Tagarchief: zoetigheid

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Tejes pite
Melktaart

Deze Hongaarse melktaart is een schoolvoorbeeld van voorbeeldige eenvoud. Een deeg van eieren, suiker, melk en bloem, goudbruin gebakken in de oven. In sommige recepten, zoals hier, wordt een deel van de melk vervangen door room, in andere recepten wordt er een flinke klont boter door het deeg gemengd, allebei bedoeld om het eindresultaat wat meer schwung te geven. Wil je het nog wat extra opdirken, dan bestrijk je de melktaart ook nog met een laagje confituur: abrikozen of kersen bijvoorbeeld doen het altijd goed. Snij de melktaart in blokjes en pas op dat je je vingers er niet bij opeet.

voor onze Hongaarse melktaart hebben we nodig:
3 eieren
100 gr. suiker
1 zakje vanillesuiker
3 dl. melk
2 dl. slagroom
1 snufje zout
150 gr. bloem

Klop de eieren samen met de suiker en de vanillesuiker glad en schuimig. Meng er een snufje zout, 2 dl. slagroom en 3 dl. melk door. Meng er nu beetje bij beetje de bloem door, bij voorkeur handmatig, met een garde.

Bedek een bakplaat met bakpapier. Verspreid het deeg er in niet meer dan een vingerdikke laag op uit en bak het op 180ºC. in ongeveer een half uur goudbruin.

Eventueel bestrijken met confituur als ze heet uit de oven komt, even wat laten afkoelen, in blokjes snijden en opdienen.

 

Melktaart
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Böhmische dalken

Veel gerechten uit de Boheemse keuken hebben een vast plekje veroverd in het Oostenrijkse spijzenrepertorium en zijn zo volmaakt ingeburgerd dat geen Oostenrijker beter weet dan dat ze typisch Oostenrijks zijn. Zo is het ook met deze dalken, ook bekend als liwanzen of liwanzerln. Deze Boheemse bakseltjes mogen zich samen met Buchteln, Scheiterhaufen, Zwetschkenknödel, Mohnnudeln en Palatschinken tot de geliefdste lekkernijtjes van Oostenrijk rekenen.
Böhmische dalken zijn in feite uit de kluiten gewassen poffertjes. Ze worden, net als onze poffertjes, gemaakt van een gistdeeg en gebakken in een speciale pan, een Dalkenpfanne (ook Augenpfanne of Krapfenpfanne), wat hetzelfde is als onze poffertjespan maar dan met holtes die een stuk groter zijn. Daar komt ook de naam, dalken, vandaan: van het Tsjechische woordje voor die holtes in de dalkenpfanne: “vdolky”.
Dalken worden gewoonlijk opgediend per twee stuks, op elkaar, met daartussen een flinke lepel powidl, een dikke stroop van ingekookte pruimen, eventueel met nog wat zure room of plattekaas. Andere geliefde vullingen zijn vossebessen- of aardbeienmarmelade, maanzaad of walnoten, vanillesaus, abrikozenconfituur of Zwetschgenröster, en dan mag er vaak ook nog een dot room tussen. Maar wat de vulling ook is, ze worden -alweer net als onze poffertjes- altijd warm opgediend en bestrooid met poedersuiker.

Dalken

3½ dl. melk
1 blokje verse gist (42 gr.)
240 gr. bloem
2 eieren
40 gr. gesmolten boter
de schil van 1 citroen
een snuf zout
60 gr. suiker

400 gr. powidl
250 gr. zure room
poedersuiker

Verwarm een derde van de melk tot lauw. Los de gist erin op en meng het met ¼ van de bloem tot een brei. Dat heet de “Dampfl”. Bestrooi die Dampl met een beetje bloem en zet ze op een warme plek (max. 40ºC.). Laat ze een klein half uur staan, tot ze in volume verdubbeld is en het oppervlak scheuren vertoont.

Scheid de eieren en laat de boter smelten in een pannetje. Meng de gesmolten boter met de geraspte citroenschil, de eierdooiers, een snufje zout en de rest van de melk. Hierbij gaan de gerezen Dampfl en de resterende bloem. Werk het tot een beslag.

Klop de eiwitten stijf met de suiker en schep het voorzichtig onder het beslag. Zet het op een warme plaats en laat het nog eens een half uur staan. Het beslag vanaf nu niet meer roeren.

Nu gaan we de dalken bakken. Verwarm de dalkenpfanne tot matig heet. In iedere kuil laat je een klontje boter smelten. Giet twee eetlepels van het beslag in het kuiltje, bak ze lichtbruin, keer ze één maal met een vork en bak ze af. Ze worden, net als poffertjes, snel bruin (in ongeveer 3 minuten) en blijven van binnen zacht, bijna nog een beetje rauw zelfs.

De gebakken dalken hou je het best warm in een oven (70ºC.) terwijl je de rest van het beslag bakt.

Leg steeds twee dalken op een bord met daartussen powidl (of een andere vulling, zie hierboven), bestrooi ze met poedersuiker en zet ze op tafel.

 

Dalken
download dit recept

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Burgonyatorta
Aardappeltaart

Koud, glazig en een beetje verkleurd liggen ze je vanuit de koelkast aan te kijken: de gekookte aardappelen die van gisteravond zijn overgebleven. Niet bepaald een feestelijke aanblik… of toch wel? In Hongarije weten ze er wel raad mee. Een pondje koude aardappelen, wat suiker, wat bloem en wat boter en voor je het weet is het onzalige kliekje piepers getransformeerd tot een hartverwarmende taart.

Aardappeltaart

Voor deze Hongaarse aardappeltaart hebben we nodig:
4 eieren
250 gr. suiker
250 gr. gekookte aardappelen
3 el. bloem
3 el. paneermeel
half pak (1 theelepel) bakpoeder

voor het invetten van de vorm:
boter
bloem

en voor de crème:
100 gr. boter
100 gr. poedersuiker
250 gr. gekookte aardappelen
40 gr. cacaopoeder
2 el. rum
1 zakje vanillesuiker

Aardappeltaart
Een pond koude aardappelen van gisteren (zonder schil!) werk je door de aardappelpers. Geen kliekjes? Kook dan je de aardappelen, pel ze, werk ze door de pers en laat ze helemaal afkoelen. Verdeel de aardappelprut in twee delen van elk 250 gr.

Aardappeltaart
Scheid de eieren. Klop de eierdooiers met de helft van de suiker in een minuutje of vijf mooi schuimig met je mixer. Meng er dan het bakpoeder en de aardappelen door, en vervolgens de bloem en het paneermeel. Klop nu samen met de andere helft van de suiker de eiwitten tot een stevig schuim en schep ze door het mengsel.

Aardappeltaart
Vet een vorm (Ø 24 cm.) in met boter en bestuif met bloem. Hou de vorm even ondersteboven om de overtollige bloem kwijt te raken. Stort er het deeg in en strijk het glad. Bak het in de oven, 30 min. op 180ºC. Laat het gebak helemaal afkoelen.

Aardappeltaart
Voor de crème meng je de zachte boter met de poedersuiker. Vervolgens doe je er de tweede helft van de aardappelen, de cacao, de rum en de vanillesuiker door.

Aardappeltaart
Snij de afgekoelde koek overdwars in twee delen, zodat je twee “taarten” hebt. Bestrijk de onderste helft met de helft van de crème, leg het bovenste er weer op en bestrijk de hele aardappeltaart met de rest van de crème.

Aardappeltaart
Je kunt de aardappeltaart eventueel nog versieren met wat chocolaatjes of toefjes slagroom.

Aardappeltaart
Zet de taart een paar uur in de koelkast om op te stijven.

 

Aardappeltaart
download dit recept

Roemeense recepten      Gerechten uit de keuken van Roemenië

 

Ochi de păun
Pauwenogen

Bij het zien van dit kleurrijke Roemeense lekkernijtje krijgen we wel zo’n donkerbruin vermoeden waar ze de naam, pauwenogen, vandaan gehaald hebben. De twee vuurrode kersen de je, aan weerszijden van een zoete walnotenvulling, vanuit hun goudbruin gebakken deegbrilletje verleidelijk aankijken, doen onwillekeurig denken aan een vlindertje: ochi de păun, of, zoals we het diertje in het Nederlands noemen, de dagpauwoog. De associatie met dat brilletje, die verklaart dan meteen ook de andere naam waaronder dit gebakje bekend staat: prajitura ochelari oftewel bril-gebak. Ochi de păun is een bijzonder lekker gebakje dat betrekkelijk snel en vooral gemakkelijk te maken is. Snel, makkelijk & smakelijk. Dat is altijd goed nieuws.

Pauwenogen

voor een grote bakplaat vol van deze pauwenogen gaan we in huis halen:
500 gr. bloem
150 gr. boter
1 pakje (7 gr.) instant gist
1 snufje zout
1½ dl. lauwwarme melk
3 eieren

1 pot kersen op siroop (800 ml.)
100 gr. suiker
200 gr. gemalen walnoten of gemalen maanzaad
1 zakje vanillesuiker
1 tl. citroenzeste
6 el. jam (bessen, kersen, pruimen, rozenbottel….)
plus nog wat poedersuiker voor het bestrooien

Laat de kersen goed uitlekken. Scheid de eieren. De dooiers zijn voor het deeg; de eiwitten voor de vulling.

Meng de bloem met een snuf zout en de instant gist. Verwarm de melk samen met de boter tot lauwwarm. Meng het door de bloem, doe er de eierdooiers bij en kneed er een deeg van.

Verdeel het deeg in drie stukken en rol het dun uit tot 3 rechthoeken (ong. 25 x 35 cm.). Smeer de vellen deeg in met de jam en leg langs iedere lange zijde een rij kersen, dicht tegen elkaar en dicht tegen de rand.

Rol het deeg nu over de kersen aan beide kanten strak op naar binnen. In het midden, tussen de twee rollen, laat je een ruimte vrij van goed twee vingers breed.

Klop de eiwitten met de suiker en de vanillesuiker tot een stijf schuim. Schep de gemalen walnoten (of het gemalen maanzaad) en de citroenschilletjes er met een spatel door. Hiermee vul je de opengelaten ruimte. Dat gaat misschien het gemakkelijkste met een spuitzak.

Leg het gebak op een bakplaat dat je hebt bekleed met bakpapier en bak het aan 180º C. in drie kwartier, misschien wat langer, tot lichtbruin.

Laat het gebak afkoelen onder een keukendoek, bestrooi het met poedersuiker en snij het in plakken.

 

Pauwenogen
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Linzer Augen
Linzer ogen

Een echt ouderwets traditioneel kerstkoekje, dat niet alleen met Kerstmis, maar ook op andere gelegenheden gretig aftrek zal vinden.
Waarom de koekjes Linzer Augen heten? Wel: de ogen, dat zijn de drie gaatjes in de koekjes waardoor de mooie rode vulling van aalbessengelei naar buiten kijkt. Dat Linz, dat komt van het deeg: Linzer deeg is een korstdeeg gemaakt van bloem, suiker, boter, citroenschilletjes, een snufje kaneel en gemalen amandelen; hetzelfde deeg waarmee ook de wereldberoemde Linzer Torte wordt gemaakt.

Linzer Augen

Voor onze Linzer Augen hebben we nodig:
300 gr. bloem
200 gr. boter
100 gr. poedersuiker
1 zakje vanillesuiker
2 eierdooiers
100 gr. gemalen amandelen
1 snuf kaneel
de fijn geraspte schil van een halve citroen

en dan nog:
aalbessengelei
poedersuiker

Snij de boter in kleine stukken en laat ze op kamertemperatuur komen.

Doe nu alle ingrediënten (bloem, zachte boter, poedersuiker, vanillesuiker, eierdooiers, amandelen, kaneel en citroenschilletjes) in een schaal en kneed het snel tot een samenhangend deeg. Maak er een bal van, rol het in plasticfolie en laat het minstens een uur in de koelkast rusten.

Verwarm de oven voor op 180ºC.

Bestuif een werkblad met bloem en rol er het deeg dun op uit. Steek er cirkeltjes uit van ongeveer 5 cm.. In de helft van die cirkeltjes steek je nog eens drie kleine rondjes uit. Leg ze op een met bakpapier beklede plaat en bak ze in 10 – 12 minuten mooi lichtbruin.

Laat ze heel eventjes wat afkoelen en bestrijk de koekjes zonder gaten met de aalbessengelei. De koekjes met gaten bestrooi je met poedersuiker en leg je op de koekjes met de gelei. Druk ze heel lichtjes wat aan, zodat de gelei een klein beetje opbolt in de gaatjes.

Laat de koekjes op een rooster helemaal afkoelen en bewaar ze tot gebruik in een blik of plastic doos. Leg er wel bakpapier tussen zodat het geen plakkerige boel wordt. Zet ze op een koele plek en laat ze een paar dagen staan, daar worden ze nòg lekkerder van.

 

Linzer Augen
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Powidl Pofesen
Verloren brood met pruimenmoes

Pofesen, gebakken boterhammen, danken hun naam naar alle waarschijnlijkheid aan de pavese, het manshoge ridderschild uit het Italiaanse Pavia. Waarom? Wie het weet mag het zeggen, maar wij hebben geen flauw idee.
De herkomst van het woordje Powidl is iets minder mysterieus. Het is een fonetische weergave van het Tsjechische povidel en staat voor een stroperige moes van ingekookte pruimen. Die pruimenmoes, die smeren we tussen de Pofesen: twee sneden brioche op elkaar, die we vervolgens door melk, ei en verkruimelde amandelen halen en dan goudbruin bakken in het hete vet. Inderdaad, net ons eigen wentelteefje, maar dan dubbeldik en extra feestelijk opgedirkt.

Powidl Pofesen

voor 4 personen hebben we nodig:
8 sneetjes brioche
8 el. powidl (pruimenstroop)
1 dl. melk
3 eieren
1 zakje vanillesuiker
kaneel
zout
100 gr. geschaafde amandelen
botervet
poedersuiker

Snij het briochebrood in 8 schijven. Bestrijk de helft aan een kant met de pruimenmoes. Leg er een andere snee brood op en druk het goed op elkaar.

In een grote schaal klop je de eieren los met de melk, het zakje vanillesuiker, een snuf kaneel en een mespuntje zout.

Verbrokkel de geschaafde amandelen nog wat (maar maak er geen poeder van) en doe ze in een bord.

Verhit een royale laag (de Pofesen moeten er in zwemmen!) botervet in een koekenpan.

Doop de boterhammen even in de melk, haal ze dan door de losgeklopte eieren en tenslotte door de amandelen. Laat de boterhammen in hete hete vet glijden en bak ze goudbruin. Laat ze even uitdruipen op een stuk keukenpapier.

Bestrooi de Powidl Pofesen met poedersuiker en zet ze meteen op tafel. Ook lekker met vanille- of vruchtensaus, een bolletje ijs en stijf geslagen slagroom.

 

Powidl
download dit recept

Slowaakse recepten      Gerechten uit de keuken van Slowakije

 

Nanukové rezy

Als je nanukové rezy zou moeten vertalen, dan zou dat resulteren in iets als “ijslolly-sneden”. Het gebakje bestaat uit een bodem van een deeg van koffie en walnoten, met daarop een behoorlijk machtige vulling van melk en boter, afgedekt met een laagje chocoladeglazuur. Wat dat met ijslollies heeft te maken is ons niet helemaal duidelijk, maar het is in ieder geval een uiterst smakelijk en bovendien gemakkelijk te maken bakseltje.

voor het deeg hebben we nodig:
½ dl. sterke (koude) koffie
100 gr. gemalen walnoten
180 gr. bloem
1 zakje bakpoeder
4 eieren
100 gr. suiker

voor de vulling:
7½ dl. melk
30 gr. suiker
90 gr. bloem
250 gr. boter
100 gr. poedersuiker

en dan nog:
150 gr. pure chocolade
30 gr. boter

Scheid de eieren. Klop de dooiers los met het bakpoeder en 100 gr. suiker. Meng er de walnoten en de koude koffie door, en ten slotte -beetje bij beejte – de bloem. Klop de eiwitten stijf met een snufje zout en schep dat onder het beslag.

Bekleed een bakblik (25 x 28 cm.) met bakpapier (of vet het in met boter en bestuif het met bloem). Spreid er het deeg over uit. Bak het in 15 – 20 min. op 180ºC. mooi lichtbruin. Laat het helemaal afkoelen.

Voor de vulling meng je met een garde de suiker en de bloem door de melk. Zet op het vuur en verwarm het al roerend, zodat je een dikke pudding krijgt. Laat het afkoelen tot lauw.

Meng de (zachte) boter met de poedersuiker en meng het door de melk/bloem/suikerpudding. Met deze vulling bestrijk je het afgekoelde gebak. Zet het in de koelkast om op te stijven.

Smelt de chocolade met de boter au bain-marie. Bestrijk het gebak met de chocoladeglazuur en zet het nog even in de koelkast.

Als de chocolade hard is snij je het gebak in blokjes. Dat doe je het best met een scherp mes dat je in steeds even in heet water dompelt.

 

Nanukové rezy
download dit recept

Hongaarse recepten      Gerechten uit de keuken van Hongarije

 

Citromos tészta
Pasta met citroencrème

Uw diëtist(e) gaat hier niet blij mee zijn, maar lekker is het wel: citromos sült tészta, oftewel gebakken citroen-pasta. Het Italiaanse “tagliatelle al limone” kennen we natuurlijk allemaal wel, maar dit is iets geheel anders. In dit verfrissende maar mierzoete pastagerechtje worden de bandnoedels ondergedompeld in een romige crème van citroen, suiker, boter en eieren, in de oven gebakken en opgediend met een ferme mop al even mierzoete slagroom. Het is een gerechtje dat eigenlijk hoofd- en nagerecht in één is, en wordt doorgaans gegeten als snoeperig lunchgerechtje of als afsluiting na een flink bord voedzame, ferm gevulde maaltijdsoep.

Pasta met citroencrème

voor twee porties hebben we nodig:
2 citroenen (schil en sap)
2 eieren
100 gr. suiker
50 gr. boter
100 gr. bandnoedels met ei (Bandnudeln/szélesmetélt/tagliatelle/pappardelle…)
1 dl. slagroom – 1 (of 2) el. suiker

Kook de pasta in licht gezouten water gaar. Verwarm de oven voor op 180ºC.

Ondertussen maak je de citroencrème: rasp de schilletjes van de citroenen en pers ze uit. Snij de boter in blokjes.

In een steelpannetje klop je de eieren samen met de suiker schuimig met een garde. Klop er dan het citroensap door en de schilletjes.

Zet het pannetje nu op een laag vuurtje en verwarm het al roerend met een houten lepel tot het een dikke crème begint te worden. Roer er dan van het vuur af de koude klontjes boter door.

Meng de uitgelekte pasta met de citroencrème en verdeel het over twee ovenschaaltjes.

Zet de schaaltjes in een op 180ºC. voorverwarmde oven en bak ze 20 minuten. Tijd genoeg om je slagroom met een flinke lepel suiker stijf te kloppen.

Serveer de citromos tészta lekker heet met een flinke dot zoete slagroom ernaast.

 

Pasta met citroencrème
download dit recept

Sloveense recepten      Gerechten uit de keuken van Slovenië

 

Orehova potica
Walnoot potica

Deze traditionele potica verschijnt bij zowat elke feestelijke gelegenheid op tafel. Het gebak wordt gemaakt door een grote lap deeg uit te rollen, er een vulling op te smeren en het hele geval weer opgerold te bakken in de oven. De meest gebruikelijke vulling is deze, met walnoten, maar ook vullingen met maanzaad, plattekaas, hazelnoten, dragon, honing of andere smakelijke zaken zijn geliefd. Potica wordt gebakken in een vorm van geglazuurd aardewerk die verdacht veel lijkt op de ons welbekende pudding- of tulbandvorm. Die zou je hier dus zomaar eens voor kunnen gebruiken. Heb je die niet, dan leg je de rol deeg in de vorm van een cirkel op een ingevette bakplaat. Dat gaat ook prima, en het schijnt zelfs dat dat oorspronkelijk de manier was waarop potica werd gebakken.

Potica

voor het deeg hebben we nodig:
600 gr. bloem
30 gr. verse gist (of 10 gr. instant gist)
2 dl. melk
140 gr. suiker
1 zakje vanillesuiker
140 gr. boter
4 eierdooiers
de geraspte schil van ½ citroen

en voor de vulling:
600 gr. fijngehakte walnoten
3 dl. slagroom
250 gr. suiker
2 tl. rum
het wit van 3 eieren

Zeef de bloem in een grote kom. Maak er een kuiltje in en doe daar de gist in, een tl. suiker en wat lauwe melk. Laat het zo op een warme plek eventjes zijn gangetje gaan, tot de gist gaat schuimen (gebruik je instant gist, dan kun je dit uiteraard overslaan en het spul gewoon door de bloem mengen).

Ondertussen maken we snel even de vulling: verwarm de slagroom in een pannetje. Doe de walnoten en de suiker in een kom, giet er de warme slagroom over en de rum. Meng het goed. Klop de eiwitten stijf en schep die voorzichtig onder het mengsel.

Terug nu naar het deeg. Meng de rest van de ingrediënten onder de bloem en kneed er een soepel deeg van. Rol het uit tot een rechthoekige, dunne lap. Die bestrijk je met de walnotenvulling. Rol het deeg op. Vet een pudding- of tulbandvorm in met boter en leg er de rol in. Dek het af met een keukendoek en laat het op een warme plek een uurtje rijzen.

Zet de potica in een op 180ºC. voorverwarmde oven en bak hem in ± 60 min. gaar. Laat hem in de vorm wat afkoelen, sort de potica dan op een houten plank en bedek hem met een doek. Laat het gebak helemaal afkoelen.

Tot slot bestrooi je de potica met poedersuiker.

 

Potica
download dit recept

Oostenrijkse recepten      Gerechten uit de keuken van Oostenrijk

 

Donauwellen
Donauwellen

Een heerlijk taartje dat alles in zich verenigt wat een gebakje goed en lekker maakt: een luchtige bodem in twee kleuren, waarvan de cacao smakelijk contrasteert met de zure kersen die erover verdeeld worden; daarop een zijdezachte vanillecrème en dan ook nog eens een laag van zalige chocoglazuur. Dat glazuur, daarin wordt met een vork een golvend patroon getrokken, als de golven van de Schöne blaue Donau. Vandaar dus de naam van het taartje: Donauwellen.

Donauwellen

voor het deeg:
250 gr. boter
250 gr. suiker
1 zakje vanillesuiker
6 eieren
350 gr. bloem
1 zakje bakpoeder
2 el. cacao

1 pot (720 gr.) zure kersen (Sauerkirschen/morellen), zonder pit, uitgelekt

voor de crème:
1 zakje vanillepudding
½ l. melk
100 gr. suiker
250 gr. boter
1 citroen

en voor het glazuur:
100 gr. pure chocolade
100 gr. melkchocolade
50 gr. boter

Verwarm de oven voor op 180ºC.

Roer de boter tot schuim en meng er beetje bij beetje de suiker, vanillesuiker en de eieren onder. Meng de bloem met het bakpoeder. Zeef het er boven en meng het er door. Verdeel het deeg in tweeën. Een deel meng je met het cacaopoeder. Bekleed een bakplaat met bakpapier. Smeer erhet vanilledeeg over. Daarover komt het cacaodeeg, en daarover verdeel je de kersen.

Zet de bakplaat in het midden van de oven en bak het in ongeveer 30 minuten gaar. Laat het helemaal afkoelen.

Voor de crème roer je het puddingpoeder glad met 3 el. melk en de suiker. Breng de rest van de melk in een pannetje aan de kook. Roer er de puddingmassa in en kook het onder steeds roeren op. Neem het van het vuur en laat het afkoelen, maar roer het regelmatig om anders krijgen we van die vieze vellen. Tussen het roeren door klop je de boter schuimig. Roer er het sap van de citroen door plus de fijngesneden schilletjes van de helft van de citroen. Meng er nu de pudding lepel voor lepel door, en blijf roeren. Verdeel de crème gelijkmatig over het gebak en zet het in de koelkast.

Breek de chocolade in kleine stukjes en smelt het samen met de boter au bain-marie. Verdeel de chocomassa over het gebak en trek er met een vork mooie “Donau-golven” doorheen.

 

Donauwellen
download dit recept