je heel eenvoudig door twee eiwitten stijf te kloppen en er dan beetje bij beetje 300 gr. poedersuiker en 1 tl. citroensap onder te mengen. Klaar.

Verwarm de oven voor op 180 °C.

Klop de eiwitten met 2/3 van de poedersuiker half stijf. Meng er citroenschil, kaneel en de rest van de suiker onder en blijf kloppen tot de massa stijf en lobbig is. Meng er voorzichtig de amandelen en de gezeefde bloem onder.

Op een rol bakpapier teken je 6 cirkels van ongeveer ø 24 cm. Bestrijk de cirkels dunnetjes met het mengsel. Bak ze in gedeelten met de ovendeur een stukje open, in ongeveer 8 tot 10 minuten lichtbruin. Maak ze met een spatel los van het papier en laat ze afkoelen.

Voor de roomvulling klop je de boter tot ze zacht is. Verwarm 2/3 van de melk met de suiker en de pulp uit het vanillestokje. De rest van de melk meng je met het puddingpoeder, de eierdooiers en de kirsch. Roer het glad, meng het door de melk-suiker-vanille en laat het afkoelen. Meng het dan door de zachtgeslagen boter en roer het tot een zacht en romig geheel. Verdeel deze crème over vijf van de deegcirkels en leg ze op elkaar, maar bewaar een paar el. van de crème om de taart mee af te werken.

De laatste koek leg je op een werkblad. Verwarm de abrikozenjam met de rum en smeer dat over de koek. Maak het eiwitglazuur en bedek er de met jam bestreken koek mee, maar hou 2 – 3 el. achter. Maak het met een spatel snel mooi glad. Deze koek leg je op de taart als toplaag.

Met het achtergehouden deel van de botercrème bestrijk je de zijkant van de taart. Druk daar voorzichtig de geschaafde amandelen tegen.

Voor de typerende versiering van de Esterhazy-taart meng je wat cacao door het restje glazuur, zodat het een mooi donkerbruin kleurtje krijgt. Vul er de slagroomspuit mee en spuit er cirkelvormige patronen mee op de taart. Trek er met de achterkant van een mes snel strepen door in tegengestelde richtingen. Laat de taart een tijdje in de koelkast staan voor je hem aansnijdt.

 

Esterhazy taart
download dit recept

Macedonische recepten      Gerechten uit de keuken van Macedonië

 

Колач со орев – Kolač so orev
Walnotentaart

Het bakken van deze heerlijke taart van walnoten en abrikozenjam is vrij simpel en kost bovendien weinig geld en weinig tijd. Een zeer traditioneel gebak dat meer dan uitstekend zal smaken bij de koffie of de thee.

walnotentaart

Voor onze Macedonische walnotentaart hebben we nodig:
5 eieren
160 gr. suiker
135 gr. bloem
250 gr. boter
250 gr. fijngemalen walnoten
2½ el. suiker
5 el. abrikozenjam
3 el. fijngemalen walnoten voor het besprenkelen

Warm de oven voor op 180ºC. Vet een vierkante bakvorm (± 24 x 28 cm.) in met boter en bestuif het met bloem. Hou het ondersteboven om de overtollige bloem kwijt te raken.

Scheid de eiwitten van de dooiers. Klop de eiwitten in een kom stijf met 80 gram van de suiker, tot een stevige witte massa die pieken trekt. In een andere kom sla je de boter zacht met de andere helft van de suiker. Zeef de bloem en meng het samen met de walnoten door de zachte boter. Schep er nu voorzichtig de stijf geslagen eiwitten onder, eerst een deel, dan beetje bij beetje de rest. Doe het mengsel in de bakvorm. Zet het in de voorverwarmde oven en bak het in een half uur gaar.

Klop ondertussen de eierdooiers met de 2½ el. suiker tot de suiker is opgelost. Als de taart gaar is smeer je er het eigeel overheen en zet je hem terug in de oven. Schakel de oven uit en laat de walnotentaart staan tot het oppervlak droogt en er een zachte korst op komt. Haal de taart uit de oven en smeer er de abrikozenjam overheen. Bestrooi het met de resterende 3 el. walnotenmeel.

Laat de taart afkoelen en snij hem in blokjes.

 

Walnotentaart
download dit recept

Bosnische recepten      Gerechten uit de keuken van Bosnië en Herzegovina

 

Kolač sa bundevom i orasima
Taart met pompoen en walnoten

Het is een klassieker in alle landen van het voormalige Joegoslavië, dit smakelijke gebak van pompoen, worteltjes en walnoten. Met het glazuurlaagje van roomkaas, boter en suiker ziet deze taart er extra feestelijk uit.

Taart van pompoen en walnoten

Voor deze taart hebben we nodig:
200 gr. bloem
2 tl. bakpoeder
1 el. kaneel
200 gr. suiker
4 eieren
350 ml. olie
275 gr. gehakte walnoten
300 gr. fijn geraspte pompoen
100 gr. fijn geraspte wortelen

100 gr. roomkaas
40 gr. boter
100 gr. suiker
1 – 2 zakjes vanillesuiker

Verwarm de oven voor op 220º C.

Zeef de bloem boven een kom en meng het met de kaneel en het bakpoeder.

Klop de eieren los met de suiker en meng daar de olie, het bloem/kaneel/bakpoeder-mengsel en de gehakte noten onder. Rasp er de pompoen en de wortelen boven. Meng alles goed. Vet een bakblik van ø28 cm. in met olie en bestrooi het lichtjes met wat bloem. Giet het beslag in de vorm en zet het in de voorverwarmde oven. In ongeveer 50 minuten bak je de taart gaar. Controleer het even met een houten prikker: als die er weer droog uitkomt is de taart goed.

In een steelpannetje meng je de roomkaas, boter, suiker en vanillesuiker. Laat het op een heel zacht vuurtje smelten en giet het over de afgekoelde taart.

 


download dit recept

Kroatische recepten       Gerechten uit de keuken van Kroatië

 

Pita od kajsija
Abrikozengratin

“Pita” betekent brood, en “kajsija” (ook: marelica) zijn abrikozen. Brood met abrikozen dus. Gewoonlijk wordt er een vrij eenvoudige taart mee bedoeld van een deegbodem met een vulling van abrikozenjam. Een taart die in alle landen van voormalig Joegoslavië populair is.
Dit recept is ietsje ingewikkelder. Het is eigenlijk een gratin, of zo je wil een omgekeerde taart. De abrikozen gaan op de bodem van een ovenschaal en worden afgedekt met een laag rijst vermengd met ei. Dat wordt in de oven gebakken, waarbij de eieren stollen en de rijst een “omgekeerde bodem” vormt.

700 gr. verse abrikozen*

*Verse abrikozen zijn zonder meer het lekkerst, maar je kunt natuurlijk ook gedroogde abrikozen nemen. Je kunt ze dan laten wellen in hetzelfde vocht als waar je ze in kookt: citroensap, Amaretto, suiker en citroenschilletjes, maar dan zal er wel een beetje water bij moeten.

1 citroen
30 gr. amandelen, geschaafd
4 cl. Amaretto
½ l. melk
150 gr. ronde korrel rijst
120 gr. suiker
60 gr. gesmolten boter
3 eieren
1 vanillestokje
zout
poedersuiker

Verhit een pan met water en blancheer er de abrikozen in, vijf minuten. Giet ze af en laat ze afkoelen.

Snij het vanillestokje in de lengte doormidden. Breng de melk aan de kook, samen met het vanillestokje en een snufje zout. Doe er de rijst bij en kook het in 20 à 30 minuten op een klein vuurtje gaar. Laat de rijst afkoelen en verwijder het vanillestokje.

Verwarm de oven op 180ºC. Breek het ei boven een kommetje en scheid het eiwit van de dooier. Klop de boter los met 30 gr. suiker en het eigeel. Roer het door de rijst. Klop het eiwit met 30 gr. suiker stijf en meng het voorzichtig onder de rijst.

Ontvel, halveer en ontpit de abrikozen. Schaaf wat schil van de citroen en pers hem uit. Meng het sap en de schilletjes met de abrikozen, samen met de rest van de suiker en de Amaretto. Breng het in een pannetje aan de kook en laat 5 tot 10 minuten zachtjes pruttelen.

Vet een gratinvorm/ovenschaal in met boter en doe er de gekookte abrikozen in. Strooi er de amandelen overheen en daarover de rijst. Zet het in de oven. Bedek na 20 minuten de vorm met aluminiumfolie en laat het dan nog eens 10 à 20 minuten bakken.

Bestrooi de abrikozengratin met poedersuiker en serveer hem warm.

 


download dit recept

Bulgaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Bulgarije

 

Меден маков сладкиш – Meden makov sladkisj s kajsii
Honing-maanzaadtaart met abrikozen

Maanzaad kennen we in Nederland vooral als dat spul op die harde broodjes dat altijd tussen je tanden gaat zitten. Jammer, want maanzaad is heel wat veelzijdiger dan dat. In Centraal- en Oost-Europa wordt het dan ook veelvuldig gebruikt in brood, gebak en in zoete deeggerechten. Zo ook hier in deze heerlijke Bulgaarse abrikozentaart.

220 gr. boter
180 gr. honing
4 eieren
100 gr. maanzaad
200 gr. volkorenbloem
1 tl. bakpoeder

1 kg. verse abrikozen
50 gr. hüttenkäse/cottage cheese
100 gr. bloem
2 el. suiker
1 zakje vanillesuiker
slagroom voor het opdienen

Verwarm je oventje voor op 180ºC.

Laat 200 gr. van de boter zacht worden. Meng het met de honing en de eieren, het volkorenmeel, het maanzaad en het bakpoeder. Mix het tot een glad beslag. Vet een bakvorm in met wat boter en giet daar het beslag in.

Snij de abrikozen doormidden en haal de pit eruit. Leg de helften met de bolle kant naar beneden op het deeg in de bakvorm, dicht tegen elkaar aan.

Meng de bloem met de plattekaas, de suiker, de vanillesuiker en de resterende 20 gram boter. Meng het met je handen tot een kruimelig mengsel. Verdeel dat regelmatig over de taart en schuif hem in de voorverwarmde oven. Bak de taart in 40 minuten gaar en goudbruin.

Serveer deze Bulgaarse taart lauw met een flinke dot slagroom erbij.

 


download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Cozonac cu nucă
Cake met noten

Deze cake wordt in Roemenië traditiegewijs gebakken voor kerstavond. Het lekkere van de cake is dat hij luchtig is, “pufos” (letterlijk: pluizig), en de bedoeling is dat hij die luchtigheid ook de volgende dag nog heeft. Het is daarom belangrijk om de bloem goed te zeven en het deeg zeer zorgvuldig te kneden, zonder dat er klontjes ontstaan. Het is wel een beetje werk, maar je wordt beloond met een resultaat om je vingers bij op te eten.

(De hoeveelheden zijn voor 2 cakes!)

Voor het deeg:
1 kg. van de fijnste bloem
½ l. melk met 3,5% vet
4 zakjes vanillesuiker
250 gram suiker
50 gr. verse gist
1 tl. zout
zeer fijngesneden schil van 1 citroen
100 gr. zachte boter
100 gr. olie
5 eierdooiers
½ dl. rum

Voor de vulling:
400 gr gemalen walnoten
5 eiwitten
3 eetlepels cacao
5 eetlepels suiker
schil van een citroen
½ dl. rum

30 ml. melk
1 eidooier

Verwarm in een pannetje de melk en los daarin het poedersuiker en de vanille op.

Het is belangrijk om het meel te zeven, liefst een keer of twee, drie. Sla deze stap niet over, want dan wordt je cake niet luchtig. Zeef dus de bloem in een kom. Los de gist op in een paar el. van de lauwe (niet hete!) melk, en giet het op de bloem. Strooi er met je vinger wat bloem overheen zonder er verder aan te komen. Zet de kom op een warme plaats tot er barsten verschijnen waar je de gist over de bloem hebt gegoten.

Meng in een andere kom de eierdooiers met zout, de schil van een citroen en ½ dl. rum, en voeg dat toe aan de bloem. Meng het met behulp van een houten lepel. Roer er dan beetje bij beetje de rest van de warme melk-met-(vanille)suiker door.

Nu gaan we het deeg kneden, een belangrijke stap die zeker een half uur gaat duren. Maak een mengsel van de zachte (gesmolten) boter en de olie en smeer er je handen mee in, zodat het deeg niet kleeft en er klontjes ontstaan die de luchtige pluizigheid straks bederven.

Kneed het deeg continu in alle richtingen en op alle manieren, en smeer regelmatig het olie-botermengsel op je handen. Het is de bedoeling dat alle boter al knedend van je handen in het deeg komt, zonder het er direct bij te gieten. Als het deeg gekneed is laat je het afgedekt op een warme plaats 90 minuten rijzen.

In de tussentijd maken we de vulling:
Meng de eiwitten met de suiker en klop ze tot schuim. Daar gaan de gehakte noten, de cacao, ½ dl. rum en de zeer fijngesneden schil van 1 citroen bij. Goed roeren.

Nadat het deeg gerust heeft gaan we verder met de cake:
Snij het deeg in vier gelijke delen. Rol ze uit tot rechthoekige vellen van 1,5 cm. dik. Smeer hier de vulling over uit. Rol de vellen op in de lengterichting. Vlecht twee rollen in elkaar, zodat je twee cakes hebt. Bekleed een bakblik met bakpapier, vet het in en leg daar de cakes op. Laat ze op een warme plek rijzen tot ze verdubbeld zijn in omvang, zo’n 60 minuten.

Verwarm de oven voor op 180ºC.

Voordat de cakes in de oven gaan smeer je ze in met eigeel vermengd met een beetje melk. Strooi er wat suiker over. Bak ze in een voorverwarmde oven, ongeveer 45 minuten. Controleer aan het eind van de baktijd met een houten prikker of ze gaar zijn. Maak de eerste 30 minuten de ovendeur niet open. Na dat halve uur, als ze te bruin dreigen te worden, kun je ze evt. afdekken met aluminiumfolie.

Na het bakken haal je ze uit de oven en dek je ze af met een theedoek. Laat ze zo 20 minuten staan.

 


download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Plăcintă cu praz si brânză
Taart met prei en schapenkaas

 

Ik hoor je al denken: ja preitaart, dat weten we nou zo onderhand wel. Maar dit, dames en heren, is geen gewone preitaart. Hier geen harde bodem met een zachte vulling, maar romige, kruidige vulling van prei en kaas tussen twee lagen zacht en luchtig deeg. De oude schapenkaas geeft deze taart een pittige en bijzondere smaak.

800 gr. prei
500 gr. oude schapenkaas (of oude geitenkaas)
6 eieren
1 ui
zwarte peper en (evt.) zout
optioneel: andere kruiden zoals b.v. oregano, koriander, paprikapoeder of karwij
2½ dl. water
25 gr. verse gist
1 tl. suiker
1 tl. zout
4 el. olie
500 gr. bloem

Was de prei en snij ze in dunne ringen. Hak de ui klein. Verwarm 2 el. olie en 1 kopje water in een pan. Daar gaan de ui en de prei bij. Laat het zachtjes gaan tot al het vocht verdampt is. Schep het over in een schaal en laat het helemaal afkoelen. Dan roer je er 4 eieren door en de geraspte schapen- of geitenkaas. Er kan nog zout bij, maar de kaas is wat mij betreft al zout genoeg. Peper, dat moet er zeker doorheen. Flink draaien aan de molen: een theelepel mag er beslist in. Voor mij is de peper genoeg en hoeven er verder geen kruiden door, maar als je wil kun je dat natuurlijk doen.

Nu maak je het deeg: doe 2½ dl. warm water in een kom. Los er 1 tl. suiker en 1 tl. zout in op. Dan gaan erbij de gist en 150 gr. van de bloem. Roer het goed met een garde tot het spul de consistentie van dikke room heeft. Laat het nu 20 minuutjes rijzen, afgedekt met een doek.

Nu roer je er een ei door en -beetje bij beetje- de rest van de bloem. Kneed het deeg terwijl je steeds wat bloem toevoegt: alles bij elkaar ongeveer een pond (de eerste 150 gr. meegerekend!). Leg de deegbal op een met bloem bestoven werkoppervlak en kneed het nog eens goed door. Vorm er dan twee even grote ballen van. Laat ze 10 minuten rusten.

Vet een bakplaat of -blik in. Rol een deegbal uit tot een lap en leg die op de bodem. Zorg ervoor dat de lap net iets groter is, zodat je de randen ietsje naar boven kunt krullen. Lepel daar de prei-kaasvulling overheen. Dan rol je de tweede bal uit tot een lap en leg je die er op. Probeer de randen een beetje aan te drukken op de randen van de onderste lap deeg. Nu komt het laatst overgebleven ei in actie: scheid het eiwit van de dooier. Bestrijk daarmee het deeg, dan krijgt je taart straks een prachtige kleur.

Schuif de prei-kaastaart in een op 180-200ºC. voorverwarmde oven en bak het 40 minuten.

Haal de taart uit de oven en laat hem onder een schone theedoek wat afkoelen. Snij hem in stukken en serveer hem warm of koud.

 


download dit recept